Euro leidt tot nog hogere inflatie

De invoering van de euro heeft tot een tweemaal zo groot inflatie-effect geleid als eerder werd verondersteld. In plaats van een extra inflatie van rond 0,3 procentpunt moet worden uitgegaan van een extra inflatie van rond de 0,6 procentpunt.

Dit blijkt uit uitlatingen van president Wellink van De Nederlandsche Bank (DNB) gisteravond in het televisieprogramma Nova. Wellink citeerde daar uit nieuw onderzoek van DNB, als vervolg op onderzoek uit het begin van dit jaar.

Uit dat eerdere onderzoek kwam naar voren dat de detailhandelsprijzen als gevolg van de invoering van de euro met rond 0,7 procentpunt extra waren gestegen. Omdat deze detailhandelsuitgaven maar een deel uitmaken van het totale consumptiepakket (dat onder meer ook huisvestings- en energiekosten omvat), vertaalde zich dat in een prijsstijging van rond 0,3 procentpunt van het totale consumptiepakket. Nieuw onderzoek wijst volgens Wellink uit dat de stijging van de detailhandelsprijzen het dubbele geweest is van wat aanvankelijk werd gedacht. Vertaald naar de prijsstijging van het totale consumptiepakket, geeft dit een extra inflatie van 0,6 procentpunt.

Woensdag werd bekend dat het Centraal Planbureau zijn prognoses voor de economische groei fors naar beneden heeft bijgesteld en voor volgend jaar een oplopend begrotingstekort voorziet van 0,8 procent van het bruto binnenlands product. Wellink toont zich op voorhand echter geen voorstander van hardere bezuinigingen dan de zeven miljard euro die het kabinet-Balkenende zich heeft voorgenomen. Beter kan volgens hem met extra bezuinigingen worden gewacht tot komend voorjaar, als meer duidelijkheid bestaat over de daadwerkelijke ontwikkeling van de wereldeconomie en de economie van Nederland.

In de regeringscoalitie van CDA, LPF en VVD gingen deze week stemmen op om volgend jaar juist wel extra te bezuinigen.

Het idee van minister Heinsbroek van Economische Zaken om met belastingverlaging de economie te stimuleren noemde Wellink symphatiek, maar ineffectief.