WOLFRAAMISOTOPEN BEVESTIGEN OUDSTE INSLAGEN OP AARDE

Een groep van Australische en Britse onderzoekers heeft de eerste sporen gevonden van het kosmische bombardement dat onze planeet 4,0 tot 3,8 miljard jaar geleden onderging (Nature, 25 juli). In die tijd, in de periode die het Archaeïcum wordt genoemd, werd de aarde getroffen door duizenden klonters materie die waren overgebleven na het ontstaan van het zonnestelsel. De sporen van dit Late Heavy Bombardment zijn te zien op de maan, waar het oppervlak vele kraters en bekkens vertoont die in die tijd zijn ontstaan. Op aarde zijn die niet meer te vinden doordat onze planeet te heet en te actief was om zelfs grote inslagkraters in stand te houden.

Ook in de weinige gesteenten uit die tijd, sedimentgesteenten van 3,7 tot 3,8 miljard jaar oud, werden tot nu toe geen sporen van deze periode gevonden. Deze gesteenten bevinden zich in het westen van Groenland (in de zogeheten Isua Greenstone Belt) en het noorden van Labrador en zijn waarschijnlijk in fase dat het meteorietenbombardement afnam. Ronny Schoenberg en collega's hebben nu in monsters van deze gesteenten de concentraties van twee isotopen van wolfraam gemeten: wolfraam-182 (dat door het radioactief verval van hafnium-182 ontstaat) en wolfraam-183.

De verhouding tussen deze twee isotopen is in gesteenten op aarde opmerkelijk constant. In meteorieten komen echter relatief grote variaties voor die sterk van de aardse waarden kunnen afwijken. Het verschil is een gevolg van het feit dat meteorieten veel ouder zijn dan aardse gesteenten en dat op aarde eventuele verschillen in de loop der tijd door convectie in de aardmantel zijn gereduceerd. Maar nu hebben onderzoekers in de oudste gesteenten verhoudingen van wolfraam gevonden die ook afwijken van die van jongere aardse gesteenten. De meest plausibele verklaring is dat een deel van de wolfraam in deze gesteenten van buitenaardse herkomst is.

De ontdekking betekent niet dat de betreffende gesteenten uit een mengsel van aards en buitenaards materiaal bestaan dat tijdens de inslagen zelf werd gevormd. Het ligt meer voor de hand dat zij zo'n 100 tot 200 miljoen jaar later zijn ontstaan uit de verweringsproducten van aards materiaal en van meteorieten die tijdens het kosmische bombardement waren neergekomen. Hoewel de wolfraamisotopen niet kunnen worden gebruikt voor het rechtstreeks identificeren van de aard van de ingeslagen objecten, leveren zij wel het directe bewijst voor de oudste inslagen die op aarde hebben plaatsgevonden.