Drie sterren

Het landschap is uitbundig groen en de zon schijnt door het open dak van de auto. In zijn kinderstoel op de achterbank lurkt onze zoon aan zijn flesje melk. ,,Tatata, prrrtklaar!'' prevelt hij. Klaar is zo'n beetje het eerste woord dat hij heeft geleerd. Wij zeggen het tegen hem als wij hem aangekleed hebben en hem keurig weer op zijn beentjes zetten. Hij weet dat met `klaar!' een handeling wordt afgesloten. Hij zegt het nu zelf ook, te pas en te onpas. Hij gooit zijn inmiddels lege flesje met een ferme zwaai door de auto. `Klaar!'.

kg

Na een tijd van tegenslagen hebben wij eindelijk weer eens wat te vieren. Dat komt mooi uit, want wij rijden door Bourgondië, het land dat zo beroemd is om zijn wijnen en zijn restaurants.

Terwijl mijn vrouw de auto bestuurt, raadpleeg ik de Michelin-gids, altijd paraat in tijden van nood. Wij zijn niet ver weg van Saulieu, en daar bevindt zich de Côte d'Or, het driesterrenrestaurant van Bernard Loiseau, lees ik. Wij zijn geen mensen die uren kunnen praten over een gerecht en goede wijnjaren uit hun hoofd kennen, maar in Frankrijk hebben wij nooit eerder drie sterren gegeten, ik bedoel: het is al bijna lunchtijd en nu wij toch in de buurt zijn. ,,Maar moet je in zo'n gelegenheid niet maanden van tevoren reserveren'', vraagt mijn vrouw, ,,en kunnen wij daar wel binnenkomen met een peuter? Je zult zien dat hij al bij het voorgerecht begint te krijsen''.

Omdat ik het plan niet onmiddellijk wil opgeven, bel ik de Côte d'Or. Pas de problème! Er is een une chaise d'enfant en ik hoor mijzelf reserveren. Een uur later rijden wij Saulieu binnen. De Côte d'Or is een monumentaal hotel met dure auto's voor de deur. Op de gevel heeft de kok in grote krulletters zijn initialen laten aanbrengen alsof hij Prince de Lignac zelf is. Wij worden opgewacht door een kleine, maar zeer hulpvaardige staf. In de hoek van de eetzaal zitten twee Japanse vrouwen, maar verder zijn wij de enige gasten. Bij ons tafeltje is een antieke kinderstoel aangeschoven.

De menukaart van deze cuisinorama bevat veel uitdrukkingen die ik niet ken. Wat zou bijvoorbeeld veau fermier `sous la mère' à la Sédélocienne zijn?

Dan weet mijn zoon het zojuist geserveerde broodje te pakken te krijgen en werpt het met een fraaie boog de eetzaal in. `Klaar!', roept hij. Twee obers sprinten achter het broodje aan. Maar voor de rest houdt de kleine jongen zich bijzonder goed.

Mijn vrouw neemt de chartreuse de caille fermière truffée, au foie gras et à l'artichaut vooraf en mijn voorgerecht is een bord van licht gekookte groenten dat als een perfect gecomponeerd stilleven wordt opgediend. Jammer dat het ook opgegeten moest worden. Nu ligt het nog voor me, straks zal het achter me liggen, maar het smaakt uitstekend. De sole poêlée, galette de carottes glacées daarna heb ik ook nog nooit zo gegeten, en dat geldt ook voor de eenvoudige filet de boeuf crapiaud du Morvan, die mijn vrouw heeft genomen.

De kazen en het nagerecht van Bernard Loiseau zal ik een andere keer behandelen. De wijn - een halfje wit en een halfje rood - heb ik bewust door de sommelier laten uitzoeken, waarbij ik met mijzelf had afgesproken niet op de prijzen te letten. Toen de rekening kwam, heb ik geen krimp gegeven.

Het klopte inderdaad: 646 euro voor een lunch voor twee personen die net geen twee uur duurde. Alleen al voor het halfje rood, een mooie Beaune, was 135 euro gerekend. En dan nog fooi. Volgens mijn vrouw is er in Autun ook een driesterrenrestaurant, maar ik heb gezegd: `Klaar!' Tenzij wij, slechts gekleed in een regenton, naar huis willen liften.