Rupsen dwingen mezen eerder te broeden

De Nederlandse televisie heeft anders dan veel buitenlandse zenders een moeizame relatie met het Nederlandse wetenschappelijk onderzoek. Zelden komen Nederlandse onderzoekers aan het woord op televisie, laat staan jonge onderzoekers. Vaste wetenschapsprogramma's, zoals Noorderlicht, laten zich vaak verleiden om vooral de grote namen onder buitenlandse wetenschappers te interviewen. De autoriteit van deze vooraanstaande mensen zou dan moeten afstralen op het programma zelf.

De wekelijkse Teleac-serie Jota probeert het in samenwerking met de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen eens anders. In korte afleveringen van krap een kwartier geven jonge wetenschappers van eigen bodem een begrijpelijk beeld van hun onderzoek. Het levert aardige portretjes op. Wel wisselen de afleveringen sterk in kwaliteit, doordat goede beelden soms ontbreken en de eindredactie verzuimd heeft algemeenheden die sommige geïnterviewden vertellen te knippen.

Zondagmiddag vertellen Marcel Visser en Leonard Holleman hoe zij ontdekten dat koolmezen in het voorjaar steeds vroeger gaan broeden als gevolg van de temperatuurstijging. Door de warmer wordende lentes lopen de bomen eerder uit en verschijnen de rupsen het ideale babyvoer voor de koolmees ook een paar weken vroeger. Koolmezen zijn daardoor gedwongen hun eieren vervroegd te leggen, anders missen zij de piek in het rupsenaanbod. En dat is tragisch, want de rupsen die op een moment zo talrijk zijn verdwijnen enkele weken later onder de grond waar zij zich verpoppen tot vlinder. Buiten bereik van de koolmeesouders die wanhopig voedsel proberen te vinden voor hun hongerige kroost.

De Jota-aflevering van volgende week is heel anders, met etnograaf Gerard Rooijakkers die onderzoek doet naar rituelen van Nederlanders. Hij bezoekt een `kosmische klok', een kunstwerk even buiten Lelystad, waar drommen mensen zich hebben verzameld om het feest van de zonnewende bij zonsopgang te vieren. Rooijakkers legt alles vast op video. Hij analyseert dat Nederlanders behoefte hebben aan nieuwe rituelen in deze tijd van globalisering.

Grappig is dat bioloog Visser en etnograaf Rooijakkers met hun totaal verschillende onderzoeksobjecten tot een gelijksoortige veralgemenisering komen. ,,Het gaat niet om de koolmees. Als je goed kijkt, zul je overal in de natuur hetzelfde vinden.'' En: ,,Mij interesseert niet het feest van de zonnewende, maar wat Nederlanders belangrijk vinden in rituelen.''

Jota, zondag, Ned.1, 17.42-17.53u.