Wereldwijde beldekking

Met een satelliettelefoon bel je (bijna) overal. Behalve een telefoon kies je voor een satellietvloot.

Mobiele satelliettelefonie begon met een klacht. ,,Waarom doet dat ding het hier niet'', vroeg de vrouw van Motorola-ingenieur Bary Bertiger vijftien jaar geleden tijdens een boottocht bij de Bahama's aan haar man, wijzend op hun mobiele telefoon. De reden was, en is nog steeds, dat het bereik van de zend-/ontvangpalen van een cellulair netwerk, zoals gsm, hooguit enkele tientallen kilometers bedraagt. Op volle zee valt er niks te beginnen, en in uitgestrekte wildernissen is het ook lastig. Vandaar dat Bertiger, samen met Ray Leopold en Ken Petersen, in 1987 begon aan een uiterst ambitieus project dat Motorola en andere investeerders 5 miljard dollar zou gaan kosten, en dat in 1998 operationeel werd: Iridium, een vloot van 66 satellieten op 780 kilometer boven de aarde. Waar je ook bent, altijd zoeft er door de ruimte boven je ten minste één Iridiumsatelliet. Die vangt het belsignaal op, geeft het door aan een grondstation, waar het per kabel wordt doorgeschakeld naar mevrouw De Vries in Steenwijk, of wie de bestemming ook is. Als de satelliet geen grondstation in zicht heeft, wordt het signaal van satelliet naar satelliet doorgegeven, tot een exemplaar dat wel een grondstation ziet. Een beetje technisch misschien, maar van belang voor wie een satelliettelefoon wil kopen: van de vijf systemen die nu operationeel zijn is Iridium het enige met echte werelddekking. Alleen zijn er enkele landen, waaronder Polen en Hongarije, waar Iridium verboden is. De telefoons doen het daar ook niet, omdat het Iridiumsysteem (door analyse van de gemeten Dopplereffecten) precies weet waar een beller zich bevindt.

Het andere laagbanige systeem, Globalstar, weet dat ook, maar de kunstmanen kunnen niet met elkaar communiceren. Drie jaar na de inauguratie van de satellietvloot zijn er nog steeds niet genoeg grondstations: in grote delen van Afrika bijvoorbeeld kun je niet bellen, terwijl er toch altijd wel een of twee satellieten boven je staan. En vanwege de baanhoek (65 graden met de evenaar) doet Globalstar het ook niet binnen de poolcirkels.

Zakelijk waren Iridium en Globalstar beide een immense flop. Iridium ging in 2000 failliet en werd voor een half procent van de bouwkosten overgenomen door de huidige exploitant van de vloot. Globalstar, nu met 60.000 abonnees, wordt kunstmatig in leven gehouden door grootaandeelhouder Space Systems Loral. Gemeten in aantallen verkochte telefoons lopen Iridium en Globalstar ver achter op Inmarsat, het onlangs geprivatiseerde consortium van PTT's dat al sinds 1982 satelliettelefonie biedt voor schepen op zee. Aanvankelijk waren de toestellen een paar honderd kilo zwaar en dus niet erg mobiel, maar het gewicht daalde naar minder dan twee kilo nu voor de Mini-M telefoon van omstreeks 2.500 euro. Overigens maakt Inmarsat noch een van de andere aanbieders van satelliettelefonie zelf telefoons: dat laten ze over aan onder meer Motorola, Panasonic, Kyocera, Nera, Ericsson en Thrane & Thrane.

