Linkshander maakt de balans op

De tennisloopbaan van Jan Siemerink loopt na dertien jaar op zijn einde. De 32-jarige servicevolleyspecialist kijkt met een voldaan gevoel terug op een half leven dat zich afspeelde op tennisbanen in alle uithoeken van de wereld. ,,Het mooiste is dat ik tien jaar lang bij de beste honderd tennissers van de wereld heb gestaan.''

Voor het tweede achtereenvolgende jaar brengt Jan Siemerink een deel van de zomer door in de marge van het internationale tennis. Terwijl zijn landgenoten Richard Krajicek en Sjeng Schalken zich in steden als Toronto en Cincinnati voorbereiden op de US Open, probeert de 32-jarige Nederlander de club Blau Weiss Sundern aan de titel in de Duitse Bundesliga te helpen. En zelfs op de gravelbanen in het schilderachtige Sauerlandse dorpje is voor Siemerink dit seizoen slechts een bijrol weggelegd. Als de nummer 276 van de wereld is de linkshandige tennisser voorlopig alleen een vaste waarde in de dubbel. Desondanks waren de schijnwerpers gisteren vol op Siemerink gericht. Voor een met 4.400 toeschouwers gevuld stadionnetje speelde de geboren Rijnsburger aan de zijde van de in 1999 met professioneel tennis gestopte Boris Becker. Het gelegenheidsduo versloeg in een ontmoeting met het Duitse Blau Weiss Krefeld het Oostenrijkse koppel Jürgen Melzer en Philipp Müllner met 7-6, 4-6 en 7-6.

Natuurlijk wil Siemerink het liefst ook in de enkelspelen de kleuren van Sundern verdedigen, maar hij begrijpt dat de clubleiding voorlopig de voorkeur geeft aan spelers die de afgelopen maanden beter presteerden. In de pikorde met tennissers als de Braziliaan Andre Sa, de Duitser Alexander Popp, de Spanjaard Alex Calatrava en de Nederlanders Dennis van Scheppingen en Edwin Kempes staat Siemerink slechts op de negende plaats. Voor drievoudig Wimbledonkampioen en voormalig nummer één van de wereld Becker was Siemerink echter de uitgesproken kandidaat om hem bij te staan in de dubbel.

Net als Siemerink was Becker vorige maand op Wimbledon aanwezig om voor de televisie wedstrijden te analyseren. Siemerink als nog actieve profspeler die zich op basis van zijn prestaties niet had weten te plaatsen voor het prestigieuze grastoernooi en Becker als de al drie jaar met tennis gestopte wereldster. ,,Ik gaf daar net als Jacco Eltingh onder meer co-commentaar voor RTL5. Op een gegeven moment lukte het ons om Becker naar de studio te halen voor een interview'', zegt Siemerink in de lounge van het midden in Sundern gelegen spelershotel. ,,Becker wist dat ik bij Sundern zou spelen en vroeg meteen of ik niet met hem wilde dubbelen. Ik heb in het verleden vaak tegen hem gespeeld. Ik ben de enige speler uit de ploeg die hij echt kent. Becker komt hier echt als publiekstrekker. Hij kan het geld waarschijnlijk goed gebruiken. Ik vind het prima om met hem te spelen. Na al die jaren raak ik niet meer zo snel ergens van onder de indruk.''

In de dertien jaar dat Siemerink zich als prof in het internationale tennis bewoog, wist hij op verschillende ondergronden vrijwel alle wereldtoppers te verslaan. Op een toernooi in Stockholm moest ook Becker hem in 1997 als verliezer de hand schudden. Destijds betekende het één van de mooiste zeges in de loopbaan van Siemerink. Vandaag de dag is Becker al lang geen partij meer voor hem. ,,Hij speelt dan misschien af en toe nog een partijtje, maar Becker is al jaren gestopt met serieus tennis. Als ik nu nog van hem zou verliezen zou ik helemaal gek worden'', zegt Siemerink met een brede lach op zijn gezicht. ,,Ik ben nog altijd topfit.''

