Omstreden referendum over grondwet in Azerbajdzjan

In Azerbajdzjan hebben de kiezers zaterdag met grote meerderheid in een referendum ingestemd met wijzigingen van de grondwet. De Raad van Europa heeft de volksstemming als ,,niet correct'' veroordeeld.

Volgens officiële cijfers stemde 97,1 procent van de opgekomen kiezers in met de voorstellen van president Heydar Aliyev en deed 2,9 procent dat niet. 88,43 procent van het electoraat was volgens de Azerbajdzjaanse kiescommissie opgekomen – dit ondanks een boycot van 28 oppositiepartijen.

De aangenomen grondwetswijzigingen veranderen het kiesstelsel in Azerbajdzjan. Voortaan wordt het parlement volgens het districtenstelsel gekozen, en niet meer gedeeltelijk volgens het districtenstelsel en gedeeltelijk met landelijke partijlijsten. In het nieuwe systeem kunnen – zo klaagt de oppositie – kleine partijen nauwelijks nog in het parlement komen. In de toekomst zal bij presidentsverkiezingen een simpele meerderheid voldoende zijn (in plaats van een tweederde meerderheid). Een derde belangrijke wijziging betreft de positie van de `tweede man' in het systeem. Tot nu toe was de voorzitter van het parlement tweede man na de president. In het vervolg wordt de premier de tweede man; dat houdt ook in dat hij bij het aftreden of overlijden van de president automatisch diens voorlopige opvolger wordt. Volgens de oppositie probeert de 79-jarige Aliyev aldus zijn opvolging door zijn zoon Ilham veilig te stellen.

De internationale gemeenschap had het referendum al veroordeeld voor het zaterdag plaatsvond. Ze had bij het regime in Baku aangedrongen op uitstel van de volksstemming, maar die oproep werd genegeerd. Internationale waarnemers zijn ook niet gestuurd. Andreas Gross, lid van de parlementaire assemblee van de Raad van Europa, zei gisteren dat het referendum ,,incorrect'' is verlopen: ,,Ik heb agressie gezien en ik heb veel beweringen te horen gekregen [over intimidatie]. De cijfers zijn ook zo extreem eenzijdig dat duidelijk is dat er iets niet correct verliep.'' Hij zei dat het referendum ,,slecht'' was uitgevoerd.

Vorige week werd al duidelijk dat het bewind van Aliyev bang was dat de boycot door de oppositie tot een lage opkomst zou leiden. Daarom werd een grote campagne op touw gezet om zoveel mogelijk Azeri te ,,overtuigen'' te gaan stemmen. Op scholen moesten leerkrachten elk tien ouders overhalen naar de stembus te gaan. Als ze dat deden kregen de leerkrachten een loonsverhoging en de ouders gratis leerboeken. Werknemers in de gezondheidszorg en in staatsbedrijven kregen instructies om te gaan stemmen en eigenaars van kleine bedrijven kregen te horen dat ze hun deuren zouden moeten sluiten als ze niet kwamen stemmen. Vluchtelingen – één miljoen Azeri uit Karabach wonen nog steeds in vluchtelingencentra – werd verteld dat ze hun uitkering kwijt zouden raken als ze niet naar het stembureau kwamen.