`Je dochter wint, zelfs als ze valt'

Alimzjan Tochtachounov verzet zich in Italië tegen uitlevering aan de VS. Daar riskeert hij tien jaar cel wegens samenzwering om de uitslag bij de Winterspelen te beïnvloeden.

Belachelijk, ridicuul, een Amerikaans opzetje, `made in Hollywood'. Russische topsporters, zangers en mode-ontwerpers sloten de afgelopen weken de rangen rond hun vriend Alik. Alik, dat is een koosnaampje voor de 52-jarige Alimzjan Tochtachounov. De FBI meent dat `Taiwaneesje' betrokken is bij handel in wapens, drugs en gestolen auto`s, alsmede het witwassen van tientallen miljoenen dollars. In 1990 zou hij ervaring hebben opgedaan met het omkopen van juryleden bij Miss Rusland-verkiezingen. Dat willen de Russische media nog wel geloven. Maar dat Tochtachounov juryleden heeft omgekocht bij de Olympische Spelen? Maffia on ice? Onzin. ,,Wij waren gewoon beter'', zegt het Russische jurylid bij het paarrijden.

Na het schandaal rond het paarrijden en de schorsing van een Russische wegens doping in Salt Lake City spoelde een golf van woede over Rusland. Een Amerikaans complot was het, zelfs president Poetin sprak er schande van. Uit opiniepeilingen bleek dat alle sympathie die Amerika op 11 september in Rusland had gewonnen, in Salt Lake City was verspeeld. De Amerikanen waren even impopulair als tijdens de Kosovo-oorlog.

Gekwetste trots laat Rusland zich niet ontnemen door zoiets banaals als feiten. Die feiten lijken hierop neer te komen. De telefoon van Tochtachounov, woonachtig in Italië, werd getapt in het kader van een Italiaans-Amerikaans onderzoek naar het financiële web van de Russische maffia. In februari onderschepten de onderzoekers gesprekken tussen Tochtachounov en een Russische sportofficial, die met CC2 wordt aangeduid. Het ging over de Winterspelen.

Het muntje viel na het tumult rond de jurering van het paarrijden. Het Franse jurylid Marie-Reine le Gougne stemde voor het Russische paar, al was hun kür duidelijk inferieur aan die van het Canadese paar. De volgende dag bekende Le Gougne onder druk te zijn gezet. Het Internationaal Olympisch Comité (IOC) besloot daarop ook de Canadezen een gouden medaille te geven.

Didier Gailhaguet, hoofd van de Franse ijssportbond, zou Le Gougne onder druk hebben gezet. Gailhaguet had een eenvoudige quid pro quo in gedachten: Franse steun voor Rusland bij het paarrijden in ruil voor Russische steun voor Frankrijk bij het ijsdansen. Bij het ijsdansen schaatsten kwamen voor Frankrijk de Russin Marina Anissina en haar Franse partner Gwendal Peizerat uit. CC2 tegen Tochtachounov, vlak na het paarrijden: ,,De Fransen hebben me aangenaam verrast. De Canadezen waren tien keer beter. Toch durfden ze voor ons te stemmen.'' Hij voorspelde dat Anissina in ruil met vijf tegen vier stemmen zou winnen. Zoveel juryleden waren omgekocht, dat het Russische jurylid Frankrijk niet eens hoefde te steunen. ,,Je dochter wint, zelfs als ze valt'', beloofde Tochtachounov de moeder van Anissina even later.

Tochtachounov was eerder bemiddelaar dan initiatiefnemer, zo lijkt het. Hij kende Gailhaguet uit besprekingen over de sponsoring van een Parijse ijshockeyclub. Anissina was in 1999 gast op een van zijn feestjes. De ijsdanseres gaf later toe hem soms te bellen. ,,Maar hij heeft nooit iets voor mij gedaan.'' Deze week werd een bandje met post-olympische gesprekken tussen Anissina en Tochtachounov openbaar. Op 7 maart verontschuldigde de ijsdanseres zich omdat ze hem niet vanuit Salt Lake City had bedankt. Gailhaguet, op dat moment al ondervraagd, had haar dit verboden omdat hij vreesde dat de FBI meeluisterde.

Op 23 maart belde Anissina nogmaals, nu vanuit Lyon. Ze vroeg bezorgd hoe het ervoor stond met het schandaal. Tochtachounov: ,,De pleuris is uitgebroken. Jij wordt de laatste olympisch kampioen ijsdansen.'' Anissina ontkent dat de stem op het bandje de hare is.

Dat Tochtachounov een onderwereldfiguur is, staat wel vast. Volgens Russische kranten groeide hij op in de Oezbeekse hoofdstad Tasjkent. Hij speelde op de binnenplaats met de broertjes Lev en Michail Tsjorni, de latere metaaltyconen met onderwereldconnecties. Tochtachounov klom snel op in de onderwereld van zwarthandelaren die de economie van de late Sovjet-Unie domineerden. Na een korte loopbaan als voetbalprof trok hij aandacht als kaartspeler. In 1972 was de toen 23-jarige Tochtachounov al rijk genoeg voor de entourage van zangeres Sofia Rotaroe enkele avonden het restaurant van hotel Tasjkent af te huren.

