Uitgekookte wekker

Gestresste mensen gaan anders om met apparatuur dan relaxte personen. Promovendus Stephan Wensveen illustreerde dat via wekker-onderzoek.

Een wekker maakt geen onderscheid tussen iemand die acht uur heeft geslapen en iemand die slechts vier uurtjes nachtrust heeft gehad. Het ding gaat genadeloos af op de ingestelde tijd. Het apparaat stelt zich ook niet in op de gemoedstoestand van de ontwakende slaper, terwijl de meeste mensen heel anders wakker (willen) worden als ze de trein moeten halen dan wanneer ze een vrije dag hebben. Stephan Wensveen probeert daar verandering in te brengen. Na vier jaar promotieonderzoek aan de TU Delft (faculteit Industrieel Ontwerpen) denkt hij te weten hoe de ideale wekker eruit moet zien.

Om uit te zoeken wat van invloed is op het ochtendhumeur, vroeg Wensveld een aantal proefpersonen om gedurende een week hun ervaringen bij te houden in een dagboek. Ze noteerden feitelijke informatie (wanneer ga je naar bed en hoe laat sta je op), maar ook hun gemoedstoestand op die momenten. De proefpersonen moesten hun eigen wekker en de `ideale wekker' omschrijven als het `kind van twee ouders', vrij te kiezen uit een lijst van 24 mogelijkheden. Zo omschreef iemand zijn huidige wekker als het kind van Professor Zonnebloem en een hond, en stelde zich de ideale wekker voor als een nakomeling van de Zon en Marilyn Monroe. Opvallend veel wekkers hadden Stalin als vader.

Uit deze verzameling gegevens kwamen drie weinig verrassende factoren naar voren die bepalend zijn voor de emotionele beleving van het ontwaken: de duur van de nachtrust, de urgentie van het ontwaken, en de gemoedstoestand bij het inslapen. Een emotioneel-intelligente wekker heeft deze informatie nodig om te beslissen hoe de gebruiker het beste kan worden gewekt. Maar de enige interactie tussen mensen en hun wekker is het instellen van de wektijd, en het afzetten van het alarm (al dan niet bij herhaling, dankzij de sluimeroptie). Als je de wektijd vlak voor het slapen gaan instelt, kan de wekker daaruit opmaken hoeveel nachtrust je krijgt. Je zou natuurlijk een wekker kunnen ontwerpen waarbij ook de ontwaakurgentie en je emotionele toestand worden ingesteld. Wensveen bedacht echter een manier om die informatie aan de gebruiker te ontfutselen tijdens het instellen van de wektijd. Bij de meeste elektronische wekkers gebeurt dat door herhaaldelijk op een knopje te drukken - eerst om het hele uur te kiezen, en vervolgens het aantal minuten. Wensveens discus-vormige prototype heeft aan de voorzijde een display met de actuele tijd. In een waaier daaromheen zijn twaalf schuifknoppen aangebracht. Als alle knoppen naar buiten staan geschoven is de wektijd gelijk aan de actuele tijd. Door de knoppen naar binnen te schuiven verandert de wektijd. Ieder knop kan daar maximaal een uur aan toevoegen. Wie over acht uur gewekt wil worden kan acht (willekeurige) knoppen helemaal naar binnen schuiven, of een nette cirkel maken waarbij alle twaalf knoppen voor tweederde zijn ingeschoven. Er zijn oneindig veel patronen mogelijk die allemaal dezelfde wektijd representeren.

avondhumeur

Uit experimenten met een nieuwe groep proefpersonen leidde Wensveld een verband af tussen de emotionele factoren (avondhumeur, urgentie van opstaan) en de wijze waarop iemand de wekker instelt. De proefpersonen werden in een bepaalde stemming gebracht door het vertonen van filmfragmenten (bijvoorbeeld een opzwepende scène uit `The Blues Brothers' of een deprimerende fragment uit de Russische film `Stalker'). Aan het einde daarvan verscheen een boodschap omtrent de urgentie van het opstaan (`Vliegtuig halen. Je mag je niet verslapen!' of `Morgen lekker vrij'). Daarna moest de wekker worden ingesteld op precies acht uur slapen. Een computer registreerde nauwkeurig hoe die instelling tot stand kwam: de volgorde waarin de knoppen werden verplaatst, de tijdsintervallen daartussen, de schuif-snelheid, en natuurlijk het resulterende patroon. Er blijkt verband te bestaan tussen de manier waarop iemand de wekker instelt, en zijn humeur en de urgentie van opstaan. Een positieve gemoeds-toestand geeft meestal symmetrische patronen. Iemand die opgewonden is zal de knoppen sneller bewegen en meer naar zich toe trekken. Als op tijd opstaan belangrijk is, vormen de knoppen vaak een glad aaneengesloten patroon.

Midden bovenop de testwekker zit de sluimerknop met daaronder de display die de wektijd aangeeft. Hoe een ontwakende slaper die knop beroert weerspiegelt zijn ochtendhumeur. Uit een krachtige vuistslag kan de wekker opmaken dat het huidige wekvoorschrift voor verbetering vatbaar is. En de gebruiker kan het patroon dat hij de avond tevoren heeft ingesteld associëren met het gedrag van de wekker. Zo raken wekker en slaper steeds beter op elkaar ingespeeld. Althans, dat is het idee. Want er is nog helemaal geen emotioneel-intelligente wekker. Stephan Wensveen heeft alleen laten zien dat de manier waarop mensen met een apparaat omgaan informatie bevat over hun gemoedstoestand. Een slimme wekker zou daar gebruik van kunnen maken. Zijn promotiedatum nadert echter met rasse schreden. Hij zal die dag dus nog gewoon door zijn oude gehate wekker gewekt worden.