De kroon op het werk van een ambitieuze havenman

Roelf de Boer is vooral bekend als de LPF-minister die ook VVD-lid is. Voor hij de politiek in ging was hij alomtegenwoordig in de Rotterdamse haven. ,,Meneer De Boer is vooral voor zichzelf bezig.'

Hij kan het zich voorstellen: dat zijn omgeving anders tegen hem aankijkt nu hij minister is geworden. Hij vindt het ook niet raar, dat er gunstiger over hem wordt geoordeeld nu hij de komende vier jaar ,,bovenin' zit. ,,Maar ik zou dat niet willen bestempelen als macht', zegt Roelf de Boer (52), de nieuwe minister van Verkeer en Waterstaat.

Toch heeft hij wel iets dat op macht lijkt. De afgelopen weken pleegde de minister verschillende telefoontjes naar mensen die tegenover deze krant minder lovend over hem waren geweest en overtuigde ze ervan hun uitlatingen terug te trekken. En in de Rotterdamse haven, de afgelopen dertig jaar decor van zijn carrière, wordt De Boer tegenwoordig zelfs door zijn critici volop geprezen. De Boer gáát in zijn nieuwe functie over de haven in zijn geboortestad.

Er klinkt ook oprechte waardering. Bijvoorbeeld voor de manier waarop hij begin jaren negentig drie bedrijven met succes samensmeedde tot Lehnkering, het logistieke havenbedrijf waarvan hij tot 1999 directeur was. Lehnkering is een begrip geworden in de Nederlandse expeditiewereld. ,,Ik heb Lehnkering op de kaart gezet', zegt De Boer er zelf over.

,,Het ministerschap is de kroon op zijn werk', zegt jonkheer Hubert Jan van der Wijck, voorzitter van branchevereniging Centraal Bureau voor Rijn- en Binnenvaart (CBRB). Hij heeft respect voor de manier waarop De Boer zich met een `gewoon' HBS-diploma heeft opgewerkt tot minister van een van de belangrijkste departementen in Nederland.

Buiten Rotterdam was De Boer vrijwel onbekend. In Rotterdam was hij jarenlang directeur van relatief kleine ondernemingen: bij zijn laatste bedrijf werkten iets meer dan honderd man. Maar inmiddels weet iedereen wie hij is: hij is die minister die niet kan kiezen tussen de VVD en de LPF. Van de liberale partij is hij al jaren lid, maar hij werd minister op verzoek van de Lijst Pim Fortuyn, waarvan hij inmiddels ook lid is geworden.

Met politiek had De Boer tot voor kort weinig op. Jaren geleden klopte hij bij de VVD aan, omdat hij zich `herkende' in het partijprogramma. ,,Erg actief' was hij niet voor de partij, erkent De Boer. Hij beseft dat hij via de VVD weinig kans zou hebben gemaakt om minister te worden. Over het aanbod van de LPF hoefde hij maar twee uur na te denken. Wel beraadt De Boer zich, op aandringen van de LPF-fractie, over zijn dubbele partijlidmaatschap.

De Boer komt er rond voor uit dat hij ambitieus is. ,,Het lijkt wel of `ambitieus' een scheldwoord is', zegt de minister tijdens een gesprek op een zaterdagmorgen op het ministerie. Hij is een forse man, tikkeltje kalend en strak in het pak. ,,Ik denk dat je als minister per definitie ambitieus bent — anders zat je niet op die stoel.'

Ruim dertig jaar geleden besloot Roelf Hendrik de Boer dat studeren niets voor hem was. Hij wilde liever meteen de handen uit de mouwen steken. Na de HBS diende hij twee jaar in het Korps Mariniers. Hij verliet de marine als tweede luitenant van de Koninklijke Marine Reserve en werd tien jaar later, na een herhalingsoefening op de hei, gepromoveerd tot Kapitein der Mariniers van diezelfde reserve. ,,Mijn specialiteit waren de 60 millimeter mortieren.'

Zijn militaire verleden verklaart zijn degelijke karakter, zegt Niko Wijnolst, lid van de raad van commissarissen van de Rotterdamse duwvaartrederij Europese Wegwater Transporten (EWT), waar De Boer tot voor kort directeur was. ,,Hij is geen hemelbestormer of losbol. Hij is een van de meest stabiele mensen die ik ken.'

Zijn privéleven is onrustiger. De Boer is onlangs voor de tweede keer gescheiden en moest tijdelijk op een motorboot wonen. Z'n spullen staan nog in een opslagruimte, maar de vader van twee volwassen kinderen heeft intussen wel tijdelijk woonruimte in Den Haag gevonden.

Na de marine was De Boer twaalf jaar medewerker van transportconcern Nedlloyd. Hij werkte voor het concern negen jaar in het buitenland, het grootste deel van de tijd in Duitsland, zodat De Boer vloeiend Duits spreekt en schrijft. Zijn ster begon in de jaren tachtig te rijzen als directeur van transportbedrijf Furness en later als directeur van Lehnkering. Maar zijn carrière bij dit havenbedrijf eindigde in mineur.

