Nederland verlaagt uitkering in Israël

Nederland zal sociale uitkeringen aan Nederlandse staatsburgers die in door Israël bezet gebied wonen verlagen of inhouden. Het gaat om veertig personen. De ze maatregel, die in een wederzijds verdrag met Israël is vastgelegd, gaat in 2003 in. Het verdrag werd in 2001 ondertekend en is wat Nederland aangaat gebaseerd op de BEU-wet (Beperking export en uitvoer). Hierin is geregeld dat de uitkering van personen buiten EU-landen wordt gekort of ingetrokken, tenzij met het betreffende land is afgesproken dat gecontroleerd kan worden of de uitkering rechtmatig is. Nederland heeft deze afspraak met Israël gemaakt, maar omdat Nederland de in 1967 bezette gebieden niet erkent, zijn de afspraken er niet van toepassing. Volgens de Nederlandse ambassade in Tel Aviv zullen Nederlanders die in bezet gebied wonen minder AOW krijgen en zullen kinderbijslag en ANW (nabestaandenuitkering) volledig vervallen. Dat gebeurt bijvoorbeeld ook met uitkeringen aan Nederlanders in West-Sahara en Oost-Timor.

D. Wentink, cultureel attaché van de Nederlandse ambassade in Tel Aviv, bevestigde vanmorgen dat als gevolg van het verdrag in 2003 de AOW van een Nederlander in Jeruzalem met 20 procent zal worden verlaagd. De man woont in Ramot, een Israëlische wijk in het in 1967 geannexeerde deel van Oost-Jeruzalem. Nederland heeft de inlijving van Oost-Jeruzalem door Israël nooit erkend en indertijd uit protest de ambassade van West-Jeruzalem naar Tel Aviv verplaatst.

De uitvoering van het verdrag is in handen van de Sociale Verzekeringsbank (SVB). In diplomatieke kring wordt gezegd dat de directie van de SVB beseft dat de uitvoering grote problemen kan opleveren en een heet discussiepunt kan worden in de Nederlandse politiek. Israël zou bij het tekenen van het verdrag zich niet bewust zijn geweest van de politieke implicaties. Volgens H. Nipperus, woordvoerster van de SVB, zijn de veertig Nederlanders in augustus per brief geïnformeerd.