Opgewekt slikken en snuiven

Engelse popmusici zingen het liefst over drugs. Hun fans zijn er dol op en de autoriteiten slaan telkens weer op tilt.

Meer nog dan seks of rebellie zijn drugs de obsessie van iedere Engelse popmuzikant. En ze slagen er altijd weer in de gemoederen te verhitten. Censuur, geweerd worden van de radio, en hoge verkoopcijfers zijn dan ook de Pavlov-reactie van de Britten op ieder liedje dat iets met drugs te maken heeft.

Anders dan Amerika is Engeland het land van de drugs-hits. Die traditie stamt al uit de jaren zestig. Toen hadden de Stones en de Beatles hun hits met `Lady Jane' (marihuana) en `Lucy In The Sky With Diamonds' (LSD). De verwijzingen werden in de loop van de jaren explicieter. In 1971 ging `Brown Sugar' (bijnaam voor heroïne) van de Rolling Stones nog zogenaamd over een mooie negerin, maar sinds de late jaren tachtig wordt er openlijk gezongen over de voordelen van xtc. Bijvoorbeeld in `Ebenezer Goode' van The Shamen, een verbastering van 'E's are good!', waarbij 'E's' staan voor xtc-pillen. In 1990 nam de groep New Order ter gelegenheid van het Wereldkampioenschap Voetbal een single op en noemde het `World in Motion', met als refrein `E for England!'. Het werden allemaal hits.

En het lukt nog steeds. De geweldige single van de nieuwe Engelse groep The Libertines heet `What A Waster' en gaat over een meisje dat al haar geld aan haar neus, dat wil zeggen aan cocaïne, spendeert (`Where does all the money go?/ Straight up her nose'). Het liedje werd door de radio in de ban gedaan, en belandde prompt in de hitparade. Ook The Prodigy, bekend van heftige dance-successen als `Poison' en `Firestarter', probeerde het weer eens. Zij bracht vorige maand na vijf jaar stilte de nieuwe single `Baby's Got A Temper' uit, met daarin een loflied op rohypnol, de spierverslappende `downer' die in Engeland onder party-gangers populair is als middel om te kunnen slapen na een nachtlang drugs en dansen. In de tekst is sprake van een punky vriendinnetje dat altijd weet hoe ze aan rohypnol moet komen en daarvoor erg gewaardeerd wordt. Dat het jambisch onmogelijke `rohypnol' moest worden verbasterd tot `rohippenol' mocht de pret niet drukken – de officiële naam flunitrazepam was nog lastiger geweest.

Dat Engelse popmuzikanten zo graag over drugs zingen is misschien niet zo vreemd – het zijn immers verboden vruchten. Maar de toon waarop valt wel op. Die is doorgaans positief. Drugs worden door Britse popsterren niet beschouwd als dodelijk of ongezond. De Britten spuiten, slikken en snuiven altijd met een opgewekt soort belangstelling voor de geestverruimende ervaring. Drugs nemen betekent lol. Misselijkheid, een onbedoelde overdosering en een haperend geheugen worden op de koop toe genomen. In de liedjes hebben de verschillende drugs dan ook doorgaans geen metaforische betekenis – als verbeelding van vergetelheid, liefde of waanzin –, maar een letterlijke. De betreffende zanger vertelt over zijn eigen leven en verzuimt niet de daarin figurerende pillen en poeders te vermelden. In `Baby's Got A Temper' legt Keith Flint duidelijk uit waar de drug voor dient. `We love rohypnol/ She got rohypnol/ We take rohypnol/ Just to forget it all'. En zo snijdt het mes aan twee kanten. De fans lusten er pap van, en de autoriteiten staan op hun achterste benen.

Laagje ruis

De herhaalde uitroep `Rohippenol! Rohippenol! Rohippenol' in `Baby's Got A Temper' leidde onmiddelijk tot maatregelen van de radio-dj's. Ze maskeerden de gewraakte passages met een laagje ruis. Want rohyphnol is niet alleen illegaal, het heeft ook een reputatie als `date rape drug'. Vrouwen die het spierverslappende middel door hun drankje gemixt krijgen, bieden geen weerstand aan ongewenste seksuele avances.

