Minitijdperk Herben

Vanuit Italië heeft Mat Herben gisteren de handdoek in de ring gegooid. Naar eigen zeggen is zijn besluit om het politieke leiderschap van de Lijst Pim Fortuyn (LPF) op te geven geen verrassing. Herben zou deze rol na de moord op Fortuyn alleen op zich hebben genomen om bij te dragen aan de stabilisatie van de maatschappelijke verhoudingen en een goed regeerakkoord. Dat moge zo zijn. Het vertrek van Herben opent desondanks de deur voor een hoop onrust. Een half jaar na haar oprichting vertoont de beweging van Fortuyn nog weinig kenmerken van een evenwichtige organisatie. Er gaat geen dag voorbij zonder nieuwe conflicten binnen de LPF. De wijze waarop de fractie de afgelopen weken, bij ontstentenis van Herben zelf, diens functioneren openlijk aan de orde stelde, sprak boekdelen over de normen die in de Fortuyn-beweging worden gehanteerd. Het ligt niet voor de hand dat de verkiezingsstrijd om het nu vacante leiderschap een toonbeeld van ingetogen fatsoen zal worden. Bovendien zijn er zoveel kandidaten dat de opvolging van Herben hoogstwaarschijnlijk luidruchtig zal worden. Als de LPF het heilloze en niet van heimelijk eigenbelang gespeende voorstel van Herben en vice-voorzitter Hoogendijk overneemt om het leiderschap te laten rouleren, kan dit zelfs een permanent karakter krijgen. Het blijft wennen om een regeringspartij zo te zien opereren.

De coalitiepartners CDA en VVD hebben desondanks rustig gereageerd op de machtswisseling in de LPF. Volgens vice-fractievoorzitter Verburg van het CDA hoeft het vertrek van Herben geen consequenties te hebben. En partijleider Zalm van de VVD prees vooral Herben als personage uit het recente verleden.

Deze terughoudendheid is op zichzelf begrijpelijk. Maar ze is wel onjuist. Wie Herben ook opvolgt, één ding staat vast: de nieuwe leider zal een veel agressievere koers moeten varen om de Fortuyn-beweging, nu vooral de grote bijwagen van de VVD, weer meer politiek gezicht te geven. De anderhalf miljoen kiezers tellende achterban van Fortuyn heeft immers niet op de LPF gestemd om een klassieke centrum-rechtse coalitie in het zadel te helpen, maar om een nieuwe en vooral minder subtiele politieke cultuur mogelijk te maken. Spanningen binnen de coalitie zijn dan ook het onvermijdelijke gevolg van de onrust die de LPF nu al weken teistert. Omdat CDA en VVD nu geen belang hebben bij een breuk – beginnend premier Balkenende kan nog niet bogen op de statuur van de wijze staatsman en Zalm ziet zijn dissidente kiezers in de peilingen nog niet terugkeren – kan de LPF deze partijen nog even blijven gijzelen.