De Inmarsattelefoons hebben het grote bezwaar dat je een antenne (meestal de deksel van de laptopvormige telefoon) op een van de Inmarsat-satellieten moet richten, zodat je er niet mee rond kunt lopen onder het praten. In een rijdende auto werkt Inmarsat alleen met een peperdure phased array antenne op het dak. De satellieten zijn namelijk geostationair: ze staan stil ten opzichte van de aarde, wat alleen lukt met een baanhoogte van 35.786 kilometer; de grote afstand vraagt om een goed gericht signaal. Ondanks die beperking is Inmarsat met meer dan 250.000 verkochte sets het populairste systeem. Waarom? De enorme betrouwbaarheid is waarschijnlijk de hoofdreden. Iridium- en Globalstarsatellieten bewegen ten opzichte van de aarde en kunnen dus ook ineens achter een gebouw of een berg zakken – weg verbinding! Alleen in vlak, onbebouwd gebied gaat het altijd goed. Veel Inmarsatgebruikers zetten de telefoon in een veilige kamer (tegen diefstal) met de antenne achter een raam en de deur op slot. En ze bellen met een DECT-systeem, beter bekend als draadloze telefoon, zodat één of meer gebruikers kunnen bellen en mobiel kunnen zijn binnen een straal van een paar honderd meter. Dat is dus veel goedkoper dan iedereen een Iridium- of Globalstartelefoon geven voor ongeveer 1.600 euro ex BTW.

Sinds twee jaar is het technisch mogelijk via een geostationaire satelliet te bellen met een telefoon zonder richtantenne. De truc is dat de satellieten zijn uitgerust met gigantische schotelantennes die opgevouwen meegaan bij de lancering. Er zijn twee systemen, beide met slechts één satelliet en dus maar een beperkt geografisch bereik. ACeS werkt alleen in Zuid-Oost- en Midden-Azië – Thuraya van Midden-Azië tot en met Europa en in Afrika tot de evenaar. Wie alleen binnen de Thuraya footprint moet zijn, heeft aan zo'n telefoon een goede koop (plm. 900 euro ex BTW), met relatief lage gebruikskosten en een goede datatransmissiecapaciteit van 9,6 kilobit/sec; Mini-M, Globalstar en Iridium blijven steken op 2,4.

Een voordeel van Inmarsat is en blijft de enorme continuïteit van het project. Alle andere systemen leiden financieel een wankel bestaan en de vraag is bijvoorbeeld of ze geld hebben voor nieuwe satellieten wanneer de brandstof (voor de stuurraketten) van de oude op is. Bij Globalstar is dat maar zeer de vraag, bij Iridium lijkt het nu te gaan lukken. Maar Inmarsat begint volgend jaar vrolijk met het lanceren van alweer de vierde generatie satellieten, elk met honderd keer zoveel transmissiecapaciteit als de huidige. Met de broadband global area network (BGAN) Inmarsat setjes die in 2004 op de markt komen krijg je een dataverbinding van 432 kilobit/sec, en dan niet circuit- maar pakketgeschakeld. In gewoon Nederlands: de verbinding staat steeds open, maar je betaalt alleen voor de bits die je verstuurt of ontvangt.

Dat is al realiteit met het Inmarsat M-4 systeem à 7.000 euro ex BTW per setje. Haast elke tv-kijker kent M-4, want daarmee brengen verslaggevers van Afghanistan tot bijna-barstende Chinese meren zichzelf steeds vaker en uiterst schokkerig – want met maar 64 kilobit/sec – in beeld. Vanaf eind dit jaar zullen dergelijke reportages half zo schokkerig worden met het twee maal zo snelle R-BGAN – ook van Inmarsat maar in afwachting van de vierde generatie satellieten even op de Thuraya satelliet, en dus ook alleen bruikbaar binnen die footprint.

De toekomst van mobiele satellietcommunicatie zit niet bij spraak, weet inmiddels elke investeerder, maar bij dataverkeer, en dan pakketgeschakeld. Om in de gaten te houden: ICO, ooit gestart als afsplitsing van Inmarsat, heeft een vloot van negen satellieten in de maak – één is al gelanceerd – die vanaf 2004 supersnel mobiel dataverkeer gaan leveren. BGAN maar dan nog kleiner en sneller. Ideaal om even een ingewikkelde spreadsheet te verzenden vanuit de Sahara of om tijdens een verregende vakantie in Binnen-Mongolië De kanonnen van Navarone te downloaden.

Websites: www.inmarsat.com; www.thuraya.com; www.iridium.com; www.globalstar.com; www.acesinternational.com; www.ico.com