Ook Nederland onder water bij extreme regen

Velen denken dat een ramp zoals die zich nu in Midden-Europa voltrekt in Nederland nooit plaats kan vinden omdat hier na de bijna-overstroming van 1995 de dijken op hoogte zijn gebracht. Helaas, niets is minder waar. De langdurige intensieve regenval leidde in de veelal bergachtige gebieden van Duitsland en Tjechië met veel bebouwing dichtbij de rivier tot waterstanden van 10 m. boven normaal, vaak in een onvoorzien hoog tempo. Plaatselijk viel meer dan 300 mm. regen binnen 24 uur. Dat is in één dag bijna de helft van de gemiddelde jaarhoeveelheid in Nederland. De waterstanden die zijn gemeten geven aan dat het om een gebeurtenis gaat die in duizend jaar niet is voorgekomen. De ramp wordt al `millenniumvloed' genoemd. Als in de buurt van ons land dezelfde hoeveelheid water in korte tijd was gevallen, dan zou nu een groot deel van het Nederlandse rivierengebied onder water staan.

Nederland is een delta. Dit betekent dat een internationale aanpak geboden is. Tegen een waterramp die één keer in de duizend jaar voorkomt, zoals nu in Tsjechië, is Nederland onvoldoende beveiligd. De materiële schade zou ook hier gigantisch zijn. Omdat wij over betere voorspellingsmodellen beschikken zouden we mogelijke rampen iets eerder onderkennen. Maar we moeten ons realiseren dat het eigenlijk toeval is dat het nu in Midden-Europa plaatsvindt en niet bij ons.

Tijdens het hoge water in 1995 in ons land was er plotseling een grote politieke daadkracht en brede steun om de problemen snel aan te pakken. Het proces van dijkverbetering werd aanzienlijk versneld. Binnen enkele maanden werd een noodwet uitgevaardigd om procedures te versnellen. Honderden miljoenen extra kwamen beschikbaar voor het Deltaplan Grote Rivieren. Het was een klein wonder: vóór het jaar 2000 werden door de waterschappen 600 km. dijken versterkt met volop steun van rijk en provincies. Wateroverlast met veel schade in diverse regio's binnen Nederland in 1998 leidde tot het rapport `Waterbeleid in de 21e eeuw' van de commissie Tielrooy. De conclusie: het versterken van dijken is niet langer de enige veiligheidsmaatregel. We moeten zoveel mogelijk water vasthouden en bergen en dán pas afvoeren. Voorts zou het niet-afwentelingsbeginsel moeten gelden: Nederland is het laagste deel in de stroomgebieden van de Rijn en de Maas. Het buitenland moet het probleem niet afwentelen op Nederland, het regionale systeem niet op het hoofdsysteem, de stad niet op het land, et cetera.

In het rapport-Tielrooy zijn verschillende scenario's uitgewerkt, rekening houdend met klimaatverandering, zeespiegelrijzing en bodemdaling. Het water moet letterlijk de ruimte krijgen. Ruimtelijke ingrepen moeten voldoen aan de voorwaarden die het waterbeheer stelt. Een verplichte watertoets moet worden ingevoerd. Becijferd is dat in de periode 2000-2050 een extra investering van 12 miljard euro nodig is om het gewenste resultaat te boeken. Na het verschijnen van het rapport heeft de regering voor de eerste jaren extra geld beschikbaar gesteld voor enkele urgente voorzieningen. Maar de bereidheid om structureel extra middelen aan te wenden blijkt niet groot te zijn. Zo is het opmerkelijk dat in het strategisch document van het kabinet-Balkenende het woord waterbeheer niet voorkomt. Andere prioriteiten hebben de urgentie van veiligheid tegen overstromingen verdrongen.

De ramp van Midden-Europa leert ons dat de politiek en de samenleving in Nederland de komende 50 jaar van dag tot dag aan oplossingen moeten werken. Als het kan in internationale samenwerking. De Europese Kaderrichtlijn Water biedt hiertoe vooralsnog onvoldoende houvast. Zowel voor de grote rivieren als voor het regionale water moet voldoende waterberging worden gerealiseerd: een geweldige opgave voor de ruimtelijke ordening.

De gemeentelijke politiek zal gedurfde besluiten moeten nemen. Het advies van de commissie-Luteijn om een drietal calamiteitenpolders aan te wijzen zal moeten worden opgevolgd als we de veiligheid voor de inwoners in onze delta serieus willen nemen. Krachtig optreden als de ramp zich voordoet biedt onvoldoende soelaas. Dat leert de geschiedenis ons herhaaldelijk.

Dr.A.J.W. Boelhouwer is Gedeputeerde van de provincie Noord-Brabant.

Ir. A.J.A.M. Segers is watergraaf Waterschappen De Aa en De Dommel.