Na twee celstraffen als `asociaal element' – iets ernstigers dan werkloosheid kon de Sovjetpolitie hem niet aanwrijven – trok Tochtachounov naar Moskou. Daar rolde hij de Izmaelovo-groep binnen en raakte hij bevriend met Vjatislev Ivankov, alias Japannertje. Ivankov werd in 1990 vervroegd uit de goelag vrijgelaten om namens de Russische bendes de stadsoorlog tegen de Tsjetsjenen te leiden. Toen die bendeoorlog in 1992 in een bloedige remise eindigde, begon een grote uittocht van maffiabazen. Ivankov vertrok naar New York om de joods-Russische maffia van Brighton Beach over te nemen. In 1997 verdween hij achter de tralies wegens afpersing.

Tochtachounov hield zich in Duitsland met wapenhandel bezig voordat hij zich in 1993 in Frankrijk vestigde. Daar maakte hij naam als maecenas: Russische sporters, entertainers, modellen en mode-ontwerpers waren kind aan huis. Onder zijn vrienden telde hij popdiva Alla Poegatsjova, de tennissers Kafelnikov, Medvedev en Safin, ijshockeyster Boere en ijsdanseres Anissina. Gennadi Sjvest, woordvoerder van het Russische Olympisch Comité, beschrijft hem als een ,,uitermate goedmoedig en gul persoon''. Zo zou Tochtachounov in 1999 de ontkosten van het Russische Davis-Cupteam in Frankfurt hebben betaald.

In Moskou profiteerde Tochtachounov van zijn contacten binnen de entourage van president Boris Jeltsin. Hij werd gezien met diens lijfwacht Korzakov en diens tennisleraar Tarpisjtsjev. Toen hij in 1999 in opspraak raakte, bagatelliseerde de minister van Binnenlandse Zaken zijn invloed. ,,Tochtachounov wordt door de media gedemoniseerd. Hij is maar een gokker.'' Toen Frankrijk zijn verblijfsvergunning introk, verhuisde hij naar Italië. Bij zijn aanhouding bleek hij over het Oezbeekse, Russische, Franse, Israelische en Italiaanse paspoorten te beschikken.

De houding die het Russische establishment en media tegenover Tochtachounov getuigt van schizofrenie. Hij is een bluffer met grootheidswaanzin, stelt Sjvets van het Russisch Olympisch Comité. Even later roemt dezelfde Sjvets hem als een fabelachtig rijke en royale weldoener. De Amerikanen besmeuren Ruslands met bespottelijk beschuldigingen, stelt Doemalid en maffiabaas Josif Kobzon. Maar als Tochtachounov Rusland aan olympisch goud hielp, is hij een ware patriot, aldus schrijfster Darja Dontsova.

Bekend is dat sport en onderwereld in de Sovjet-Unie al diep met elkaar verweven waren. Atleten behoorden tot de kleine elite die naar het westen mocht reizen en luxe goederen het land kon binnensmokkelen. De val van het communisme bracht in Rusland geen grote zuivering, zoals in Oost-Duitsland. Russische ijshockey- en voetbalclubs raakten in handen van maffiagroepen, die ze gebruiken voor witwaspraktijken. De politiek om sportbonden te financieren met belastingvrije import van drank en sigaretten – ook de Russisch-orthodoxe kerk maakte gebruik van dit privilege – werkte als een magneet op criminele groepen. Medio jaren negentig sneuvelden tientallen sportbonzen door contractmoorden. Gokbazen stellen uitslagen van sportwedstrijden ver van tevoren vast. Wie dat systeem doorkruist, raakte in problemen. Zo ontplofte de auto van wereldkampioene Maria Boetyrskaja in 1999 op de vooravond van de Russische kampioenschappen kunstrijden.

Na de val van de Sovjet-Unie werden atleten bovendien een geliefd doelwit van afpersing. Met wedstrijden in, en transfers naar het buitenland verdienden zij grote sommen harde valuta. Uit onderzoek van de Amerikaanse journalist Robert Friedman, later bevestigd door de Amerikaanse Senaat, bleek dat veel Russische ijshockeysterren in de Amerikaanse NHL werden afgeperst. Zo ontvoerden gangsters in 1996 in de stad Donetsk de ouders van ijshockeyer Oleg Tverdovski. Ook sterren als Sergej Fedorov, Aleksandr Mogilni, Aleksej Zjitnik en Vladimir Malachov werden slachtoffer van afpersers.

In de Russische context is er maar één manier om je tegen kleine gangsters te verweren: een krisja ofwel `dak'. En een waterdicht dak bieden alleen maffiabazen van het kaliber-Tochtachounov. De beruchte foto op de website van de Russische tennisster Medvedev, waarin hij en zijn collega's Kafelnikov en Safin feest vieren met Tochtachounov, valt daarom te interpreteren als een waarschuwing aan kleine gangsters. Zo ontmoeten vraag en aanbod elkaar. Mafiosi aller landen verkeren in hun hang naar glamour en aanzien graag in het gezelschap van topsporters. Russische topsporters hebben van hun kant behoefte aan protectie. Mannen van het formaat-Tochtachounov eisen geen geld, het is al mooi als de sporters hun feestjes opluisteren. Als dank willen ze dan zelfs olympische goud regelen. Zoals Tochtachounov op 12 februari zei over Anissina: ,,Ze is nasja (van ons) Ik heb geen medaille nodig, zij heeft het nodig. Zij vroeg me om hulp.''