Kritiek op topman Shell onterecht

Moeten topmanagers goed kunnen communiceren of gewiekst kunnen opereren? In het beste geval verenigen zij beide kwaliteiten in zich en zijn het slimme ondernemers, die hun strategie in heldere bewoordingen kunnen uitleggen aan aandeelhouders, werknemers en klanten.

Bernie Ebbers van Worldcom was een goede prater, maar zijn onvermogen om leiding te geven aan het Amerikaanse telecomconcern kostte hem uiteindelijk de kop. Ook de bazen van het Amerikaanse energiebedrijf Enron, Ken Lay en Jeff Skilling, hadden een vlotte babbel, maar schoten als manager schromelijk tekort. Uit deze en andere fiasco's is gebleken dat wanneer managers niet met evenveel zelfverzekerdheid kunnen communiceren én opereren, de laatstgenoemde kwaliteit toch de voorkeur geniet.

Hetgeen ons brengt op de kritiek die topman Phil Watts van de Britse Shell Transport and Trading Company, mede-eigenaar van Koninklijke Olie/Shell, over zich heen heeft gekregen. Volgens de Financial Times hebben beleggers bezwaren tegen zijn stijl van leidinggeven en beschuldigen zij hem van het tonen van `minachting voor de communicatie met de Londense City'. Watts is inderdaad een wat norse man die zijn hekel aan vragen die hij niet wil beantwoorden niet onder stoelen of banken steekt. Dat heeft de gevoelens die de aandeelhouders en de pers voor hem koesteren geen goed gedaan.

Maar beleggers moeten Watts beoordelen op grond van zijn operationele kwaliteiten en niet zozeer op basis van zijn karakter. Toch hebben zij wel een paar klachten. De koers van het aandeel doet het relatief slecht. Shell heeft zijn productiedoelstellingen opgegeven. En Watts heeft een brokkelige overnamestrategie gevolgd, met gemengde resultaten.

Het is hem niet gelukt de hand te leggen op het Australische Woodside en het Amerikaanse Barrett, twee gasbedrijven die hadden kunnen bijdragen aan de beoogde productieverhoging. Hij is er wel in geslaagd de Amerikaanse smeerolieproducent Pennzoil-Quaker State over te nemen, evenals het Britse Enterprise Oil, zij het net op het moment dat dit laatste bedrijf geconfronteerd werd met nieuwe aangescherpte regelgeving.

Als deze overnames niets voorstellen, dan zij dat zo. Maar het is verontrustend te bedenken dat beleggers daar wellicht anders over hadden gedacht als Watts ze stroop om de mond had gesmeerd.

Onder redactie van Hugo Dixon.

Voor meer commentaar: zie www.breakingviews.com.

Vertaling Menno Grootveld.