Vonnis steniging blijft

Een islamitische rechtbank in noord-Nigeria heeft gisteren het beroep verworpen dat de 30-jarige Amina Lawal Kurami had aangetekend tegen haar veroordeling tot de doodstraf voor overspel en het krijgen van een kind buiten het huwelijk.

Het hof handhaafde het vonnis dat een lagere rechtbank in de deelstaat Katsina vijf maanden geleden had geveld. De advocaten van Kurami gaan opnieuw tegen de uitspraak in beroep. Uiteindelijk zou de zaak kunnen eindigen voor het Hooggerechtshof in de hoofdstad Abuja. De regering heeft veroordelingen volgens het islamitisch recht in strijd met de grondwet verklaard.

Dorpsbewoners gaven de gescheiden moeder van twee kinderen aan toen zij beviel van haar derde kind. In juni besliste een hogere rechtbank dat de steniging tot 2004 moest worden uitgesteld, zodat Kurami haar kind kan zogen. Als het vonnis ten uitvoer wordt gebracht, zal Kurami tot haar middel worden ingegraven om vervolgens met stenen te worden bekogeld tot ze sterft.

Volgens de shari'a, het islamitisch recht, is een zwangerschap voldoende reden om een vrouw te veroordelen voor overspel. Kurami is de tweede vrouw die wegens overspel tot steniging werd veroordeeld sinds de invoering van de shari'a twee jaar geleden. De eerste vrouw, Safiya Hussaini, werd vrijgesproken in hoger beroep.

Twaalf deelstaten in het noorden van Nigeria hebben de laatste jaren de shari'a ingevoerd.