Pensioenen MKB helft duurder

De prijs voor pensioenregelingen in het midden- en kleinbedrijf is vorig jaar omhooggeschoten.

De ongeveer 30.000 kleinere ondernemingen die niet zijn aangesloten bij een (verplicht) pensioenfonds, maar hun pensioenregeling onderbrengen bij een commerciële verzekeraar, moesten vorig jaar 50 procent meer betalen.

De premies die deze afnemersgroep heeft betaald, stegen vorig jaar met de helft tot 4,1 miljard, zo blijkt uit nog voorlopige cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Zo'n 900.000 Nederlandse werknemers sparen via deze verzekerde regelingen voor hun pensioen. De branche en het CBS strijden om de vraag wie de stijging veroorzaakt: de toezichthoudende Pensioen- en Verzekeringskamer (PVK), zoals de bedrijfstak zelf vooropstelt, of de beursmalaise, zoals het CBS oppert.

De prijsstijging vorig jaar is bijna een verdubbeling ten opzichte van het jaar 2000, toen de betaalde premies 26 procent stegen. Ter vergelijking: de premies die ondernemingen aan pensioenfondsen moeten afdragen stegen volgens het CBS vorig jaar met 12 procent tot bijna 11,2 miljard euro.

Grote ondernemingen (Philips, Shell, Unilever) en veel bedrijfstakken (overheid, zorg, bouwnijverheid, metaalindustrie) hebben `eigen' pensioenfondsen, maar zo'n 30.000 meest kleinere bedrijven kopen hun pensioenregeling rechtstreeks in bij levensverzekeraars.

,,Het is een hele felle premiestijging'', zegt een woordvoerder van het CBS. Hij koppelt de stijging aan de verslechterde beleggingsresultaten in 2001, als gevolg waarvan verzekeringsklanten minder korting kregen op de premie die zij moeten betalen.

,,De relatie tussen beleggingsrendementen en premies is bij verzekerde contracten veel sterker dan bij pensioenfondsen, die hun premies gematigder aanpassen aan beleggingsopbrengsten.''

Anderen, zoals een woordvoerder van verzekeraar Aegon en van het Verbond van Verzekeraars, wijzen op een besluit van de Pensioen- en Verzekeringskamer om de rekenrente voor zogeheten gegarandeerde contracten met ingang van 1 augustus 1999 met een procentpunt te verlagen tot 3 procent. Bij een lagere rekenrente, die grosso modo de ondergrens aangeeft van het beoogde rendement, moet een verzekerde meer geld op tafel leggen om het gewenste eindbedrag bij elkaar te sparen.

Doordat collectieve pensioencontracten niet jaarlijks kunnen worden opengebroken om nieuwe rentepercentages op te nemen, is nog steeds een inhaalslag in de bedrijfstak gaande om de premies te verhogen, beaamt de woordvoerder van het Verbond van Verzekeraars. Pensioenfondsen kunnen wel jaarlijks hun premie aanpassen aan goede of slechte beleggingstijden.

Afgezien van de verlaagde rekenrente spelen ook meer algemene trends de pensioenklanten van verzekeraars parten. Door de loonstijging van de afgelopen jaren stijgen de kosten die gepaard gaan met de pensioenregelingen die gekoppeld zijn aan het laatstverdiende loon. Deze zogeheten eindloonpensioenen zijn de meest populaire pensioenregeling.

Verder drukken de koersdalingen op de aandelenmarkten ook de beleggingsrendementen. Het Verbond van Verzekeraars wijst er ook op dat het feit dat mensen langer leven, in de tarieven voor de pensioenregelingen moet worden verwerkt.