Oorlogskind uit de Belgische zakenelite

Getekend door de oorlog heeft de 74-jarige Vlaming André Leysen zich ontwikkeld tot één van de grootste entrepreneurs van België. Dat verleden is er mede oorzaak van dat hij ondanks zijn succes altijd bescheiden is gebleven.

Hoe vaak zijn het niet gewoon de omstandigheden die ondernemers voor blunders behoeden? Neem een van de grootste entrepreneurs van België, André Leysen, die ook bekendheid kreeg door bestuursfuncties in het Nederlandse en Duitse bedrijfsleven. Begin jaren zeventig werd hij door een gerenommeerd scheepvaartbedrijf gepolst om samen grote tankerschepen te laten bouwen bij de Boelwerf in Antwerpen. Dat leek Leysen een lumineus idee. Het door hem geleide Antwerpse scheepvaartbedrijf Ahlers zou met een participatie van 25 procent veel geld kunnen verdienen, want de tankervaart was vlak voor de oliecrisis zo lucratief dat met vijf vaarten de bouw van een schip werd terugverdiend. Maar Leysen zag er vanaf, omdat de brug van Temse voor de 125.000 ton metende tankers een onneembare barrière was. Even was met de gedachte gespeeld de schepen in tweeën te snijden en in Vlissingen weer aan elkaar te lassen. Dat bleek onhaalbaar. Gelukkig maar. Enkele maanden later stortte de tankermarkt in. Leysens scheepvaartonderneming Ahlers zou de klap niet hebben overleefd.

Ook als topman van het Belgisch-Duitse fotografiebedrijf Agfa-Gevaert merkte Leysen dat mazzel een ondernemer groter kan maken. Begin jaren tachtig werd het voortbestaan van Agfa-Gevaert bedreigd door een torenhoog opgelopen zilverprijs, als gevolg van speculatie door de Texaanse gebroeders Hunt. De zilvercrisis maakte het voor Leysen gemakkelijker de noodzakelijke herstructureringen door te voeren, waardoor met succes de concurrentie met Kodak kon worden aangegaan. Toen de zilverprijs weer daalde, maakte Agfa-Gevaert een mooie winst. Agfa-Gevaert kwam daarna in handen van Bayer, waarna Gevaert onder Leysens leiding een lucratieve holding werd. Zijn naam in Duitsland was gevestigd. Leysen zei later dat de gebroeders Hunt wat hem betreft een ,,zilveren standbeeld'' verdienden.

De inmiddels 74-jarige Vlaming André Leysen is tamelijk bescheiden gebleven. Zelfrelativering klinkt ook door in de biografie die journalist Jan Bohets van dagblad De Standaard onlangs over hem publiceerde. Leysen was een maatschappelijk betrokken ondernemer. Het onderscheidt hem van die andere grote Belgische zakenman, de Waalse nouveau riche Albert Frère, die vooral het eigen fortuin wil vergroten. Ten tijde van de Belgische crisis begin jaren negentig werd Leysen zelfs als kandidaat-premier genoemd, die België uit de misère moest halen. Als voorzitter van de Belgische werkgevers ging hij op scholen en universiteiten vaak met jongeren in debat. Als lid van de Ronde Tafel van topondernemers werkte hij aan Europa. En met steun van koning Boudewijn spande hij zich in voor begrip tussen Vlamingen en Walen.

Toch is er ook een overeenkomst tussen Leysen en Frère: geen van beiden heeft een hogere opleiding. Voor Leysen komt dat door een misstap in zijn jeugd. Als kind van Duitsgezinde ouders sloot hij zich in Antwerpen aan bij de Hitlerjugend, een verleden waarover de schuldbewuste Leysen een openhartig boek schreef. Ook zat hij op de Duitse school van Antwerpen, die door de oorlogsomstandigheden met de leerlingen naar Berlijn verhuisde. Wegens zijn oorlogsverleden zat hij korte tijd gevangen en kon hij geen verdere opleiding volgen. Zijn vader was na de oorlog als ondernemer geruïneerd, de jonge Leysen verdiende zijn eerste geld met de handel in ingeblikt kippenvlees.

Leysen heeft zich zijn hele leven lang willen revancheren. Niet uit wrok tegen de maatschappij, maar om goed te maken wat hij in zijn jeugd had misdaan. Leysens grote kennis van het Duits hielp hem in zijn internationale ondernemerscarrière, die begon door bij de Antwerpse scheepsagentuur Ahlers van zijn Duitse schoonvader in dienst te treden.

Door de verkoop van dit bedrijf was Leysen op zijn 43-ste financieel onafhankelijk, waarna hij met zijn geld toegang kreeg tot de voor het Belgische kapitalisme zo kenmerkende holdings. Het tekent Leysen, die voor de centen niet meer hoefde te werken, dat zijn internationale ondernemerscarrière toen pas echt begon. Via Gevaert werd hij topman bij Agfa-Gevaert, waar hij als succesvolle saneerder naam maakte. Nederlandse bedrijven als Philips en SHV haalden hem binnen in de raad van commissarissen. De waardering voor Leysen in Duitsland was zo groot dat hij een functie kreeg in de bestuurstop van de Treuhandanstalt, die na de val van de Berlijnse Muur de sanering en privatisering van Oost-Duitse staatsbedrijven moest regelen. Van die periode dateert Leysens persoonlijke vriendschap met bondskanselier Helmut Kohl.

Leysens Duitse activiteiten leidden ook tot de grootste zeperd in zijn ondernemerscarrière: het schandaal rond bouwgigant Philip Holzmann. Op aanraden van Leysen had holding Gevaert een aandeel van 30 procent genomen. Leysen bekleedde al jaren een bestuursfunctie bij Deutsche Bank en had vertrouwd op informatie van deze grootste Duitse bank, die kredietverschaffer was van Philip Holzmann en ook de bestuursvoorzitter had geleverd. In een affaire die overeenkomst vertoont met de recente Amerikaanse boekhoudschandalen, vielen er lijken uit de kast. Leysen voelde zich belazerd door Deutsche Bank, waarmee hij nog steeds in een juridische procedure is verwikkeld. De feiten in Bohets boek maken nog eens duidelijk dat ondernemers met mooie praatjes gemakkelijk de allure van ongure tweedehands-autoverkopers kunnen aannemen.

Het lijkt erop dat André Leysen in zijn dagboeken, waarover auteur Bohets kon beschikken, niet het achterste van zijn tong laat zien. Als lezer wil je soms meer weten dan de schrijver te bieden heeft. Zoals over de tegenstelling tussen Vlaams en Franstalig kapitaal bij de uitverkoop aan het buitenland van de Generale Maatschappij, de grootste holding van België met belangen in sectoren als energie en bankwezen. Of over de rol van het Belgische koningshuis in politiek en economie. Leysen weet daar vast meer van. Toch geeft de biografie een goed beeld van een markante Belg, die zich nauw betrokken voelde bij de opbouw van het naoorlogse Europa. Ook kan de biografie ondernemers met opgeblazen ego's tot enige bescheidenheid stemmen.

Jan Bohets: Met weloverwogen lichtzinnigheid, de biografie van André Leysen. Lannoo. 332 blz. 22,50 euro.