Uitstel dreigt Italiaanse competitie

De financiële crisis in het Italiaanse voetbal leidt mogelijk tot een vertraging van het begin van de competitie. De acht kleinste clubs in de Serie A willen niet op het veld verschijnen voordat ze een goed televisiecontract hebben.

De twee betaaltelevisiezenders Teleplus en Stream hebben de beschikbare bedragen voor de uitzendrechten van de clubs van de tweede garnituur verlaagd van 10 miljoen euro per vereniging per jaar naar maximaal 4,5 miljoen euro. Morgen vergadert de voetbalbond over de situatie en wordt besloten of de competitiestart zoals gepland op 1 september is of daadwerkelijk moet worden uitgesteld tot oktober of misschien zelfs nog later.

De afgelopen twintig jaar stegen de bedragen die door staats- en commerciële zenders werden betaald voor uitzendrechten explosief van 1,1 miljoen euro in 1980 tot 540 miljoen euro in het seizoen 2000-2001. Vorig jaar daalde de omzet voor het eerst met 3 procent, maar dit jaar lijkt de ballon te knappen. De betaaltelevisiezenders zouden net als de voetbalclubs met grote tekorten kampen. De economische neergang leidt tot tegenvallende advertentie-inkomsten.

,,Het product voetbal levert minder geld op en er kan dus minder worden besteed'', aldus directeur Camiglieri van betaalzender Stream. Alleen voor de uitzendrechten van de grote clubs Juventus, Inter Milaan, AC Milan, Lazio Roma en AS Roma is net als vorig jaar nog diep in de buidel getast. Zij ontvangen nog 30 tot 40 miljoen euro. De kleintjes lijken nu de rekening te betalen voor de jaren geleden genomen beslissing dat elke club voor zichzelf onderhandelt.

Overigens niet alleen de betaaltelevisiezenders korten op de voetbalbudgetten. Ook de staatstelevisie Rai wil minder gaan uitgeven. Minister Gasparri van communicatie heeft gezegd dat de Rai niet meer dan 50 miljoen euro mag betalen voor het uitzenden van de competitie en de bekerduels. Vorig jaar was dat nog 88 miljoen euro, het bedrag dat de voetbalbond ook dit jaar namens de voetbalclubs eist.

Critici beweren dat minister Gasparri, die lid is van Berlusconi's partij Forza Italia, er met zijn uitlatingen op uit is om de uitzendrechten in handen van Berlusconi's televisie-imperium Mediaset te spelen. Maar dat ontkent Gasparri die het vreemd vindt dat juist linkse politici kritiek uiten op een minister die wat wil doen aan de torenhoge salarissen van spelers als Rivaldo, Totti en Nesta. Gasparri trekt de vergelijking met heroïneverslaafden als hij praat over het profvoetbal. ,,Geven we ze een nieuwe dosis, omdat het slecht met ze gaat, kopen we nog een Ferrari voor Totti en Vieri, of gaan we praten over een sanering. Als spelers niet willen instemmen met lagere salarissen, gaan ze maar naar Spanje.''

Vooralsnog is de president van de bond van voetbalclubs Adriano Galliani niet onder de indruk van de dreigementen van Gasparri. ,,Als er straks geen voetbal op televisie meer verschijnt, is dat niet onze schuld, maar die van de Rai die het voor dit land belangrijkste product niet langer wil kopen'', zo dreigt hij.

Toch lijkt het er op de lange termijn op uit te gaan draaien dat de spelerssalarissen omlaag moeten. Bij Fiorentina, de club die wegens een schuld van 30 miljoen euro van de serie A is teruggezet naar de betaalde amateurs, hebben enkele spelers dat al begrepen. Oud-international Roberto Baggio heeft aangekondigd zijn vereniging trouw te blijven. Hij zal voetballen voor eentiende van zijn oude miljoenensalaris.