Ondanks zijn nog altijd sterke fysieke gestel ligt de tijd dat hij het iedere tennisser lastig kon maken, al weer een paar jaar achter hem. De speler die in het verleden vier toernooizeges behaalde en in 1998 even nummer veertien van de wereld was, wist zich de laatste jaren met vallen en opstaan te handhaven in de subtop van het mannentennis. Dit seizoen daalde Siemerink echter af naar de kelders van het proftennis. In de zeven toernooien die hij in 2002 speelde, wist de Nederlander slechts zeges te behalen op onbekende spelers als de Belg Dominique Coene, de Spanjaard David Villanueva en zijn landgenoot Fred Hemmes jr. Een vrije val op de wereldranglijst was het gevolg. Het onvermijdelijke einde van zijn carrière is in zicht.

Siemerink heeft het plan om zich over ruim een week in New York te melden voor het kwalificatietoernooi van de US Open. Om daar toegelaten te worden moeten echter eerst nog drie hoger genoteerde spelers op de wereldranglijst afzeggen. Twaalf maanden geleden haalde Siemerink op de US Open de tweede ronde van het hoofdtoernooi na een overwinning in de eerste ronde op de Tsjech Jiri Vanek. Zijn laatste zege in een partij op het hoogste niveau. Siemerink moet nu vrezen dat hij na het toernooi van New York voor het eerst sinds 1989 buiten de top-300 van de wereld terechtkomt.

,,Ik ga niet koste wat het kost door. Ik heb een te mooie carrière gehad om straks als een gefrustreerde man afscheid te moeten nemen. Dat zou ik verschrikkelijk vinden'', zegt Siemerink op rustige toon. ,,De kans is dan ook heel groot dat ik na de US Open stop. Als je bij de beste honderd wil horen moet je de hele wereld over trekken om toernooien te spelen. Daar heb ik niet meer zoveel zin in. Ik heb er dit jaar bewust voor gekozen minder te spelen. Dat zie je direct terug in de resultaten. Je komt ritme tekort. In het verleden had ik altijd doelen voor ogen. Ik wilde mezelf blijven verbeteren. Maar dat heb ik nu niet meer. De echte wil om ten koste van alles terug te vechten is er niet meer. Het is tijd geworden om de balans op te gaan maken.''

Siemerink merkte dit jaar voor het eerst dat tennis niet meer automatisch op de eerste plaats komt. Zo liet hij bijvoorbeeld voor het eerst in tien jaar de Australian Open verstek gaan om aan zijn nieuwe huis in Noordwijk te werken. ,,Ik merk dat ik het steeds leuker vind om thuis te zijn'', zegt Siemerink. ,,Ik denk ook wel eens aan het stichten van een gezin. Tennissen en het hebben van kinderen gaat wat mij betreft sowieso niet samen. Je kunt niet met een gezin gaan reizen. Dat leidt veel te veel af. Als tennist moet je daar vol voor kunnen gaan. En anders moet je besluiten dat je stopt.''

De afgelopen twee jaar werkte Siemerink al geleidelijk naar het einde van zijn loopbaan toe. Toen het aan het begin van het jaar 2000 voor hem duidelijk werd dat hij nooit meer hoger zou komen dan zijn veertiende plaats op de wereldranglijst van 1998, verdween een groot deel van zijn motivatie. Hij stelde zichzelf vervolgens nog hardop ten doel om terug te keren in de top-50, maar de realiteit leerde hem dat hij zijn uiterste best moest doen om in de top-100 te blijven. ,,Zo hoog mogelijk op die wereldranglijst komen is altijd mijn drijfveer geweest. Als die motivatie dan wegvalt krijg je een klap. Dan moet je andere doelen gaan zoeken'', legt Siemerink uit. ,,Zo werd het spelen van wedstrijden voor de Davis Cup bijvoorbeeld nog veel belangrijker voor me. Daarin viel voor mij nog iets bereiken wat ik nog niet gehaald had. Dat we vorig jaar tegen Duitsland de halve finale haalden was natuurlijk fantastisch. Maar het mooiste is toch dat ik kan zeggen dat ik tien jaar lang bij de beste honderd tennissers van de wereld heb gestaan.''

