Schreeuwen en zingen gaat niet

De zangeres Maaike Widdershoven speelt de hoofdrol in een nieuwe opvoering van de musical `The Sound of Music' die in september in première gaat. In New York kreeg ze stemadviezen van Julie Andrews.

`Ik wou dat ik wild als de wind door de bomen zong, / Net zo dwars als het weer of zo woest als een beek / Van de rotsen sprong voor een duik in het meer.'' In de kantine van de Amsterdamse studio Focus reciteert het 33-jarige musicaltalent Maaike Widdershoven een stukje tekst uit The Sound of Music, een nieuwe productie van Joop van den Ende. De overbekende musical met klassiek geworden liedjes als `Edelweiss', `Do, re mi' of `Climb every mountain' heeft een eigentijdse Nederlandse vertaling gekregen van dramaturg en tekstschrijver Daniël Cohen. ,,Ik ben er blij mee,'' zegt ze. ,,Hij heeft de tekst met veel humor vertaald. Het is niet oubollig en het past bij de jaren dertig waarin het speelt. Hij heeft veel met metaforen gewerkt, je hebt meteen een beeld bij wat je zingt. Hij zit elke dag bij de repetities. Als hij een zin niet goed vindt lopen, of ik heb er moeite mee, dan komt hij de volgende dag met iets nieuws.''

De repetities zijn al een maand gaande, 4 september is de eerste try-out in Bussum en op 22 september volgt de première in het Amsterdamse Carré. Maaike Widdershoven speelt er naast Hugo Haenen de hoofdrol in. The Sound of Music was twee maal eerder in Nederlandse theaters te zien, in 1964 met Johan Heesters en Mieke Bos, in 1995 in een versie van het Koninklijk Ballet van Vlaanderen met An Lauwereins en Ernst Daniël Smid. Maar het is vooral de Amerikaanse filmversie uit 1965, met in de hoofdrol Julie Andrews, die de liefhebbers op het netvlies gebrand staat. ,,Het is wel moeilijk als mensen met de film in het achterhoofd gaan kijken, want het wordt natuurlijk heel anders. Het is oorspronkelijk een theatermusical. Alles klopt in dat stuk, we stuiten ook op andere elementen dan in de film, zo zit er een terzet in dat in de film niet voorkomt. En je hebt geen eindeloze close-ups, de scènes gaan gewoon door en er zijn mooie oplossingen gevonden voor de overgangen. Paul Eenens, de regisseur, heeft zich enorm in de tekst en de inhoud verdiept. Alle spelers, ook de mensen in het ensemble, kennen hun plaats en functie in het geheel en weten tot in detail wat voor personage ze voorstellen. Ik heb nog nooit meegemaakt dat daar zo veel aandacht aan werd besteed. En de liedjes zijn lyrisch en heerlijk om te zingen. Ik voel ik me als een vis in het water.''

Temperamentvol

Maaike Widdershoven speelt de rol van Maria von Trapp. De musical van de hand van Richard Rodgers en Oscar Hammerstein uit 1959, is gebaseerd op het boek The Story of the Trapp Family Singers (1949). Dat beschrijft het levensverhaal van de Oostenrijkse Maria Augustina Kutschera (1905-1987), die vanaf haar zesde wees was en omstreeks haar achttiende op het punt stond in te treden in een benedictijner abdij bij Salzburg. Maar omdat ze wat te temperamentvol, onafhankelijk en recalcitrant leek voor het kloosterleven en het haar ook nog ontbrak aan voldoende religieuze achtergrond, werd ze eerst maar eens uitgezonden om te kijken of het haar echt ernst was.

Ze kwam terecht als gouvernante bij de marinekapitein baron Georg von Trapp (gespeeld door Hugo Haenen), een weduwnaar met zeven kinderen. In 1927 vroeg hij haar ten huwelijk, en samen kregen ze nog twee kinderen. De muzikaal begaafde familie won in 1936 een zangcompetitie in Salzburg. Nadat de Duitsers in 1938 Oostenrijk waren binnengevallen vluchtte het gezin naar Amerika, waar het tot 1956 als de Von Trapp Family Singers succesvolle tournees maakte. Maria vertrok later als missionaris naar Nieuw Guinea. Op 82-jarige leeftijd overleed ze daar.

In de jaren vijftig werden in Duitsland twee films gemaakt op basis van het boek. De filmversie van de musical met Julie Andrews, die de rol ook op het toneel speelde, was jarenlang een kassucces.

Om zich op de rol voor te bereiden las Maaike Widdershoven het boek en een biografie van Julie Andrews en bekeek ze de Amerikaanse musicalfilm en de Duitse film uit 1958 met Ruth Leuwerik in de hoofdrol. Van de echte familie Von Trapp zag ze alleen foto's. Daaruit bleek dat de echte Maria in de verste verte niet leek op de mooie, frêle Andrews of de al even mooie en frêle Widdershoven. ,,Het was een robuuste, wat boersige vrouw, ze zag er echt Oostenrijks uit. Uit haar dagboeken blijkt dat ze zwaar religieus was, voor alles had ze wel een bijbeltekst bij de hand. Maar ze was ook rebels, een vrouw met pit. Een `recalcitrante postulante' zingt een nonnenkoortje in de musical, `onvoorstelbaar onvoorspelbaar'. De musical geeft een geromantiseerd beeld, maar het is wel waar dat ze de kinderen heeft leren zingen en het hart van de nogal militaristische kapitein heeft veroverd. De echte Maria is ook even te zien in de film. Als Julie Andrews het lied `I have confidence' zingt bij een fontein met paarden, loopt zij achter door het beeld.''

