De hoofdstad van de ongelijkheid

De deelnemers aan de VN-top over duurzaamheid hoeven in hun enclave van rijkdom niets te zien van de arme delen van Johannesburg.

Uit het vuil op de hoek van de straten Fox en Becker in het centrum van Johannesburg komt om zes uur 's ochtends een hoopje mens gekropen. Een man in oude vodden en haren zo grauw als zijn gezicht, zet zijn handen op een winkelwagen en begint het karretje te duwen. Hij is op weg naar zijn werk, zegt hij. Kartonnen dozen zoeken, opladen en verkopen. `Werk' is overal waar dozen zijn.

In het gebouw dat al meer dan een jaar zijn thuis is, huisde ooit een succesvol advocatenkantoor. De voormalige president van Zuid-Afrika, Nelson Mandela, begon in dit kantoor zijn carrière. Op de verdieping waar zijn bureau moet hebben gestaan, wonen nu tussen roestige olievaten en kapotgeslagen ruiten mensen als ratten: in donkere gangen, achter rotte deuren, op vergeelde matrassen. Hier slaat de lucht van brandend houtskool op de longen en wijzen zwermen vliegen de weg naar het openluchttoilet op het dakterras.

Welkom in Johannesburg, waar de grens tussen succes en mislukking flinterdun is. Nergens liggen derde en eerste wereld zo dicht bij elkaar. Met reden kozen de Verenigde Naties deze plek als gaststad voor de wereldtop over duurzame ontwikkeling 2002. Van 26 augustus tot 4 september zullen naar schatting vijfenzestigduizend afgevaardigden kennismaken met de hoofdstad van de ongelijkheid.

Nog geen twintig minuten rijden van Mandela's oude werkadres schittert het spiegelglas van de kantoorgebouwen in het snelst groeiende zakencentrum van Zuid-Afrika: Sandton. In deze enclave van rijkdom doet welvarend blank én zwart Zuid-Afrika zijn boodschappen in overdekte en zwaar beveiligde winkelcentra.

Sandton is in de afgelopen jaren toevluchtsoord geworden van bedrijven die zeiden zich in het centrum van de stad niet meer veilig te voelen. Ambassades, hotels en financiële instellingen als de aandelenbeurs van Johannesburg, zijn massaal naar het noorden van de stad getrokken. Ook de VN-conferentie, die voor een deel over armoedebestrijding zal gaan, is naar Sandton uitgeweken. Omdat daar alles beter zou werken. Omdat het daar veiliger zou zijn.

Johannesburg worstelt met zijn slechte naam. Verguisd en beschimpt vanwege de statistieken die de stad tot een van de meest criminele ter wereld maken. ,,Als je er niet per se hoeft te zijn, blijf er dan weg'', zeggen de reisgidsen unaniem. ,,Degenen die moedig en stom genoeg zijn om toch enige tijd in Johannesburg door te brengen, worden beloond met verhalen over gevaar, spanning en beroving.''

Wie dat gevaar zoekt, zal het hier zeker vinden. De verhalen komen vanzelf als je een uurtje aan de bar gaat zitten van Harlequin's, een van de drukst bezochte cafés van de wijk Hillbrow. Deze wijk is als een kankergezwel, zeggen de vaste bezoekers van het café. De verkrachtingen, de overvallen, de handel in wapens en drugs, vreten langzaam de leefbaarheid van de stad weg. ,,Je moet een hart van staal hebben om hier te overleven'', bromt Ken (70), een van de laatste overgebleven blanken in Hillbrow. Aan het einde van elke maand moet hij onder zware politiebeveiliging naar de bank om zijn pensioen van 500 rand (50 euro) op te halen. De keren dat hij met pistolen is bedreigd, noemt hij ,,ontelbaar''. Hij wijst op zijn favoriete barvrouw, Charlotte. Twee jaar geleden schoot een klant haar echtgenoot een reeks kogels door hoofd en hart. ,,Omdat zijn kop hem niet aanstond. Hillbrow: leef snel, sterf jong.''

Johannesburg is een stad gebouwd op de schouders van gelukzoekers. In 1886 werd hier het eerste goud gevonden. Voor de Europeanen die de misère van thuis achter zich hadden gelaten was Egoli (stad van goud) letterlijk een eldorado. Sinds het einde van de apartheid komen de gelukzoekers vooral uit andere delen van Afrika: Nigeria, Congo, Mozambique. Tot afschuw van veel Zuid-Afrikanen bepalen zij nu het beeld van de stad. Als in iedere andere Afrikaanse stad verkopen ze fruit op de stoep, scheren ze koppen kaal onder een tentzeil en verkopen ze op de markt mysterieuze poeders tegen hoofdpijn en erectieproblemen.

Johannesburg heeft vele gezichten. In een kwartier loop je van Apocalyps naar aards paradijs. Als je vanuit Hillbrow de altijd drukke straten Joubert en Rissik neemt, het spoor over en dan rechts langs de taxistandplaats de Breestraat inwandelt, kom je vanzelf in New Town. Het populaire theaterhuis The Market Theatre heeft hier elke avond Zuid-Afrika's beste artiesten op het podium staan. Om de hoek is Museum Africa en op het plein serveren ze onder grote parasols de hele dag goede wijn en grote stukken vlees.

Het gemeentebestuur heeft grootse plannen met Johannesburg. Blue IQ heet het project ter waarde van 350 miljoen euro dat van de mijnstad een centrum van nieuwe technologie moet maken. De stad moet weer de allure krijgen die het had voor het einde van apartheid. Aan een hogesnelheidslijn tussen Johannesburg en Pretoria wordt al gewerkt.

,,Natuurlijke had de top in het centrum van Johannesburg moeten worden gehouden'', zegt Mark Whitehead, general manager van het Kwa Dukuza Egoli Hotel in het centrum van de stad. ,,Het is toch belachelijk dat een top over duurzame ontwikkeling uitgerekend wordt gehouden in Sandton, een wijk die alles al heeft. Ik vind het een armzalige voorstelling.''

Terwijl fameuze hotels als het Carlton en Holiday Inn de afgelopen jaren het centrum zijn ontvlucht is het management van het Kwa Dukuza Egoli een tegenoffensief begonnen. Bouwvakkers beitelen zich tien dagen voor het begin van de wereldtop nog suf op de vloer van het hotel, waar eind augustus bij de opening van het hotel bijna achthonderd gasten worden verwacht. Als er nog ergens geld is te verdienen in Johannesburg, zegt Whitehead, dan moet het hier zijn.

Het oude centrum heeft zich in de afgelopen tien maanden opgewerkt tot een van de goedkoopste zakencentra ter wereld. De nationale munt verloor in die tijd meer dan een derde van de waarde. In weinig buitenlandse steden zijn de prijzen, de huren of de transportkosten zo laag als in Johannesburg. Nu alleen de criminaliteit nog. ,,Het is heel simpel'', zegt Whitehead. ,,Als de bedrijven hier terugkomen, dan komen er weer banen vrij en zal een groot deel van de criminelen van de straat zijn. De infrastructuur is er voor, de markt is er. Het enige wat je nodig hebt is durf.''