Slapen tussen de diepvrieskisten

Een groot deel van Pirna is vernield door het water. ,,Vijf jaar hebben we tussen de troep geleefd omdat de stad gerenoveerd werd. Dat is nu allemaal weg.''

Bernd en Helga Täubrich staan voor hun huis in Pötzscha, onderdeel van de gemeente Stadt-Wehlen ten oosten van Dresden. De kelder is volgelopen, langzaam maar onverbiddelijk neemt de Elbe ook bezit van de begane grond. Het eind van de ellende is nog niet in zicht. Tot vanochtend zou de waterspiegel nog eens twee meter stijgen.

De Täubrichs zien zwijgend toe hoe de bruine drab met de penetrante geur van stookolie hun woonhuis en hun pension aan de Bahnhofstrasse vernielt. De gasten zijn woensdag al vertrokken, nu dartelt een rat over de kruin van een conifeer die nog net boven de waterspiegel uitsteekt. Helga rilt.

In Pötzscha jaagt de Elbe door een smal ravijn, aan de overkant van het water kleurt de avondzon het Elbsandsteingebirge okergeel. Sächsische Schweiz heet de feeërieke landstreek tussen Dresden en de Tsjechische grens. Tot eind vorige week een geliefd reisdoel voor toeristen; nu onderdeel van een crisisregio die reikt van Praag tot Magdeburg.

De Elbe weet van geen ophouden. Maandag trad ze buiten de oevers, dinsdag bedreigde ze de binnenstad van Dresden, vanochtend steeg het water nog steeds. In Dresden werd vanochtend om elf uur een waterpeil van 9,13 meter gemeten. Steeds meer wijken worden geëvacueerd, steeds meer historische gebouwen worden door het water overmeesterd.

In de chemiestad Bitterfeld in Saksen-Anhalt heeft vannacht een dijk het over een lengte van vijfhonderd meter begeven. De zestienduizend inwoners zijn geëvacueerd. Of de 350 chemische bedrijven het droog houden durft inmiddels niemand meer te zeggen. In Meissen is de beroemde porseleinfabriek beschadigd. Inwoners van Magdeburg zijn gisteravond in lange files de stad uit gevlucht.

In het hele stroomgebied van de Elbe op Duits grondgebied zijn tot nu toe naar schatting 100.000 mensen geëvacueerd. In totaal zijn 4,2 miljoen mensen door de catastrofe getroffen, becijferde het ministerie van Binnenlandse Zaken. De Duitse overheid heeft honderden miljoenen noodhulp ter beschikking gesteld, voortdurend stromen er giften binnen op speciale bankrekeningen. De Duitse tv-zenders verzorgen dit weekeinde benefietgala's om nog meer geld in te zamelen.

De slachtoffers hebben vooralsnog niet veel tijd gekregen om over financiële schade na te denken. ,,Met de blik op oneindig hebben we sinds vanochtend zes uur met meubels gezeuld om zoveel mogelijk te redden'', zegt Bernd. ,,Mijn levenswerk staat hier op het spel.''

De Elbe vernielt dezer dagen veel van wat in de afgelopen tien jaar in het kader van de Aufbau Ost, de opbouw van de nieuwe deelstaten na de eenwording, is gepresteerd. ,,Het is niet leuk, maar zo is het wel'', zei bondskanselier Gerhard Schröder gisteren, ,,de opbouw begint opnieuw.''

Bernd en Helga waren tot 1990 werkzaam bij de Reichsbahn in Dresden. Na de Wende trokken ze in Bernds ouderlijk huis in Pötzscha en bouwden het oude vakwerkhuis om tot een pension. Met succes. Tweehonderd meter verderop aan de Bahnhofstrasse hebben ze net een tweede pand gekocht dat met bankleningen wordt gerenoveerd. Ook het toekomstige filiaal van Pension Täubrich staat onder water. Bernd steekt een sigaret op. De schade zal wel in de buurt van de 100.000 euro komen, gokt hij. Hij kijkt naar de rat. ,,Die heeft het vege lijf in ieder geval kunnen redden.''

De meeste mensen hier kunnen nog niet goed vatten wat hun overkomt, zegt brandweerman Thubrich, die aan de spoordijk van Pötzscha de wacht houdt. Het spoor, een belangrijke verbindingsader voor internationaal treinverkeer, verdeelt Pötzscha in een hoger en een lager gedeelte. Na een eerdere overstroming is het tracé een meter hoger gelegd. Voor alle zekerheid. Thubrich verwacht dat de Elbe deze keer geen halt zal houden aan de rails.

Op een tractor passeert timmerman Pohl, hij ruimt zijn werkplaats leeg. De kostbare machines zijn met vereende krachten op een aanhangwagen geladen. Mevrouw Pohl zit op een kratje bier waarmee straks de vrijwilligers worden bedankt. ,,De solidariteit is geweldig'', zegt ze.

Twintig kilometer stroomopwaarts, in de steden Pirna en Heidenau, is een immense logistieke operatie op gang gekomen. Mogelijk dertigduizend mensen moeten uitwijken naar hoger gelegen gebieden. Een colonne van 250 reddingsvoertuigen met kentekens uit heel Duitsland raast over de B-172. De stadskernen staan onder water. Sommige gezinnen worden onder dwang uit hun huizen gehaald. De bevolking wordt ondergebracht in sporthallen, scholen en winkels. In het filiaal van Walmart mogen ze toiletartikelen gratis van de schappen pakken. Tussen de diepvrieskisten worden matrassen neergelegd.

Voor de sporthal in Pirna komen inwoners met een maaltijd van het Technische Hilfswerk op verhaal. De komende nachten zijn ze veroordeeld tot een matras. Een oude vrouw wipt zenuwachtig heen en weer: ze is haar medicamenten kwijt. Een landmeter vertelt hoe hij op het nippertje zijn auto in veiligheid bracht. Zijn buurvrouw moest toezien hoe de vloed haar auto meesleurde. ,,Op het ene moment stond hij er nog nog, even later kon ik hem uitzwaaien. Weg.'' Ze had geen tijd voor haar auto omdat ze de onderburen hielp de goederen uit hun kiosk in veiligheid te brengen. Nu heeft ze er spijt van. Haar dochter vindt dat wel erg egoïstisch. ,,Vijf jaar hebben we tussen de troep geleefd omdat de stad gerenoveerd werd. Het werd prachtig. Dat is nu allemaal weg. Denk daar eens aan.''