Noord-Korea verandert uit pure noodzaak

In Noord-Korea heeft een onderhuidse economische omwenteling plaats. Hebben de hervormers de overhand gekregen of is het regime op sterven na dood?

Na een halve eeuw van allesomvattend dirigisme, waarbij zelfs contant geld in het economisch verkeer in ongebruik is geraakt, staat Noord-Korea aan het begin van de ingrijpendste liberaliseringsmaatregelen sinds het communisme er werd geïntroduceerd. Dat hebben diplomaten in Noord-Korea gezegd.

De nieuwe maatregelen omvatten grote loonverhogingen voor arbeiders en nog hogere stijgingen van de prijzen van voedsel, electriciteit en huisvesting. Ook wordt gesproken over de afschaffing van voedselbonnen en de stopzetting van veel overheidssubsidies aan noodlijdende fabrieken.

Volgens sommige waarnemers zijn de veranderingen ingegeven door de Chinese vrije markthervormingen van eind jaren tachtig. Anderen zien meer overeenkomsten met Vietnam, waar de economische hervormingen minder uitdrukkelijk zijn. Maar ze zijn het er in elk geval over eens dat de nieuw genomen maatregelen in geen enkel opzicht lijken op hetgeen het regime in het verleden heeft uitgevoerd. Zij geloven dat de maatregelen mogelijk de eerste schreden zijn op weg naar een economie waarbij het kapitalisme en socialisme worden gemengd.

In overeenstemming met haar uitgesproken geheime stijl van besturen heeft de regering van Kim Jong Il nog geen belangrijke verklaringen afgelegd waarin de veranderingen worden uitgelegd. Maar volgens Westerse diplomaten in de hoofdstad Pyongyang hebben Noord-Koreaanse arbeiders bevestigd dat hun loon tot het twintigvoudige is verhoogd. Tegelijkertijd zouden prijzen voor basisprodukten, waaronder rijst, sinds het begin van de maatregelen, begin juli, tot het dertigvoudige zijn verhoogd.

Hoewel niet duidelijk is hoever de regering wil gaan met haar maatregelen, lijken die te zijn bedoeld om de Noord-Koreaanse prijzen meer op een lijn te brengen met die op de wereldmarkt. ,,Dit is een heel belangrijk verschil met het verleden'', aldus een Westerse diplomaat die onlangs aanwezig was bij een briefing van de regering over de economie. ,,Tot nog toe was niemand afhankelijk van geld. Er waren grote tekorten, maar de regering voorzag gratis in de meeste behoeften. En als zij een groter productie wilde van het een of ander, dan vertrouwden ze op spandoeken en slogans, en niet op het uitdelen van beloningen.''

Diplomaten uit de kleine groep van landen die ambassades hebben in Noord-Korea zeggen dat de politieke aspecten van de recente veranderingen minstens zo belangrijk zijn als de economische.

Noord-Korea is het enige communistische land waar de hoogste politieke leiding een kwestie is van erfrecht. De man die het regime in 1948 tot stand bracht, Kim Il Sung, en zijn zoon Kim Jong Il, de huidige leider, worden van oudsher behandeld als goden. Voor een regime dat voorheen nog nooit beleidsfouten heeft erkend of kritiek op dat beleid heeft getolereerd, lijken de recente economische maatregelen, samen met een even zo opmerkelijke verandering van de diplomatieke koers, te wijzen op een bereidheid te breken met de gewoontes uit het verleden.

,,Het vergt een zekere mate van inzicht om te zeggen: `We hebben de afgelopen vijftig jaar de verkeerde weg gevolgd','' aldus een hoge Westerse diplomaat. ,,De Noord-Koreaanse leiders wekken niet langer de indruk dat het hier een onfeilbare regering betreft die alle wijsheid in pacht heeft. Dat op zich is al een monumentale verandering.''

Economen maken wel de kanttekening dat de recente maatregelen vooralsnog weinig invloed hebben op de desastreus ineengeslonken agrarische en industriële productie.

,,Noord-Korea heeft feitelijk de afgelopen 25 jaar zonder contant geld gefunctioneerd'' , zegt Nicholas Eberstadt, een Korea-specialist van het American Enterprise Institute in Washington. De herintroductie van contant geld ,,is een noodzakelijke, maar te kleine stap voor een aansluiting bij de wereldeconomie. Je zou kunnen zeggen dat ze Pluto hebben verlaten en op Mars zijn gearriveerd. Het klinkt als een zeer grote verandering [...] maar het is nog erg ver verwijderd van Aarde.''

Een Noord-Koreaanse functionaris zei desgevraagd vanuit Kumho, een verlaten havenstad in de noordoostelijke regio die tot de ineenstorting van de Sovjet-Unie nog bruiste van de activiteit, dat geen sprake was van systematische verandering. ,,Het enige wat we doen is ons socialisme verbeteren'', antwoordde de functionaris laconiek. Hij was vorige week aanwezig bij een rondleiding op een bouwterrein in Kumho, waar een intenationaal consortium twee nucleaire reactors bouwt die deel uitmaken van een in 1994 gesloten anti-proliferatieverdrag met Noord-Korea.

Dat Noord-Korea dringend behoefte heeft aan veranderingen, bleek duidelijk tijdens het bezoek van buitenlandse journalisten aan het bouwterrein van de reactors. Het enige Noord-Koreaanse voertuig dat zich die dag liet zien, was een krakkemikkige locomotief die zich voorzichtig door het stadje begaf. Het enige wat er in een stoffige kadowinkeltje is te vinden, zijn ginseng produkten en goedkope snuisterijen. Vissersboten komen nauwelijks de haven van Kumho uit wegens tekort aan brandstof en apparatuur om de vangst in te vriezen. Diplomaten die de tien uur durende tocht van Pyongyang naar de kerncentrale hebben gemaakt, zeiden dat ze voor een groot deel over modderwegen moesten reizen. ,,Je ziet kilometer na kilometer stilgelegde fabrieken die wegroesten'' aldus een diplomaat. ,,Wat is de betekenins van een veertigvoudige loonsverhonging wanneer je de mensen niet de gelegenheid geeft iets te produceren?''

Diplomaten en andere waarnemers vinden het opmerkelijk dat de recente economische veranderingen in Noord-Korea worden doorgevoerd op een moment dat de regering in Pyongyang ook op diplomatiek vlak opmerkelijke stappen zet. Zo heeft Noord-Korea tegelijkertijd nieuwe toenadering gezocht naar de drie historische vijanden van het land: Zuid-Korea, Japan en de Verenigde Staten. Op dit moment vinden gesprekken tussen Noord- en Zuid-Korea plaats in Seoul.

De nieuwe economische en diplomatieke initiatieven kunnen twee dingen betekenen. Voorstanders van economische hervormingen en toenadering, onderwie mogelijk Kim zelf, hebben na twee jaar van onderbroken toenadering met het Zuiden, verslechterde betrekkingen met de Verenigde Staten en Japen, eindelijk de overhand gekregen op de haviken binnen het leger en de communistische partij. Een andere, meer tactische perceptie is dat de economische situatie van misoogsten, hongersnood en verwaarloosbare exportinkomsten het voortbestaan van het regime beginnen te bedreigen.

©New York Times