In 1999 verliet De Boer Lehnkering met een afkoopsom van ruim 300.000 gulden. De Boer onderstreept dat hij zelf opstapte. Hoofdzakelijk omdat de Duitse grootaandeelhouder van Lehnkering zijn ambities niet deelde. ,,Ik wilde veel meer met Lehnkering. Ik ontwikkelde plannen voor overnames, maar de aandeelhouders wilden de status quo handhaven. Als je plannen vier of vijf keer worden afgewezen, weet je dat het tijd is om te vertrekken.'

Gedurende de jaren negentig vervulde hij ook talrijke commissariaten bij andere bedrijven in de haven en was hij actief voor allerlei havenorganisaties, zo staat op zijn cv vermeld. Eén activiteit ontbreekt hier: zijn werkzaamheden voor het organisatie-adviesbureau JBR uit Zeist.

De Boer heeft als directeur van Lehnkering betaald werk verricht voor het adviesbureau, waar Lehnkering tegelijkertijd klant was. In zijn laatste jaren als Lehnkering-directeur, zo legt hij uit, overwoog De Boer voor zichzelf te beginnen. Eind 1997 deed zich een mogelijkheid voor, toen JBR hem benaderde met het verzoek om het adviesbureau in de haven te vertegenwoordigen, als `freelancer'. De Boer, zo werd afgesproken, zou klanten aanleveren aan JBR in ruil voor een ,,aanbrengers-fee'. Uiteindelijk, zegt De Boer, heeft het plan ,,nooit echt vorm gekregen. Vandaar dat die werkzaamheden niet op mijn cv staan.'

Toch beschikte De Boer wel over een eigen potje met geld bij JBR waaruit hij ook is betaald, zo geven zowel De Boer als JBR toe. Volgens De Boer heeft hij uit dat potje maar één keer een beloning ontvangen, voor het introduceren van een grote `maritieme relatie' bij JBR. Hij kreeg hier 18.000 gulden voor. De Boer heeft dat bedrag ,,in de vorm van huur' ontvangen, vertelt hij. JBR huurde een pand van De Boer in Rotterdam en beide partijen spraken volgens de minister af, dat ,,de hoogte van de huur afhankelijk was van het aantal opdrachten' die De Boer voor JBR binnenhaalde. Voor opdrachten die Lehnkering aan JBR verstrekte heeft hij nooit geld ontvangen, benadrukt De Boer. Daarom vond hij zijn nevenactiviteit ook niet bezwaarlijk.

Zijn medebestuurders bij Lehnkering wisten niet dat De Boer een financiële relatie had met JBR. Financieel-directeur Piet Burger wist wel dat De Boer nauw contact had met JBR, maar verkeerde in de veronderstelling dat hij daarvoor niet werd betaald. ,,Ik wist precies wat hij waar verdiende', zegt Burger. In al die acht jaren heeft hij De Boer ,,nooit op een leugen kunnen betrappen'.

Na Lehnkering en het `afgeketste' JBR-avontuur wilde De Boer zijn vleugels uitslaan, zegt hijzelf. Maar waarom solliciteerde hij dan bij het relatief kleine EWT, dat in 1999 al een kwakkelend bestaan leidde? Volgens De Boer wilden de grootaandeelhouders van EWT, Ruhrkohle AG (55 procent) en staalproducent ThyssenKrupp Stahl (27 procent), het bedrijf een rol van betekenis laten spelen in de haven. ,,Daar lag voor mij de uitdaging', zegt De Boer. Later kwamen de aandeelhouders hier echter op terug en werd gekozen voor een inkrimping van Europese Wegwater Transporten. ,,Toen was voor mij de lol er een beetje af.'

Ingewijden uit de haven zeggen dat De Boer zelf die uitbreidingsplannen van de rederij dwarsboomde, omdat er geen garanties waren dat hij directeur zou worden van een `herboren' EWT. ThyssenKrupp en Ruhrkohle wilden dat EWT intensief ging samenwerken met duwvaartrederij Veerhaven, een 100 procent dochter van ThyssenKrupp. Veerhaven zou EWT op sleeptouw nemen. Veerhaven had geen problemen en had de EWT-aandelen namens het Duitse moederbedrijf al in beheer. Er werd zelfs voorzichtig over een fusie gesproken.

Volgens Peter Hoogwout, directeur van Veerhaven, waren de voordelen van een fusie evident, omdat de bedrijven op veel vlakken `dubbelden'. Hij vindt het jammer dat de plannen zijn vastgelopen. ,,Waaraan dat heeft gelegen, is het bekende nakaarten', zegt Hoogwout.

De Boer toont zich verbaasd over de tranen die Hoogwout plengt over het mislukken van de samenwerking. Volgens hem werd de samenwerking juist ,,eenzijdig' opgezegd door Veerhaven. En dat hij per se directeur wilde worden van de combinatie Veerhaven/EWT bestrijdt hij.

Voorzitter Van der Wijck van branchevereniging CBRB denkt er het zijne van. ,,Ik heb Hoogwout hoger in het vaandel staan dan De Boer', zegt Van der Wijck van het branchebureau CBRB. ,,Meneer Hoogwout is voor zijn bedrijf bezig, meneer De Boer vooral voor zichzelf.'

