Van der G. in hoger beroep tegen camera's in zijn cel

De noodmaatregel die voormalig minister van Justitie Korthals heeft ontworpen om het permanente cameratoezicht in de cel van Volkert van der G. te kunnen handhaven is onrechtmatig. Dat betoogde A. Franken, de raadsman van de verdachte van de moord op Pim Fortuyn, vanochtend voor de Raad voor Strafrechtstoepassing.

De raad behandelde achter gesloten deuren het beroep dat de advocaten van Van der G. hebben aangespannen tegen een eerder besluit van de Commissie van Toezicht van het huis van bewaring Demersluis, onderdeel van de `Bijlmerbajes'. Deze commissie oordeelde op 25 juli dat de directie van Demersluis, waar Van der G. in detentie zit, niet onrechtmatig heeft gehandeld door een beroep te doen op de noodmaatregel. Daardoor kon de permanente cameraobservatie in Van der G.'s cel blijven bestaan.

In eerste instantie oordeelden zowel de Commissie van Toezicht als de Raad voor Strafrechtstoepassing dat de camera-observatie onrechtmatig is, omdat de wettelijke basis ontbrak. Met de noodmaatregel zorgde Korthals ervoor dat het cameratoezicht toch kon worden gecontinueerd. Zo is permanente observatie voortaan ook mogelijk als door eventuele ontsnapping of zelfmoord van de verdachte ,,grote maatschappelijke onrust'' kan ontstaan. Op grond daarvan konden de camera's blijven hangen, aldus de Commissie van Toezicht.

Voor de hogere beroepsinstantie, de Raad voor Strafrechtstoepassing, betoogden Van der G.'s raadslieden vandaag dat de minister geen bevoegdheid heeft om zonder tussenkomst van het parlement een noodmaatregel te crëeren die een dergelijke zware inbreuk op de grondrechten van een gedetineerde maakt. Los daarvan is het permanente cameratoezicht, ook onder de nieuwe regeling, onrechtmatig en in strijd met Europese wetgeving, aldus de verdediging. Het is nog onbekend wanneer de Raad voor de Strafrechtstoepassing uitspraak doet.

Van der G.'s hongerstaking is vandaag de veertigste dag ingegaan. Hij protesteert daarmee tegen zijn detentieomstandigheden, waaronder het cameratoezicht. Hij weigert voedsel, maar drinkt wel vruchtensap. Zijn gezondheidssituatie gaat achteruit, maar is volgens zijn raadslieden nog steeds ,,naar omstandigheden redelijk''. Intussen is hij bezig met het opstellen van een wilsverklaring. Daarin komt te staan dat hij niet kunstmatig wil worden gevoed.