Zomerkoning Berlusconi heeft pret

De Italiaanse premier heeft zich teruggetrokken op zijn zomerverblijf. Hij laat zijn zomerpret niet vergallen door wat kritische geluiden.

Na een tumultueus slot van zijn eerste parlementaire jaar als regeringsleider trekt de Italiaanse premier Silvio Berlusconi zich dezer dagen terug op zijn luxueuze buitenverblijf Villa Certosa op Sardinië. Een onlangs met veertig hectare uitgebreid, zwaar beveiligd complex dat in snel tempo een metamorfose ondergaat tot een soort koninklijk hof. Uitgevers, bankiers en enkele parlementariërs van Berlusconi's partij Forza Italia: iedereen die de Cavaliere (de ridder) een warm hart toedraagt en over genoeg geld beschikt, heeft een villa in de omgeving van deze zomerresidentie gehuurd. De drang in de buurt van `de troon' beperkt zich niet tot de zeventiende-eeuwse Franse zonnekoning Lodewijk XIV, maar herleeft dezer dagen in de republiek Italië.

Eén maand zal Berlusconi alleen met getrouwen, en vooral zonder die lastig keffende oppositie zijn. Hij zal zijn steeds groter wordende vriendenschare van naam en faam in de watten leggen. Groten der aarde als de Britse premier Tony Blair worden verwacht. Ook de Spaanse premier José María Aznar en de Russische leider Vladimir Poetin zouden acte de présence geven. En wellicht dat zelfs George Bush senior nog even aanwipt bij zijn persoonlijke vriend Berlusconi. Dat de gezaghebbende commentator Giorgio Bocca hem deze week in het weekblad L'Espresso omschrijft als de ,,anti-Italiaan'', omdat hij vooral voor zichzelf en niet voor de Italianen zorgt, zal zijn zomerpret niet vergallen. Silvio Berlusconi zit na ruim een jaar stevig in het zadel en dat is in de Italiaanse politiek met 57 kabinetten in vijftig jaar een verdienste.

Roerig is het jaar wel geweest. Vooral de laatste twee maanden is het land vrijwel wekelijks getroffen door een politieke windhoos. Telkens ging het om variaties op hetzelfde thema. Berlusconi of zijn aanhangers doen een voorstel en de linkse oppositie beschuldigt de premier van machtsmisbruik en dictatoriale trekken, maar ontbeert de eendracht en kracht om een echte vuist te maken.

In de laatste dagen voor het zomerreces liep het gekrakeel het hoogst op. Vorige week steunde Berlusconi's meerderheidscoalitie in de Italiaanse senaat, niet voor de eerste maal, een zeer omstreden wetsvoorstel. Daarin staat dat een verdachte die vermoedt dat zijn proces niet eerlijk verloopt een rechter uit een andere stad kan kiezen. De in de senaat fel protesterende oppositie meent echter dat Berlusconi met deze wet wil voorkomen dat hij dit najaar door de rechtbank van Milaan wordt vervolgd voor omkoping van rechters in de jaren tachtig, toen hij een levensmiddelenbedrijf aankocht. Hij zou de zaak willen overplaatsten en zo vertragen in de hoop dat van uitstel afstel komt.

Een dikke week voor deze commotie verraste de premier vriend en vijand door zichzelf te kandideren als president voor 2006. Als het nu nog vrijwel ceremoniële presidentschap wordt omgevormd tot de machtigste positie in het land zou het, zei hij, ,,natuurlijk zo zijn dat ik me zou presenteren als kandidaat voor het presidentschap van de republiek, maar ik zou het doen uit opofferingsgezindheid''. Na felle kritiek op dit idee bond hij enigszins in. ,,Ik ben geen dictator'', zei hij.

De huidige Italiaanse president Carlo Azeglio Ciampi stuurde enkele dagen later een ongebruikelijke brief naar het parlement. Hierin sprak hij indirect zijn zorgen uit over de verstrengeling van belangen van premier Berlusconi, die drie grote commerciële zenders bezit. Hij heeft als premier direct invloed op de staatstelevisie RAI, die hij onlangs nog gebruikte waarna de RAI-directie twee hem niet welgevallige journalisten op een zijspoor zette. Hij heeft aandelen in uitgeverijen, reclamebureaus en verzekeringsmaatschappijen. Zijn vrouw en zoon leiden beiden een krant. Het zeven pagina's tellend epistel van de president richt zich op deze mediamacht van Berlusconi. ,,Er is geen democratie zonder pluralisme en onafhankelijke informatie: ik vertrouw er op dat het parlement weet hoe het dit ten volste kan bereiken'', aldus zijn oproep. Saillant detail is dat ook de handtekening van Berlusconi onder de brief staat, omdat hij formeel verplicht is elke brief van de president aan het parlement te ondertekenen. Nog opvallender echter is dat Berlusconi publiekelijk zei het volledig eens te zijn met de president.

De door Berlusconi bij zijn aantreden beloofde scheiding tussen zijn publieke en zijn zakelijke belangen lijkt al met al verder weg dan ooit. Er komt weliswaar een commissie van toezicht die bij schijnbare belangentegenstellingen de zaak ter beoordeling aan het parlement voorlegt, maar in dat parlement heeft zijn coalitie een ruime meerderheid.

Berlusconi combineert inmiddels ook langer dan beloofd de functies van premier en minister van Buitenlandse Zaken. Deze laatste post kwam vrij toen Renato Ruggiero in januari ontslag nam omdat hij het niet eens was met de aarzelende houding van het kabinet tegenover de euro. De premier beloofde nog voor de zomer een nieuwe bewindsman aan te wijzen, maar ontweek steeds vaker vragen hierover.

In juli zei hij tegen enkele journalisten dat ze maar aan de premier moesten vragen wie de volgende minister van Buitenlandse Zaken zou worden, daarmee verwijzend naar zichzelf. Gisteren zei hij geen ,,haast te hebben'' een nieuwe minister te benoemen. Berlusconi heeft zich voorgenomen `de komende maanden' minister van Buitenlandse Zaken te blijven. Hij vreest dat als hij een partijgenoot benoemt, coalitiegenoten zullen aandringen op een herverdeling van ministersposten in het kabinet.

Genoeg reden voor een goed glas wijn onder vrienden dus, nu zijn positie sterker dan ooit tevoren is en kritiek hem nauwelijks nog kan deren. In september wachten de volgende uitdagingen. Eerst de definitieve goedkeuring van de wet die het mogelijk maakt om rechtszaken te verplaatsen naar andere rechtbanken. Verder het aangekondigde verzet van de grootste vakbond tegen de nieuwe wet die het ontslaan van werknemers iets vergemakkelijkt.

Misschien dat Berlusconi na een politiek hete maand september toekomt aan het inlossen van de verkiezingsbeloften: betere wegen en lagere belastingen. Want daar is de premier door alle eigen beslommeringen en het slechte economische tij nog niet aan toegekomen.