De leden van The Prodigy ontkenden dat ze uit waren op een rel. Zanger Keith Flynt, die de tekst schreef, merkte op: ,,We zingen nu eenmaal niet over koffie zetten. We schrijven over wat ons werkelijk bezighoudt.'' En dat zijn drugs. Geen volk dat blijmoediger met drugs experimenteert dan het Britse. Er wordt wel eens gezegd dat popmuzikanten popmuzikant worden om makkelijker aan meisjes te komen. Maar dat geldt niet voor de Engelse. Engelsen worden popmuzikant om makkelijker aan drugs te komen. En Nederland is hun eerste bestemming, want Nederland is het walhalla. Wat is er mooier voor beginnende muzikanten dan met de veerboot naar Nederland te reizen en daar een paar optredens te geven, tussen bezoekjes aan de coffeeshops door? De lichtjes van Pernis zien ze al aan voor de honderden gloeiende kegels van evenzovele, levensgrote joints. Nederland is één grote snoepwinkel. Dat grote hoeveelheden nederwiet niet per se leiden tot betere optredens, is geen bezwaar. Serieus werken komt thuis wel weer.

Voor Nederlandse journalisten die met Engelse popmuzikanten willen praten, heeft dat zo zijn gevolgen. Wie bijvoorbeeld Shaun Ryder (van Happy Mondays en Black Grape) om tien uur 's ochtends in de weer ziet met joints zo groot als winterwortels, kan vanzelf al geen zinnige vraag meer bedenken.

De liefde voor drugs begint al jong. Bijna iedere biografie van Engelse popmuzikanten vermeldt de onwaarschijnlijke hoeveelheden drugs die in de late adolescentie werden uitgeprobeerd. Voor een land dat zware straffen kent op bezit en handel, is er verbazend veel te krijgen. En als er niets reguliers voorhanden was experimenteerden de jonge David Gahan (Depeche Mode), Bernard Sumner (New Order) en Liam Gallagher (Oasis) wel met lijmsnuiven, dieetpillen, slaapmiddelen of het roken van gedroogde paardenstront.

In de afgelopen decennia kende iedere muziekstroming zijn eigen voorkeursdrug. De psychedelische jaren zestig vroegen om lsd, punks snoven speed, de koelbloedige muziek van de jaren tachtig dreef op cocaÏne, en bij house hoorde xtc. Zo beïnvloedden de drugs ook de muziek. Had punk zo snel en opgefokt kunnen zijn als The Sex Pistols geen amfetamine bij de hand hadden gehad? En was er begin jaren negentig ooit een `Madchester'-scene ontstaan zonder xtc? Hadden de Happy Mondays, Stone Roses dan dezelfde ontspannen, `feel-good' muziek gemaakt?

Nederlanders schudden meestal meewarig het hoofd bij zoveel belangstelling voor drugs. Wij hebben al zoveel jaren een gedoogbeleid dat niemand met paardenmest hoefde te experimenteren, en we zijn inmiddels gewend aan toeristen die in één vakantie hun dosis voor het hele jaar komen roken. Onze enige `Rock `n' Roll Junkie' Herman Brood is er inmiddels aan bezweken, en van xtc zijn intussen zoveel negatieve bijwerkingen bekend dat ook daar niet meer argeloos van kan worden genoten. In Nederland geldt gebruiken niet als `cool'.

In Engeland wel. De fascinatie voor drugs spreekt ook uit de Britse films: Trainspotting (Danny Boyle, 1996) bijvoorbeeld, en het binnenkort in Nederland te verwachten 24 Hour Party People van Michael Winterbottom (bekend van Jude The Obscure) waarin de opkomst en ondergang van The Haçienda wordt verteld. The Haçienda was de thuisbasis van groepen als New Order, Stone Roses en Happy Mondays in Manchester, waar de dance/drugs-cultuur begin jaren negentig een hoogtepunt beleefde.

