Doorschijnende meisjes van Toorop en co

Toegewijd en in gedachten verzonken tuurt het meisje in een groot prentenboek. Het haar valt los op de schouders. Voor haar staat een wijnglas met bloemen, achter haar rug hangt een wandkleed met weelderig bloemmotief. Het tekenwerk heet Charley plaatjes kijkend (1898) en is gemaakt met droge naald. De fijnzinnige, licht symbolistische tekening toont de latere schilderes Charley Toorop (1891-1955) op zevenjarige leeftijd. Haar vader Jan Toorop (1858-1928) heeft haar op deze introverte manier vastgelegd.

De tekening is een van de kostbaarheden van de collectie Karel Levisson, die het Rijksmuseum Twenthe in 1993 verwierf. Levisson was een groot verzamelaar van prenten en tekeningen. Nu worden vijftig werken getoond, niet alleen van Jan Toorop, ook van zijn tijdgenoten als Dick Ket (1902-1940), Jan Mankes (1889-1920) en Samuel Jessurun de Mesquita (1868-1944).

De expositie is stijlvol ingericht, hoewel de gegeven informatie wel bijzonder summier is. Toch is het bijzonder deze tekeningen bijeen te zien, al is het maar omdat ze een goed beeld geven van de Nederlandse teken- en grafische kunst tussen 1885 en 1920.

Subtiel en gestileerd is het tekenwerk van deze meesters. Dick Ket werkt nog het meest met grote, krachtige vlakken. Zijn linosnede Drie slapers in een herberg (1928) toont de mannen met knoestige koppen en grove, gekromde handen. De vlakverdeling is dynamisch met overheersende diagonale lijnen. Ook Korenschoven, Ede (1927) toont de compacte, krachtige uitdrukkingsvorm die Ket nastreeft. Is Ket een stevig in het aardse gewortelde realist, Jan Toorop en vooral Jessurun de Mesquita neigen in hun ontwikkeling steeds meer naar het symbolisme en zelfs religieuze.

Toorop maakte in 1905 de overstap naar de rooms-katholieke kerk en daarvan is de weerslag in zijn werk terug te vinden. Voor die tijd was zijn stijl hoekiger en strakker, zoals van Hooiende boer of Mantelingen bij Domburg (1897) waarop de taferelen in suggestieve lijnen zijn vastgelegd. Op de tentoonstelling is Vrouw naar de zon kijkend het eerste voorbeeld van Toorops hang naar het symbolisme: de vrouw is en profil afgebeeld, achter het venster komt de zon op en het gordijn is geplooid als een toneeldoek.

Er zijn interessante verbindingen te leggen tussen het werk van Jessurun de Mesquita met zijn reeks Sensitivistische potloodtekeningen en de sensitieve verzen van dichter Herman Gorter. De gevoelswereld vol associaties en natuurbeleving die Gorter oproept, komt terug bij De Mesquita. Het zijn wat somber gestelde, donkere werken met een overdaad aan slingerende bloemfiguren en liaanachtige vertakkingen. Het heeft daardoor iets verstikkends.

De subtielste tekenaar is Jan Mankes, die een Glas met bloesem (1913) zo ijl, rank en doorschijnend kan weergeven dat het verbazingwekkend is dat slechts enkele lijnen voldoen voor een volmaakte uitbeelding.

Ook Lezend meisje (1910-20) is van een libelle-achtige lichtheid. Mankes durft het aan de jurk van het meisje doorzichtig te laten zijn; je ziet het landschap erdoorheen schijnen. Mankes' stilering is van een wonderschone klaarte. Zeker naar dat transparante glas en dat diafane meisjesfiguur kun je lang kijken. Een doodeenvoudig tekeninstrument als potlood blijkt tot grote expressiviteit te leiden.

Tentoonstelling: Plaatjes kijkend. Jan Toorop en tijdgenoten. T/m 6 oktober in Rijksmuseum Twenthe, Lasondersingel 129-131 Enschede. Open: di t/m zo 11-17.00u. Inl: 053-4358675 of www.rijksmuseum-twenthe.nl