Door de buitenwereld is Siemerink vaak afgeschilderd als `de man van alles of niets'. Jantje lacht, Jantje huilt. Met zijn magische handen wist hij in wedstrijden boven zichzelf uit te stijgen en kon hij zijn tegenstanders met toverballen tot absolute wanhoop drijven. Maar als Siemerink zijn dag niet had kon hij door iedereen van de baan worden geveegd. ,,Ach, hoe anderen over me dachten heeft me nooit veel kunnen schelen. Als je vijftig tot zestig wedstrijden in een jaar speelt, kun je onmogelijk altijd op je toppen presteren. De keren dat je heel goed of juist heel slecht bent, zijn op een hand te tellen. Het gaat om de partijen die daar qua prestatie tussenin liggen. Dat is je niveau. Het loopt nu eenmaal niet altijd zoals je wilt. Dat is de mysterie van topsport en dat ongrijpbare maakt de sport juist zo mooi.''

Siemerink heeft in de loop van de tijd wel geleerd dat tennissen in de wereldtop alleen is weggelegd voor degenen die de sport als een professioneel vak benaderen. ,,Als je echt beter wilt worden moet je honderd procent met tennis bezig zijn. Dan heb je geen tijd voor andere zaken. Tijd om te genieten van een overwinning heb je nauwelijks. Je moet steeds weer door. In het begin van loopbaan heb ik ook mentale begeleiding gehad. Aan de hand van allerlei oefeningen leerde ik mezelf kennen. Zo bleek dat ik heel snel afgeleid was. Ik kon mijn concentratie moeilijk vasthouden. Als je dat weet kun je daar aan werken. Ik heb twee jaar met die man aan de mentale aspecten van mijn spel gewerkt. Ik zou het andere spelers zeker aanraden. Je moet steeds dingen zoeken om beter te worden.''

Wanneer een tennisser zichzelf niet meer weet te verbeteren komt het einde volgens Siemerink snel in zicht. ,,Ik merk dat op een gegeven moment de jaren gaan tellen. Zowel fysiek als mentaal zijn tennissers aan slijtage onderhevig. En als je voelt dat je niet meer die honderd procent van weleer hebt, ga je automatisch achteruit. Daar komt bij dat de sport steeds in ontwikkeling is. Vroeger werd er gesproken over `Boem Boem Boris', maar nu wordt er veel harder geslagen. De sport is in een stroomversnelling terechtgekomen. Voor een servicevolleyspecialist zoals ik is het steeds moeilijker om het bij te benen. Het is jammer, maar de servicevolleyspecialist is een uitstervend ras.''

Verschillende collega-tennissers van Siemerink spraken de afgelopen tijd hardop hun vermoedens uit over het gebruik van doping in de snel evaluerende sport. ,,Laat ik zeggen dat het heel naïef zou zijn om te denken dat in het tennis geen doping wordt gebruikt'', stelt Siemerink voorzichtig. Hij roert rustig met een lepeltje de suiker in zijn thee en vervolgt: ,,Natuurlijk hebben tennissers ook baat bij doping. Het kan het uithoudingsvermogen verbeteren en blessures kunnen daarmee sneller genezen. Van mij kan er niet streng genoeg gecontroleerd worden. De sport moet schoon zijn. Daar moet alles voor wijken. Je wilt toch niet tegen iemand spelen die gebruikt heeft? Op het moment dat een sporter wordt gepakt moet je hem voor jaren straffen. Neem die Argentijn Juan Ignacio Chela. Hij heeft toegegeven dat hij gepakt heeft en krijgt maar drie maanden schorsing. Ongelooflijk. Zo iemand moet je keihard aanpakken.''

Siemerink, die vorig jaar het mondaine Monaco na jaren verruilde voor de Zuid-Hollandse kust waar hij opgroeide, weet nog niet precies wat hij gaat doen als zijn baan als professioneel tennisser ten einde is. ,,Ik ga in elk geval niet stil zitten. Maar ik moet eerst voor mezelf bepalen wanneer ik stop. Dan ga ik verder denken. Ik weet nu al dat ik het gevoel van de overwinning het meeste ga missen. Het gevoel van scoren. Alsof je een belangrijk doelpunt hebt gemaakt. Als je geen wedstrijden meer speelt ben je dat gevoel voor goed kwijt.''