Vaststaat dat De Boer in drie jaar tijd geen oplossing heeft kunnen vinden voor de problemen van EWT, dat nu nog steeds in problemen zit. Het bedrijf heeft intussen een derde van de vloot moeten verkopen en voor 25 werknemers, ongeveer een kwart van het totale personeelsbestand, dreigt ontslag.

Ondanks alle problemen accepteerde De Boer als directeur van EWT in januari het voorzitterschap van de Kamer van Koophandel voor tweeënhalve dag per week. Dat schoot menigeen in het bedrijf in het verkeerde keelgat. Moest hij niet al zijn aandacht schenken aan de malaise bij EWT?

De Boer is een ,,baantjesjager', zegt Marcel Tiesema, lid van EWT's ondernemingsraad. Tiesema vindt dat De Boer meer hecht aan eigenbelang dan aan het belang van de bedrijven of organisaties waarvoor hij werkt. ,,Ik krijg niet de indruk dat hij vaak iets afmaakt.'

De Boer heeft bij zijn voormalige werknemers van EWT geen goede naam. Hij was nog niet benoemd in 1999, of hij zette kwaad bloed bij het personeel met de uitbreiding van zijn kantoor. ,,Zulke uitgaven, terwijl het slecht gaat met een onderneming, zijn vreemd', zegt Tiesema. ,,Ik kan me voorstellen dat je dit zegt als je de zak hebt gekregen', is de reactie van De Boer. Tiesema, die 25 jaar bij EWT heeft gewerkt, is verwikkeld in een ontslagprocedure in het kader van de afslanking bij het bedrijf.

Toezichthouder Wijnolst, die De Boer bij EWT heeft aangesteld, neemt het op voor de vroegere directeur. Volgens hem moest hij onder moeilijke omstandigheden opereren, temidden van de grootaandeelhouders. ,,En dat heeft hij professioneel gedaan.'

Hij omschrijft De Boer als man die in ,,één-tweetjes' heel openhartig is, maar in het openbaar altijd voorzichtig. De Boer is doortastend en heeft kennis van zaken, aldus de commissaris. Hij verwacht dat de minister uitstekend richting zal geven aan het ambtenarencorps. ,,Hij is een jongen die je om een boodschap kunt sturen.'

De Boer noemt zijn eigen managementstijl ,,recht door zee'', soms een beetje ,,,kort door de bocht', en hij is ook van plan om die stijl op het departement te handhaven. Dat is volgens zijn woordvoerder nu al te merken. Hij noemt het grootscheepse offensief tegen toenemende agressie in het openbaar vervoer dat De Boer vorige week aangekondigde.

De Boer bloeide op door het voorzitterschap van de Kamer van Koophandel. Zijn werk bij EWT heeft er niet onder geleden, vindt hijzelf. Daar was na het stuklopen van de samenwerking met Veerhaven toch ,,onvoldoende werk' voor hem. ,,Wij vonden zijn benoeming bij de Kamer van Koophandel fantastisch', zegt Wijnolst. ,,Daarmee kon hij zijn netwerk en zijn efficiëntie als bestuurder vergroten.'

Het voorzitterschap bracht De Boer aanzien. ,,Hij genoot van de benoeming', zegt voorzitter Van der Wijck van het CBRB. ,,Eindelijk kreeg hij de brede erkenning die hij zocht.' Omdat De Boer wel om status geeft, moet het een teleurstelling voor hem zijn geweest dat hem in 2001 een lintje werd geweigerd. Als scheidend voorzitter van havenvereniging Fenex rekende hij op een koninklijke onderscheiding. ,,Het is altijd zo geweest dat een scheidend voorzitter zoiets krijgt', zegt De Boer. Maar door een ,,nieuw stelsel' en ,,andere criteria' liep hij het lintje mis.

Als directeur van EWT en Lehnkering was hij een `zetbaas' geweest van grote Duitse aandeelhouders. Als voorzitter van de Kamer van Koophandel stond hij tijdens recepties opeens in het middelpunt van de belangstelling. De Boer werd een bekende Rotterdammer, ook in de lokale media. Het voorzitterschap bleek achteraf de ideale springplank voor Den Haag.

In de Rotterdamse haven is de benoeming van `onze man' tot minister met brede instemming ontvangen. Na verschillende ministers aan wie het havenjargon nog moest worden uitgelegd, wordt De Boer als een verademing ervaren. Het enthousiasme is inmiddels wel wat bekoeld, nadat de minister onlangs op Radio Rijnmond zei dat er ,,eerder minder dan meer' geld naar de binnenvaart zal gaan. Die uitspraak kwam hard aan in de haven, waar al jaren wordt gesmeekt om fondsen voor achterstallig onderhoud aan waterwegen en sluizen. Tot voor kort ook nog door De Boer zelf.

Met medewerking van Janny Kok

Gerectificeerd

Foto Roelf de Boer

De foto van minister Roelf de Boer (19 augustus, pagina 2) is gemaakt door Roel Rozenburg.