Beyoncé en de terugkeer van het afrokapsel

Zangeres Beyoncé Knowles zet met haar afrokapsel de toon in de derde Austin Powers-film, die donderdag in Nederland première gaat. De funkstijl herleeft, tot vreugde van Bernard Hulsman.

Onder popkenners staan de jaren zeventig bekend als een barre tijd. Het waren de jaren van de decadente symfonische rock, van megalomane groepen als Yes, Pink Floyd en Genesis, van de langdradige hippiemuziek van The Grateful Dead en ook van de brave countryrock van groepen als The Eagles. Pas met de punk en de new wave kwam aan de verschrikkelijkste aller poptijdperken een einde, zo beweren ze.

De kenners luisteren met `gekleurde' oren, want in werkelijkheid waren de jaren zeventig een bloeitijd van de zwarte muziek. Marvin Gaye, James Brown, Curtis Mayfield, Sly Stone en Stevie Wonder maakten hun beste platen in het begin van de jaren zeventig. In Philadelphia had het label Philadelphia International Records met zijn prachtige, nieuwe, gepolijste soulgeluid de rol van Motown als hitfabriek overgenomen. En midden jaren zeventig zorgde een niet te stuiten stroom muziek van groepen als Parliament en Funkadelic voor topjaren van de funk. Nooit zou de funk beter worden.

Dit hebben de makers van Goldmember, de derde film van de stuntelspion Austin Powers alias Mike Myers, goed begrepen. In een tijdmachine is Powers in het funkjaar 1975 terechtgekomen. Powers is trouwens niet de enige die terugkeert naar midden jaren zeventig. Ook de nieuwe clip van de Amerikaanse rapper Snoop Dogg speelt zich halverwege de jaren zeventig af. Iedereen in de clip, ook Snoop Dogg zelf, heeft een afrokapsel en gaat gekleed in broeken met wijde pijpen en jasjes met enorme revers. De muziek van `Undercover Brother', de nieuwe single Snoop Dogg, is gebaseerd op het volkslied van de funk: `Tear The Roof Off The Sucker' van Parliament uit, jawel, 1975. In de clip is een belangrijke rol weggelegd voor Bootsy Collins, de legendarische bassist van Parliament die nooit zijn grote stervormige zonnebril afzet en altijd gekleed gaat in enkellange, glimmende jassen en gigantische laarzen. Ook nu-soulzangeressen als Angie Stone, die altijd al door de jaren zeventig zijn geïnspireerd, hebben weer afro-hairdo's.

Maar goed, in Goldmember krijgt Austin Powers hulp van Foxxy Cleopatra, gespeeld door Beyoncé Knowles, de belangrijkste zangeres van het arrenbie-trio Destiny's Child. Ze lijkt zo weggelopen uit een blaxploitation-movie uit de jaren zeventig: met haar afrokapsel en glimmende, extravagante kleding ziet ze eruit als een funkdiva.

Knowles heeft ook een bijdrage geleverd aan de soundtrack van Goldmember met haar single Work It Out. Zoals het hoort in een film die zich in 1975 afspeelt, is Work It Out een funknummer. De videoclip van Work It Out, die al een paar weken is te zien op de videoclipstations, is bijna een parodie op de jaren-zeventig-funk. Alle bandleden hebben kolossale afrokapsels en ze gaan gehuld in overdreven glitterende kleren. Ook de muziek heeft iets parodistisch: in het refrein klinkt steeds een lage saxofoontoon die op de lachspieren werkt. Maar voor de rest klinkt Work It Out als een fantastisch funknummer dat weliswaar hoorbaar een ode brengt aan de funk van de jaren zeventig, maar door de grotendeels elektronische productie meer is dan een herhaling.

Beyoncé Knowles verenigt al het goede uit de soul en funk van dertig jaar jaar geleden én de arrenbie van nu: ze zingt als Aretha Franklin, gaat gekleed als een jonge Tina Turner en schudt met haar kont, zoals alleen hedendaagse arrenbie-meisjes dat kunnen. Nooit was de funk beter dan in Work It Out.

De film `Austin Powers Goldmember' gaat donderdag in première.

Zaterdag 31 aug. v.a. 23 uur is er in de Amsterdam Studio's Duivendrechtsekade 85, een `Shagadelic Dance Event', in Austin Powers' jaren zeventig stijl.