Paard moet hangen

Op een mooie zomerse dag zag ik Karel terug aan het strand. Hij zat op een paard. Paarden zijn niks voor mij. Uit respect voor het edele dier houd ik minimaal twee meter afstand. Karel had me ooit leren paardrijden in vijf minuten tijd. Daarna waren we de hei op gegaan. Hij in galop. Ik belandde binnen één minuut als een zoutzak in het zand. Dat was de laatste keer.

In een manege ontdek ik dat bordje waarop staat dat Alles Voor Eigen Risico is. Dan lees ik op het prikbord een mededeling dat we Marieke het allerbeste wensen met haar schedelbasisfractuur.

Ik riep: ,,Hé, Karel!''

Hij antwoordde: ,,Kan niet stoppen. Mijn paard is warm.''

Dat was een hele korte ontmoeting. Ik besloot bij hem langs te gaan. Ik mocht Karel wel. Hij begroette me hartelijk. ,,Ik heb bezoek'', zei hij, ,,maar kom binnen.'' Hij was niks veranderd. Klein van stuk, atletisch gebouwd, grof in de mond maar goudeerlijk. Zijn lieve vrouwtje zei nog steeds niet veel. De woonkamer ademde gezelligheid. Aan de muren hingen afbeeldingen van renpaarden. Een oude bastaardhond scharrelde gemoedelijk rond de tafel. Op de bank zaten een oudere man en een jonge vrouw naast elkaar, ze keken somber. Ik herkende de man van vroeger. Maar of hij soapster was geweest of een bekende sportman wist ik niet. Ik kreeg koffie.

Kareltje hervatte het gesprek.

,,Ik zeg je'', zei hij tegen de man, ,,dat paard moet hangen.''

Hangen? Een paard hangen? Ik was een en al oor. De man op de bank wrong zijn grote handen. Hij zag het niet zitten. Dat was duidelijk.

,,Wij willen hem heel graag houden'', mompelde hij.

,,Je moet niet sentimenteel worden Henny'', zei Karel, ,,dat paard heeft pijn aan die voet. Ik zie het toch als hij zich verplaatst in de box.''

Ik begreep er niets van. Laat je een paard hangen als het pijn heeft in zijn voet?

,,We kunnen het toch nog een tijdje aanzien'', zei de jonge vrouw, ,,als het dan te erg wordt laten we hem inslapen.'' Kareltje ging voor ze staan.

,,Je moet hem nú laten hangen'', zei hij, ,,je hebt er niks meer aan. Kost alleen maar geld. Wat hebben jullie al niet aan de dierenarts uitgegeven? Dat is die knol niet meer waard. Laat mij dat paard verkopen. Krijg je een ander. Dan krijg je een paard waarop je verder kan.''

Karel was een harde. Dat was duidelijk. Als hij zelf pijn in zijn voet zou krijgen zou hij zonder twijfel gaan hangen. Daar twijfelde ik niet aan.

Henny en zijn jonge vriendin zaten dicht tegen elkaar aan. Ze hielden voet bij stuk: bij herhaling zeiden ze dat ze zo gehecht waren aan dat paard. Ook zeiden ze dat het zo'n goed paard was. Even later stapten ze op. Het werd stil in de kamer.

Ik vroeg om uitleg.

,,Een jaar geleden'', zei Karel, ,,komt Henny plotseling het terrein van de manege oplopen. Hij wilde leren paardrijden maar had geen geld voor lessen. Hij vertelde dat hij zijn sportschool had opgedoekt. Er was geen belangstelling meer voor een sportschool die maar één vechtsport in het pakket had. Hij wou iets te doen hebben. Hij was gek van paarden. Ik maakte een deal. Hij kon helpen met uitmesten en in ruil daarvoor heb ik die knol voor hem gekocht voor 1.200 gulden. Wist je dat Henny Europees kampioen is geweest?''

,,Was dat Henny Zwakhals?''

Karel knikte.

,,Dat paard is ook een kampioen'', zei Karel, ,,op de Veluwe staat een hele kast vol met prijzen van dat paard. Dat paard is een echte kampioen geweest. Springen, dressuur, alles kan dat paard. Nou denkt Henny dat hij dat paard al die kunstjes heeft geleerd, maar het is andersom. Dat paard heeft hem alles geleerd. Henny denkt dat hij een speciale band heeft met dat paard. Dat is onzin. Het is allemaal sentiment. Sentiment is nergens goed voor. Die knol is op. En of die nou in Nederland hangt of ik laat hem in België hangen of in Italië. Wat maakt dat uit? Ja mij maakt het wel uit, scheelt me 300 euro in de slachtprijs. In Nederland is geen markt voor paardenvlees. In België wel en in Italië helemaal. Wat maakt dat nou uit voor die knol? Ik geef hem een paar spuiten voordat ik hem wegbreng, dan loopt ie weer als een speer. Merken ze in Italië wel wat er aan de hand is.''

,,Maar je hecht toch aan zo'n beest?'', zei ik, ,,en een kampioen laat je toch niet zomaar slachten?''

,,Jij hebt mooi praten'', zei Karel, ,,ik heb zestig paarden staan. Als ik daar sentimenteel over word kan ik de manege wel sluiten. In die voet zitten allemaal dunne pijpjes, hetzelfde als je middenhandsbeentjes, en als daar rot in komt bij een paard kan je je wel blauw blijven betalen aan de dierenarts, en zeuren dat je zo aan dat beest bent gehecht en dat het zo'n goed paard is, maar beter wordt hij nooit meer. Dat paard moet hangen.''