De trendy tijdschriften in Engeland (I-D, NME, The Face) brengen zo eens per jaar een `drugs-editie' uit, waarin wordt beschreven welk middel welk effect heeft, en welke popster wat gebruikt. De popsterren zelf vertellen zonder veel gene over hun voorkeur voor bepaalde middelen, zoals David Bowie over zijn cocaïneverslaving – uit de jaren zeventig – of de gebroeders Gallagher (Oasis) die de coke hebben afgezworen en nu wachten op `iets nieuws'.

Daarmee onderscheidt de Engelse popmuzikant zich duidelijk van de Amerikaanse. Van Kurt Cobain bijvoorbeeld is bekend dat hij zich diep schaamde voor zijn heroÏneverslaving. Hij zou er nooit een loflied op schrijven. In Amerika is het bovendien de gewoonte om drugsgebruik te zien als een probleem dat direct verband houdt met een moeilijke jeugd. Lees een interview met zanger Coby Dick van de Amerikaanse nu-metalgroep Papa Roach en hij zegt het zelf: zijn ouders gingen scheiden en hebben hem vervolgens verwaarloosd. Vandaar dat kleine Coby op zijn elfde naar de middelen greep. Het typisch Amerikaanse fenomeen `teenage angst' en drugsgebruik horen bij elkaar als gokken en Las Vegas.

Zelfmoord

En er is nog een verschil. Vergeleken met de Amerikanen overlijden Engelse popmuzikanten zelden aan een overdosis. De laatsten waren Brian Jones (1969), Keith Moon en Sid Vicious (beiden in 1979) en twee leden van The Pretenders, begin jaren tachtig. John Entwistle, bassist van The Who, stierf eind juni aan iets wat leek op een overdosis cocaïne, maar onderzoek wees uit dat Entwistle al leed aan een zwak hart. Vergeleken met Amerika – Dee Dee Ramone en Alice In Chains-zanger Layne Staley in de afgelopen maanden alleen al – is het een milde score. Britse popmuzikanten plegen weer wel vaker zelfmoord. Maar dat is een ander verhaal.

Engelsen lijken een enigszins draaglijk evenwicht te hebben gevonden tussen gebruiken en niet-gebruiken. Zoals de zanger van de inmiddels ontbonden groep Red Snapper opmerkte: ,,Het Engelse weekend duurt tegenwoordig tot en met woensdag. Dan houden we twee dagen rust, en kunnen d'r weer fris tegenaan.'' Misschien is het juist de argeloze experimenteerdrift die ze behoedt voor dramatische gevolgen. Richard Ashcroft, vroeger zanger van The Verve, dat ooit een hit had met het melancholische `The Drugs Don't Work', combineert soms opium met absinth (omdat het zulke `geweldige kleuren' oplevert), en probeert de volgende keer weer iets anders. Drugs moeten `recreational' blijven, meldde ten slotte Keith Flynt, over zijn rohypnol/coke/xtc-gebruik.

Inmiddels gaan ook in Engeland stemmen op dat softdrugs gedoogd moeten worden. De vooraanstaande rechter Lord Bingham heeft gezegd dat de politie zich beter kan bezighouden met het speuren naar crack-dealers dan naar de kleine hoeveelheden marihuana en xtc voor eigen gebruik. Als zijn voorstel wordt aangenomen, zal het bezit van softdrugs in de toekomst slechts een waarschuwing opleveren en geen gevangenisstraf of strafblad. De politie van Essex, waar 17 en 18 augustus het grote popfestival V2002 wordt gehouden is nu al in rep en roer: betekent een `kleine hoeveelheid voor eigen gebruik' genoeg wiet voor vier of voor vijf joints? Als Lord Bingham zijn zin krijgt zal er voor de Britten veel veranderen. De politie zal haar aanpak wijzigen, en de popmuzikanten moeten gaan uitkijken naar een ander onderwerp.