Montenegro klaagt over druk van EU

President Milo Djukanovic van Montenegro heeft zich in een artikel in The Washington Post bitter beklaagd over de Europese Unie, die Montenegro zou dwingen tot nieuwe concessies aan Servië. Dat streven kan leiden naar een burgeroorlog, aldus Djukanovic.

Djukanovic moest in maart onder zware druk van de Europese Unie het streven naar onafhankelijkheid van Montenegro voor een periode van drie jaar opgeven. Hij ondertekende toen een akkoord met Servië over de vorming van een losse unie tussen Servië en Montenegro, die de huidige Joegoslavische federatie vervangt. De afgelopen maanden hebben Servië en Montenegro verder gepraat over de invulling van het akkoord en de grondwetswijzigingen die nodig zijn. Dat overleg is volkomen vastgelopen. In zijn artikel in The Washington Post van gisteren schreef Djukanovic onder de kop ,,Verraad op de Balkan'' dat de Europese Unie de Montenegrijnen nu dwingt aan een aantal Servische eisen te voldoen.

Een ,,destabiliserende, tegen hervormingen gekante coalitie'', aldus Djukanovic, heeft ,,het onderhandelingsproces gegijzeld om Montenegro in een Servische baan te brengen''. De coalitie zou bestaan uit aanhangers van de vroegere Joegoslavische president Miloševic, aanhangers van de vroegere leider van de Bosnische Serviërs Karadzic, leiders van de Montenegrijnse Liberale Partij en ,,diverse leden van Joegoslavische veiligheidsdiensten''.

Deze ,,anti-democratische as'' is er volgens de president van Montenegro in geslaagd ,,sommige politieke kringen in Brussel en sommige West-Europese landen'' te overtuigen van de noodzaak ,,de huidige pro-Westerse regering in Montenegro'' – het bewind van Djukanovic zelf dus – te vervangen. Ze zouden erop rekenen dat Djukanovic' vertrek een eind maakt aan het Montenegrijnse streven naar onafhankelijkheid. ,,Al enkele maanden lang probeert de EU-bureaucratie in Brussel het [maart-]akkoord te herschrijven'', zo schrijft Djukanovic. Het doel zou zijn de Serviërs en de Montenegrijnen op één lijn te brengen ten aanzien van de grondwetswijzigingen. Het resultaat van de EU-bemoeienis is volgens de president ,,Montenegro's economische onderwerping aan Belgrado'' en de vorming van een nieuwe meerderheid in het Montenegrijnse parlement. Die meerderheid probeert nu ,,de reikwijdte van de mensenrechten, de vrije media en de vertegenwoordiging van minderheden in het parlement van Montenegro'' te beperken. Volgens Djukanovic kan een dergelijk streven ,,de weg effenen voor een burgeroorlog op een schaal die zowel Montenegro als zijn buren kan destabiliseren''.

Dat scenario kan volgens de president alleen worden voorkomen door ,,urgente actie van Washington en Brussel''. ,,Sommige Europese kringen'' moeten volgens hem ophouden ,,Europees buitenlands beleid te voeren door middel van wat in feite anti-Europese krachten in Montenegro zijn''.

Na het maart-akkoord verloor de regering van Djukanovic haar meerderheid in het Montenegrijnse parlement: de liberale partij liep over naar de oppositie, die sindsdien een meerderheid van één zetel in het parlement heeft. Deze meerderheid heeft onlangs, tot woede van Djukanovic en tot groot ongenoegen van de internationale gemeenschap, enkele restrictieve wetten uitgevaardigd. Zo is de vrijheid van de media in de verkiezingscampagne drastisch aan banden gelegd.