Bij de voorbereiding hoorde ook een bliksembezoek aan New York waar Widdershoven een kwartier de tijd kreeg om met Julie Andrews te praten. Andrews (66) schrijft tegenwoordig kinderboeken en was in New York om haar boeken te promoten. In het korte gesprek gaf ze de nieuwe Maria vooral een aantal praktische stemadviezen. ,,Ze raadde me aan mijn stem niet te forceren, 's ochtends geen lange telefoongesprekken te voeren, geen ijskoude drank na de voorstelling te drinken en goed te slapen. Ze was precies zoals in de film: open, lief, warm en echt geïnteresseerd. Helaas mocht ik maar een kwartier met haar praten. Ik had veel vragen, maar ik kon er maar een paar stellen. Ik vroeg bijvoorbeeld hoe het haar lukte om zo eerlijk, sprankelend en ontwapenend over te komen in zo'n zoetelijke film. Volgens haar hadden zij en haar tegenspeler Christopher Plummer geprobeerd vals sentiment uit te bannen en in de eerste plaats twee mensen uit te beelden die niet met hun gevoelens overweg konden, maar tussen wie wel een bepaalde chemie bestond. Zo wil ik dat ook doen. Ik wil boven alles dat sentimentele vermijden.''

Beatle-liedjes

Maaike Widdershoven werd op 14 februari 1969 geboren in Epse bij Deventer, maar groeide op in Oss. Pas na haar eindexamen middelbare school besloot ze verder te gaan met zang. ,,Mijn moeder had een mooie stem en mijn broertje is heel muzikaal. Hij zingt en speelt gitaar, hij heeft echt `soul'. Als ik Beatle-liedjes bij de gitaar zong zei hij altijd: `je hebt helemaal geen soul, man'. Maar verder deden we thuis vooral aan sport. We hockeyden allemaal, vier keer in de week trainen en dan ook nog wekelijks een wedstrijd. Ik zong altijd wel, maar ik had niet door dat je zang kon studeren. Op mijn vijftiende heb ik me bij de muziekschool aangemeld, maar ik moest wachten tot ik 18 was voor ik zangles mocht nemen. Ik ben toen eerst een jaar muziektherapie gaan studeren en werd daarna aangenomen op het conservatorium in Utrecht.''

Na twee jaar studie lichte muziek en zang stapte ze over op klassieke zang. In 1995 studeerde ze cum laude af als uitvoerend musicus. Ze gaf liederenrecitals en kwam al tijdens haar studie in aanraking met de wereld van de musical.

Van 1994 tot 1996 speelde ze, afwisselend met een andere zangeres, Christine in The Phantom of the Opera. Daarna vertolkte ze twee seizoenen lang de hoofdrol, ook een Maria, in West Side Story. ,,Dat was de rol van mijn leven, het was twee jaar lang feest. Het is de meest gave muziek die er bestaat. Nog steeds, als ik de muziek hoor, kan ik lachen en huilen tegelijk.''

In het seizoen 1998/1999 had ze een rol in Anatevka en vorig jaar was ze te zien in de Nederlandse musical Rex. Het overnemen van de titelrol van Elizabeth Bouwes in de musical Elizabeth was een van haar moeilijkste opgaven. ,,De rol was Pia Douwes op het lijf geschreven. Zij heeft van nature een musicalstem met een belt (een hoog opgetrokken middenregister) die tot in de hemel gaat. Ik heb een veel ronder, klassiek geluid. Ik heb ontzettend moeten knokken en enorme angsten moeten overwinnen. Ik was zo bang om met haar te worden vergeleken dat ik me niet kon laten gaan. Op de repetities dachten ze dat ik het nooit zou trekken. De eerste voorstelling ging goed, maar ik bleef me onzeker voelen en moest mezelf geregeld oppeppen en voorhouden dat ik het kon. Pas in de allerlaatse voorstelling heb ik gezongen en gespeeld of mijn leven ervan af hing en heb ik laten zien dat ik het echt kon. Het voelde als een première, maar dat had ik natuurlijk al in het begin moeten voelen.''

Zangtechnisch maakt het niet veel uit of je musical of klassiek zingt, vertelt ze. ,,Alleen moet je in de musical met minder vibrato zingen. Alles moet strakker. En het is belangrijk dat de tekst goed overkomt. Bij klassieke zang leer je zonder microfoon de achterste rijen in de zaal te bereiken. Daarvoor moet je stem een stevige kern hebben en daarom klinkt het vaak zo onnatuurlijk als operazangers musical zingen. Dat moet je kwijt zien te raken. Nu had ik al niet zo'n operastem, ik ben meer een liedzangeres. Mijn stem is lichter, ik heb niet dat volume van operazangers. In de musical zing je met microfoon, meestal een heel klein ding op je hoofd. En dan is er een geluidstechnicus die kijkt, die de handen aan de knoppen heeft en voelt waar je naartoe wilt. Zo iemand heeft een extra zintuig en kan je maken of breken. Soms hoor je dat het niet goed gaat, maar als je slecht bij stem bent, kan de technicus je ook weer helpen door meer galm of wat meer volume te geven als de toon wat fragiel is.''

