Een vleugje Brazilië

Het gevoelsleven van Pierre van Hooijdonk lijkt zich voornamelijk af te spelen in zijn rechter voet. Wat hij daarmee kan en doet, grenst aan het ongelooflijke. Daarmee aait Pierre de bal, daarmee kan hij precies doen met de bal wat hij wil, zeker wanneer hij de bal met de binnenkant van zijn voet toucheert. Zonder overdrijving kan worden beweerd dat Pierre van Hooijdonk zijn specialisme, de vrije trap, tot kunst heeft verheven. Want wie zo vaak, zo precies en zo gevoelvol de bal van afstand in het doel kan trappen, is een kunstenaar.

Wat hij doet kunnen alle Brazilianen. Hij zou in Brazilië moeten wonen, tussen de jongens die oneindig met een bal aan hun voeten lopen en proberen er hun gevoel in te leggen. Pierre zou voor Flamengo of Fluminense moeten spelen, hij zou wekelijks moeten schitteren in het warme Maracana-stadion van Rio de Janeiro, omringd door liefhebbers van dans, muziek en erotiek. En niet in die koude Kuip van Rotterdam. Wie weet komt het er nog eens van en zal Feyenoord hem als afscheidsgeschenk een vrije transfer naar het voetbalhart van de wereld gunnen.

Vooralsnog geniet hij van zijn liefdesrelatie met het legioen van Feyenoord. Want zoals hij in Rotterdam wordt bewonderd, daar krijgt een mens zoals hij niet gauw genoeg van. Hij is in Engeland, Schotland en Portugal aanbeden door zijn doelpunten, maar zoals hij nu in Rotterdam wordt geëerd is voor Nederlandse begrippen uitzonderlijk. Huilende mannen en vrouwen, schreeuwende kinderen dansen door de Kuip wanneer Pierre heeft gescoord. Het is nog maar de vraag of hij dat in Rio ook zou ervaren.

Is het zijn Zuid-Amerikaanse uiterlijk dat tot de verbeelding spreekt of is het de sympathie die hij opwekt door zijn ontspannen houding? We weten het niet. We weten alleen dat de man die hem verwekte van de Kaapverdische eilanden kwam en dat hij in het gehucht Welberg, nabij het Brabantse dorp Steenbergen, opgroeide als een vreemdsoortige jongen. Een ondeugende, maar vrolijke jongen die zich overgaf aan kwajongensspelletjes en aan voetbal. Dat hij het ooit tot de held van de Kuip zou brengen, heeft niemand in Welberg ooit gedacht. Pierre ging naar RBC in Roosendaal, dat was al heel wat voor een West-Brabander. En later nota bene naar NAC, in de grote stad Breda.

Hij ontgroeide NAC, waar hij het publiek vermaakte met zijn buikglijders na een van zijn vele doelpunten, en verhuisde naar het Britse voetbalrijk, naar Celtic in Glasgow en Nottingham Forest, terug naar Vitesse in Arnhem en vervolgens naar Benfica in Lissabon. Maar nooit stond Pierre van Hooijdonk te boek als de gevoelsvoetballer. Hij beschikte over een goede traptechniek, maar was daarin geen uitzondering. Hij scoorde veel, maar dat deden er meer. Pas op latere leeftijd, toen hij de dertig passeerde, leerde Pierre het gevoel in zijn rechter voet kennen. Het moet een geweldige gewaarwording zijn, ontdekken dat je nog meer kunt dan je ooit dacht te kunnen.

Je zag het aan Pierre. Hij genoot als een kind. Hij straalde en ging zich nog meer bekwamen in zijn pas ontdekte vaardigheid. Oefening baarde kunst. Je zag aan Pierre dat hij genoot van het nieuwe gevoel en dat wilde delen met anderen. In zijn nimmer aflatende enthousiasme velde hij weleens een tegenstander met een venijnige elleboogstoot of een onbesuisde trap, maar een kniesoor die daar in de Kuip over valt. Pierre mag alles, als hij maar scoort, als hij maar vrije trappen versiert desnoods met een Schwalbe en daaruit de bal met een sierlijke, Braziliaanse boog in het doel doet belanden. Pierre is heilig verklaard. Hij heeft sombere mensen vreugde verschaft en zieke mensen weer hoop gegeven. Pierre heeft van de Kuip een tempel gemaakt.