IMF-infuus voor Brazilië

Paul O'Neill, de Amerikaanse minister van Financiën, heeft vorige week een trip naar Latijns Amerika gemaakt. Het is een vrijgevige reis langs de hoofdsteden van Brazilië, Uruguay en Argentinië geworden: het Internationaal Monetair Fonds (IMF), waar de Amerikanen een doorslaggevende stem in hebben, heeft 30 miljard dollar aan Brazilië en 3,8 miljard dollar aan Uruguay toegezegd. Aansluitend hebben de Wereldbank en de Interamerikaanse Ontwikkelingsbank hun leningen aan Brazilië verhoogd met drie miljard dollar. Argentinië kwam er bekaaid af: de Argentijnen kregen niets in het vooruitzicht gesteld.

Met de toezeggingen hoopt het IMF de financiële rust in Latijns Amerika te kunnen herstellen. Dat is niet gegarandeerd. De Braziliaanse en Uruguayaanse munten herstelden zich van de paniekverkopen van de afgelopen week, maar de financiële markten blijven Zuid-Amerika met argwaan behandelen. De Amerikanen beginnen zich zorgen te maken. O'Neill, de industrieman die als minister van Financiën weinig subtiel omgaat met de gevoeligheid van de financiële wereld, heeft zich de kritiek op zijn recente ongenuanceerde uitspraken in zoverre aangetrokken, dat hij zich tijdens zijn latin trip niet heeft versproken. Ook hij beseft dat het niet in het Amerikaanse belang is als de zuidelijke hemisfeer wegzinkt in financiële chaos. Voor grote economieën van strategische landen – Brazilië in Zuid-Amerika, Turkije in het Midden-Oosten – laat O'Neill zijn politieke weerzin tegen het IMF vallen. Met als nevenbedoeling een linkse of islamistische overwinning in respectievelijk Brazilië of Turkije te keren.

De IMF-lening aan Brazilië is het grootste afzonderlijke bedrag dat het IMF ooit heeft toegezegd, al zijn in de jaren negentig aan Mexico, Zuid-Korea, Indonesië en Brazilië grotere gecombineerde leningen verstrekt.

De vraag is: brengt het IMF-infuus uitstel of afstel van de crisis. Voor Uruguay, dat uitzonderlijk kwetsbaar is omdat het fungeert als het dichtstbijzijnde belastingparadijs voor Argentinië, biedt de lening respijt. Aangezien Argentijnen niet bij hun geblokkeerde spaarrekeningen in eigen land kunnen komen, hebben ze hun rekeningen aan de overkant van de Río de la Plata leeggehaald. Hierdoor stroomden de deviezen uit Uruguay. Een begin van een oplossing van de Argentinië-crisis is derhalve onontbeerlijk om de status van Uruguay als offshore bankencentrum te herstellen. Maar Argentinië heeft nog steeds het dieptepunt van zijn neergang niet bereikt en de politieke toekomst is, ondanks vervroegd uitgeschreven verkiezingen voor maart volgend jaar, onzeker. Daarmee is ook het herstel van de geruïneerde economie niet in zicht.

Voor Brazilië geldt een ander verhaal. Het grootste land van Zuid-Amerika heeft een grote buitenlandse schuld (260 miljard dollar) en staat aan de vooravond van presidentsverkiezingen met een onzekere uitkomst. Twee linkse kandidaten leiden in de peilingen. Het perspectief dat een van hen zou winnen en – net als Argentinië eind vorig jaar – opschorting van de schuldbetalingen zou aankondigen, leidde tot paniek. Het gaat dus in de eerste plaats om herstel van vertrouwen. Vandaar dat het IMF als voorwaarde voor de lening heeft gesteld dat het behoudende financieel-economische beleid wordt voortzet. De uitbetaling van 80 procent van de lening (24 miljard) is afhankelijk van een begrotingsoverschot (zonder rentebetalingen) van 3,75 procent volgend jaar. Wie de verkiezingen in oktober ook wint, de nieuwe president is met handen en voeten aan het IMF-akkoord gebonden.

Twee modellen voor de aanpak van financiële crises in Latijns Amerika worden nu in de praktijk gebracht. Argentinië wordt al acht maanden in afwachting van verdergaande economische hervormingen en politieke toezeggingen aan zijn lot overgelaten; Brazilië krijgt haastig een reddingsboei toegeworpen waaraan het zich kan vastklampen. De financiële reddingsoperatie van Brazilië is hiermee evenzeer een gok voor het IMF als een toetssteen voor de toekomstige Braziliaanse regering.