De nieuwe Van den Ende-productie staat tot en met 6 juli op het programma van twaalf grote theaters in Nederland. Een musicalseizoen kent een moordend tempo, waar geen operazanger zich aan zou onderwerpen. Zeven voorstellingen in de week staan Widdershoven te wachten, al is er zo nodig wel een understudy. ,,We repeteren nu met drie ploegen kinderen voor de voorstellingen in Amsterdam en Bussum. In totaal zijn 118 kinderen geselecteerd. In de andere plaatsen worden de kinderen apart getraind en hebben ze overdag één doorloop met ons. Ik kan me dan niet veroorloven zachtjes te zingen, want als ik 's avonds plotseling voluit zing, raken ze misschien in de war. Dat betekent dat ik wel acht keer per week voluit moet gaan. Maar het is ook erg leuk met de kinderen. Bij de eerste repetities stond ik versteld wat ze al konden. Ze kennen niet alleen hun eigen tekst, maar ook de onze. Als je even je tekst kwijt bent, voel je zo'n kinderhandje op je arm en krijg je wat toegefluisterd.''

Om de vele optredens aan te kunnen leeft ze als een topsporter. Ze heeft nog wekelijks zangles van Setske Mostaert, die haar techniek op peil houdt, doet dagelijks logopedie-oefeningen en staat onder controle van een KNO-arts. ,,Ik heb last gehad van knobbeltjes op mijn stembanden, juist in een periode dat ik niet zong, maar wel veel privéproblemen had. Het blijft een zwakke plek, die als eerste opspeelt als je vermoeid bent, of te veel van de stem hebt geëist. Sommige zangers hebben daar geen last van, maar ik ben er erg gevoelig voor. Ik voel me ook schuldig wanneer ik wat heb zitten nakletsen met een glaasje wijn, want ik weet dat het de volgende dag averechts werkt.''

Himmler

Met regisseur Paul Eenens en tegenspeler Hugo Haenen maakte ze een uitstapje van anderhalve dag om Salzburg en andere plaatsen waar verhaal en film zich afspelen, te bezoeken. ,,We hebben het klooster gezien waar ze uitkeek op de bergen waarvan ze zoveel hield en waarover ze later moesten vluchten. En ook het huis in Aigen bij Salzburg waar de Von Trapps hebben gewoond. Na hun vlucht is het door de nazi-leider Heinrich Himmler ingenomen. Het was enorm groot, veel soberder dan het huis dat ze in de film hebben gebruikt, maar alles was heel herkenbaar. Zelfs het hekje bij het meer waar Maria en de kinderen doorheen komen nadat ze met een bootje zijn omgekiept, hebben we gezien.

Meer dan de in de film wil regisseur Paul Eenens in de musical de nadruk leggen op de politieke situatie in die tijd en de keuzes waar de betrokkenen voor stonden. ,,Hij heeft veel kleine momenten ingebouwd waarin het publiek de dreiging merkt van het opkomend nazisme. Het wordt echt wrang wanneer de situatie uit de hand dreigt te lopen. Ik hoop dat dat straks ook op het publiek overkomt. Wat mooi is in de musical is ook dat Maria een hele ontwikkeling doormaakt van naïef, recalcitrant en ontwapenend tot een volwassen vrouw die aanvoelt wat er speelt. Rodgers en Hammerstein hebben dat goed in de muziek tot uitdrukking gebracht. In het begin zijn de liedjes, hoog, vrolijk en leuk en in de tweede akte zijn ze lager en zwoeler. Als het gevaar dichtbij is gekomen, is het uiteindelijk Maria die het heft in handen neemt en de beslissing neemt om te vluchten.''

Maaike Widdershoven heeft al enkele jaren acteerles en wil zich daar in de toekomst ook meer op richten. ,,Ik zal niet snel meer in een doorgecomponeerde musical gaan spelen. In het acteren kan je meer van jezelf kwijt. Zingen is gecultiveerder, je kunt bijvoorbeeld niet schreeuwen en zingen tegelijk. Je kunt ook langer doorgaan met acteren, want er hoeft maar even een keelontsteking in de groep te heersen en je raakt je zangstem kwijt. The Sound of Music is eigenlijk meer een toneelstuk met liedjes.''

`The Sound of Music' gaat op 22 september in première in het Koninklijk Theater Carré, Amsterdam. Aldaar t/m 13 okt. en van 11 jan. t/m 23 febr. 2003. Tournee t/m 6 juli. Try-outs in `t Spant Bussum (4-14 sept) en Carré (18-21 sept). Res. 0900-300 5000,

inl. www.musicals.nl.