De waarheid over Melkerts Wereldbaan

Volgende week vrijdag komt de voordracht van Ad Melkert als bewindvoerder bij de Wereldbank in het kabinet aan de orde. De kwestie blijft de gemoederen bezighouden. Dat is om drie redenen opmerkelijk. Ten eerste is er in Nederland nooit enige ophef geweest over de benoeming van de vertegenwoordiger bij de Wereldbank. Ten tweede heeft niemand zich afgevraagd wie er in plaats van Melkert benoemd had zullen worden. En ten derde neemt het kabinet in dezelfde vergadering een besluit over de voordracht van de Nederlandse bewindvoerder bij het Internationale Monetaire Fonds.

Bij het IMF wordt de plaatsvervangend thesaurier-generaal van het ministerie van Financiën, Jeroen Kremers, benoemd. Over dit besluit bestaat zelfs geen rimpeling in de Haagse Hofvijver. Toch is dit, gezien de centrale rol van het IMF bij het internationale financiële crisismanagement – zie Zuid-Amerika – een strategischer post dan die van Melkert bij de Wereldbank.

Hoe gaat zo'n benoeming in zijn werk? Nederland vertegenwoordigt in het bestuur van de Wereldbank en van het IMF een `kiesgroep' van twaalf landen (behalve Nederland: Armenië, Bosnië, Bulgarije, Cyprus, Georgië, Israël, Kroatië, Macedonië, Moldavië, Oekraïne, Roemenië). Formeel stemmen deze landen op 29 september over de te benoemen bewindvoerder. Deze heeft zitting in het uitvoerend bestuur van in totaal 24 vertegenwoordigers.

Er bestaan informele afspraken dat de bewindvoerder bij het IMF afwisselend afkomstig is van De Nederlandsche Bank (DNB) en het ministerie van Financiën, terwijl de bewindvoerder bij de Wereldbank om en om geleverd wordt door het ministerie van Financiën en het ministerie van Buitenlandse Zaken. Zo waren de afgelopen twintig jaar de bewindvoerders van de Wereldbank: Ferdinand van Dam (Buitenlandse Zaken, BZ), Paul Arlman (Financiën), Eveline Herfkens (BZ) en Pieter Stek (Financiën). Bij het IMF werd de post bekleed door Onno Ruding (Financiën), `Koos' Polak (DNB), Godert Posthumus (Financiën) en Onno de Beaufort Wijnholds (DNB). Over hun benoemingen zijn bij mijn weten nooit Kamervragen gesteld. Er heeft cynisch gezegd, nooit een hond enige belangstelling voor gehad.

Deze namen laten zien dat er altijd ruimte voor bijzondere benoemingen is geweest. Polak werkte zijn leven lang bij het IMF. Hij maakte in 1944 al deel uit van de Nederlandse delegatie in Bretton Woods bij de oprichting van het IMF en hij was jarenlang directeur onderzoek van het Fonds. Zijn positie als bewindvoerder was een vorm van eerbetoon. Herfkens kreeg haar benoeming als compensatie voor de gang van zaken bij de kabinetsformatie in 1989 toen ze zich een paar uur minister van Ontwikkelingssamenwerking waande, maar die post toch moest afstaan aan partijgenoot Pronk.

Dit jaar treden de Nederlandse bewindvoerders bij de Wereldbank en het IMF gelijktijdig af. Over de opvolger bij het IMF bestaat geen controverse. Jeroen Kremers, plaatsvervangend thesaurier-generaal van Financiën, is een voortreffelijke kandidaat. Hij heeft een aantal jaren als stafmedewerker bij het IMF gewerkt, hij heeft zowel een ambtelijke als academische achtergrond.

Voor de Wereldbank was BZ aan de beurt. De kandidaat die toenmalig minister Herfkens begin dit jaar vroeg, was Valerie Sluijter, oud-ambassadeur in Bosnië. Toen die voor de eer bedankte, benaderde Herfkens Johan Wolfs, de partner van mevrouw Sluijter en de huidige ambassadeur in Macedonië. Van beiden is slechts bekend dat ze goed bevriend zijn met Herfkens, maar geen van tweeën heeft een achtergrond die hen kwalificeert voor de topfunctie bij de Wereldbank.

In kleine kring drong zich de gedachte op dat er betere kandidaten te vinden zijn dan deze `vrienden-van-Evelien'. VVD-leider Zalm kwam in de kabinetsonderhandelingen met het voorstel om Melkert te benoemen. Vervolgens heeft hij Melkert gepolst of deze hiervoor belangstelling had. Melkert hapte toe. Daarna zijn Kok en ten slotte Herfkens op de hoogte gesteld. Volgens Zalm, als bewindspersoon allesbehalve een vriend van Melkert, beschikt de oud-PvdA-leider over de politieke, bestuurlijke en intellectuele kwaliteiten die voor de functie in Washington nodig zijn.

Persoonlijk noch politiek ben ik een bewonderaar van Melkert. Hij heeft de PvdA naar een desastreus verkiezingsresultaat geleid en hij heeft zijn verantwoordelijkheid voor het schandaal met de Europese ESF-subsidies altijd ontweken. Melkert had zich moeten gedragen zoals de legendarische burgemeester Adhemar de Barros van de Braziliaanse stad São Paulo in de jaren zestig: ,,OK, ik steel, maar ik krijg tenminste dingen gedaan.'' Daar was hij beter mee weggekomen dan met zijn schijnheilige verklaringen over onrecht dat hem was aangedaan. Er is onder zijn bewind bij Sociale Zaken een rotzooi van de Europese subsidies gemaakt en dat komt Nederland duur te staan.

Maakt dit Melkert ongeschikt voor de Wereldbaan? Melkert heeft politieke ervaring en een brede internationale belangstelling. Voor Zalm gaf de doorslag dat Melkert in het politieke klimaat na de moord op Fortuyn min of meer vogelvrij in eigen land was. De bedreigingen aan zijn adres – onder meer een doorgeladen pistool met de post – waren buiten alle proporties. Er is dan ook een andere kant. De Wereldbank is een leerschool – niet het minst voor de bewindvoerders. Melkert krijgt met de post in Washington de gelegenheid van tweedekansonderwijs. Laat hem die benutten – hij is geschikter dan de gepasseerde kandidaten.

rjanssen@nrc.nl