Kooivechten

`Sorry,' zei werkster Miep van Borsselen achter elke zin in Angst en ellende in het rijk van Kok. Vier jaar geleden speelde Toneelgroep Amsterdam deze satire van Ton Vorstenbosch en Guus Vleugel over de al wat oudere homo Aldo en zijn panische angst voor homohatende Marokkanen; die waren nu zelfs al opgerukt tot in de Albert Heijn in Aldo's eigen veilige grachtengordel. Miep was Aldo's werkster. Kitty Courbois speelde haar vanonder een pruik van schapenhaar en vanachter een goedkope bril. Sorry, maar Miep zei waar het op stond. Het was allemaal begonnen met de gastarbeiders, onder Den Uyl, nu was de hel los en trokken de Marokkaantjes zelfs Sinterklaas zijn mijter af. ,,Ze geloven er niet in. En in de Koran staat dat het christendom moet worden bestreden. Daarom doen ze 't.''

Angst en ellende in het Rijk van Kok, uit 1998, is achteraf gezien het eerste toneelstuk over de opkomst van Pim Fortuyn. Met kluchtige overdrijving werken de auteurs het hele rijtje af: verwarring in de grachtengordel, onvrede in Almere en geborneerdheid bij de PvdA, forse tirades tegen islamitische intolerantie en vage bespiegelingen over bandeloosheid die in normloosheid dreigt te verkeren.

Anno 2002 hebben de kluchtigste elementen uit Angst en Ellende de werkelijkheid veroverd. Alleen dat `sorry' van Miep is achterhaald. Verontschuldigende taal is sinds een half jaar passé. Juist vuist-op-tafelretoriek is erg in de mode. Acteurs/cabaretiers George van Houts en Tom de Ket hebben dat goed begrepen. In hun serie voorstellingen over `de waanzin van de Nederlander' komen ze dit najaar met hun nieuwe programma Hard Optreden. De aankondiging daarvoor luidt zo: ,,Na de invloed van het poldermodel, het gedoogbeleid en de euthanasie-is-leuk cultuur met als gevolg apathische hangjeugd, wegkijkende dienders, graaiende politici en alles toedekkende stille marsen, fakkeloptochten en herdenkingswaxinebijeenkomsten, schreeuwt de samenleving om HARD OPTREDEN. Van Houts en De Ket verzaken hun plicht niet. Al halverwege deze show zult u denken: Inderdaad, het moet afgelopen zijn.''

Het programma van Van Houts en De Ket is een van de voorlopig twee voorstellingen van komend seizoen over de nieuwe politieke situatie in Nederland. De andere is het in mei dit jaar in het openbaar gelezen Hetze, de politieke satire van Pieter Hilhorst over het wantrouwen onder politici. Theatergroep Toetssteen, bekend van Emily, of het geheim van Huis ten Bosch, heeft het op het repertoire genomen. Verder bevat het theaterseizoen de gebruikelijke mix van klassieke stukken en modern, geëngageerd repertoire: Ivo van Hove ensceneert Othello, Gerardjan Rijnders doet Ibsens De wilde eend, Ton Vorstenbosch, co-auteur van Angst en Ellende, buigt zich over de theaterversie van de speelfilm Festen. Johan Doesburg gaat nog eens Fassbinders Het Vuil, de Stad en de Dood regisseren, dat in de jaren tachtig zoveel beroering wekte. ZT Hollandia komt met Moordende Woorden, een stuk van Dubravka Ugresic over de rol van media in de oorlogen op de Balkan.

Misschien is het dit seizoen nog te vroeg. Want dat ze er op den duur zullen komen, de toneelstukken en tv-drama's over Pim Fortuyn, de val van Mat Herben, de geestesgesteldheid van Volkert van der G lijkt wel waarschijnlijk.

Politiek drama is in de mode. Het afgelopen verkiezingsjaar was een voorlopig hoogtepunt, met op televisie onder meer dramaseries over de nasleep van Srebrenica en de val van staatssecretaris Elske ter Veld. In het theater zijn stukken over historische en politieke figuren al langer populair; in het verleden bijvoorbeeld over Soekarno en Wilhelmina, meer recent over Joop den Uyl. Anders dan in de jaren zeventig, de tijden van het vormingstheater, staan nu de persoonlijke motieven van hooggeplaatste figuren centraal. Er wordt doorgaans gestreefd naar genuanceerde, psychologische portretten, meer dan naar analyse of opinie. Laat staan naar cynisch commentaar of snelle, bijtende spot.

Dat is jammer. Anderhalf jaar geleden sprak, in dat toneelstuk over Den Uyl geschreven door Don Duyns, een personage zijn heimwee uit naar de tijd dat tegenstellingen nog helder waren, en politiek nog een `geciviliseerde vorm van kooivechten' was. Nu Don Duyns op zijn wenken is bediend, wordt het ook elders, in de schouwburg, weer tijd voor wat geciviliseerde kooivechterij. Lawaaiige tijden vragen om lawaaiiger toneel. Het is toch vreemd als we politieke satire nergens anders tegenkomen dan in de politiek.