Vijftig doden na gevechten in Colombia

Bij zware gevechten tussen linkse guerrillastrijders van de FARC en rechtse paramilitairen in het noorden van Colombia zijn gisteren zeker vijftig doden gevallen.

De twee groepen ontmoetten elkaar bij het dorp Santa Rosa, en zouden elkaar bestrijden om het bezit van een goudmijn en de opbrengst van enkele coca-oogsten. Volgens een plaatselijke commandant van het leger, dat geen partij was in de strijd, vonden dertig paramilitairen en twintig FARC-leden de dood. De FARC zou bij het gevecht steun hebben gekregen van rebellen van het ELN, een andere extreemlinkse beweging.

Ook elders in Colombia vielen doden. Vier politieagenten kwamen om in een hinderlaag van FARC-rebellen in de stad Paz de Ariporo. Twee rebellen werden door het leger gedood in de stad San Vicente del Caguan.

De gevechten komen minder dan 24 uur na de inauguratie van Álvaro Uribe Vélez, die in mei door de Colombianen werd gekozen wegens zijn belofte hard op te treden tegen de FARC en andere gewelddadige organisaties. De nieuwe president leek gisteren kalm, ondanks de hernieuwde gevechten en een reeks aanslagen tijdens zijn inauguratie. Daarbij kwamen woensdag negentien mensen om het leven en raakten zeventig mensen gewond. ,,Veertig miljoen Colombianen zijn in gevaar'', zei Uribe. ,,Als we samenwerken, kunnen we een einde maken aan dit gevaar.''

Uribe zetten gisteren zijn plan voor `burgerwachten', burgers die met een fiat van de regering informatie zullen vergaren over medeburgers, verder uiteen. De in het totaal één miljoen `spionnen' moeten de ,,ogen en oren'' van Colombia worden. Ze worden onder meer uitgerust met radio's om aan het leger verslag over mogelijke aanslagen te kunnen doen, en zullen wellicht ook worden bewapend. Mensenrechtenorganisaties hebben hun zorgen uitgesproken over het plan. Zij vrezen dat burgers hierdoor vaker het doelwit van aanslagen zullen worden.

Waarnemers menen bovendien dat goed geplande aanslagen, zoals de aanslagen tijdens de inauguratie van Uribe, niet door deze burgerwachten zijn te voorkomen. Volgens de politiecommandant van Bogotá werden de granaten van afstand tot ontploffing gebracht. Explosievenexpert Jairo Parra van de Colombiaanse geheime dienst, meent dat de aanslagen overeenkomsten vertonen met aanslagen die in het verleden zijn gepleegd door het Ierse Republikeinse Leger (IRA). In augustus vorig jaar werden drie vermeende IRA-leden in Bogotá aangehouden. De Colombiaanse regering beschuldigt hen ervan FARC-rebellen te hebben onderwezen in het bouwen van semtex-bommen. Twee van hen zijn bommenmakers van de IRA. Ook de VS vermoeden dat de FARC en de IRA banden hebben.