Geld Filippijnse communisten bevroren

De Nederlandse regering heeft gisteren onder druk van de Verenigde Staten de tegoeden bevroren van de onder meer vanuit Utrecht opererende Communistische Partij van de Filippijnen (CPP) en van oprichter José Maria Sison.

De Verenigde Staten plaatsten de Filippijnse organisatie evenals haar gewapende tak, het Nieuwe Volksleger (NPA), afgelopen vrijdag op hun lijst van terroristische organisaties en drongen er bij Nederland op aan hetzelfde te doen. De Amerikaanse regering beschouwt Sison, gezien zijn betrokkenheid bij zowel de CPP als de NPA, als een representant van deze organisaties. Een woordvoerder van het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken bevestigt dat het kabinet zich heeft aangesloten bij de opvatting van de Verenigde Staten.

Sison leeft al sinds 1988 als banneling in Nederland. Hij heeft geen verblijfstitel, maar omdat hem in de Filippijnen de doodstraf boven het hoofd hangt, mag hij niet worden uitgewezen. Volgens de woordvoerder van Buitenlandse Zaken is Nederland krachtens een door het kabinet aanvaarde resolutie van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, in het kader van de bestrijding van het internationale terrorisme, verplicht de tegoeden van de Filippijnse organisatie en die van Sison te blokkeren. Het kabinet heeft inmiddels de Europese Unie gevraagd de CPP en zijn oprichter Sison ook op te nemen op de Europese lijst van terroristische organisaties waartegen sancties worden genomen. Deze lijst wordt maandelijks aangepast.

In tegenstelling tot sommige andere EU-lidstaten heeft Nederland voor 11 september organisaties als bijvoorbeeld de Koerdische Arbeiders Partij (PKK) getolereerd. In Duitsland was deze verboden. In het kader van de bestrijding van het internationale terrorisme volgt Den Haag nu de lijn van de EU. Dat betekent dat de tegoeden van de organisaties die op lijst staan worden bevroren, maar dat de groeperingen niet worden verboden.

Sison, die in 1968 de maoïstisch geïnspireerde CPP oprichtte, is volgens de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD), de voormalige BVD, nog steeds politiek leider van de CPP. Hij maakt deel uit van een groep van ongeveer dertig Filippijnse bannelingen, die vanuit Utrecht opereren.

Al in 1992 werd vastgesteld dat de NPA, de militaire arm van de communistische organisatie, vanuit Nederland wordt aangestuurd. De NPA wordt op de Filippijnen verantwoordelijk gehouden voor een groot aantal gewelddadige acties, waarbij volgens de AIVD jaarlijks tussen de honderd en tweehonderd mensen om het leven komen.

Sison reageerde vanmorgen verontwaardigd op de beslissing van het kabinet om de tegoeden te blokkeren. Volgens hem beschikt noch de CPP noch hijzelf over noemenswaardige gelden. ,,Op de gezamenlijke rekening van mijn vrouw en mij staat ruim duizend euro, op die van de Stichting Informatiebureau van het Nationale Democratische Front (waarvan de CPP en de NPA de belangrijkste organsiaties zijn, red.), niet zoveel meer'', aldus Sison.