Wachten op Arendsoog

Wie in Latijns-Amerika een kaartje koopt voor een wat langere busreis moet zijn naam opgeven voor de passagierslijst. Wie, zoals ik, een Nederlandse naam heeft van meer dan drie lettergrepen komt daarbij vaak in gecompliceerde spellingsessies terecht. Tijdens een bijzonder langdurig treffen met een even volhardende als hardhorende lokettiste dacht ik de zaak te vergemakkelijken door mijn verzekeringspasje te tonen en op mijn naam te wijzen. Aha, glimlachte de lokettiste opgelucht, en typte foutloos het eerste over dat ze op het pasje zag staan. Ze wilde nog weten hou je dat nou uitspraak, zo'n typisch Nederlandse naam, en ze vond 'm heel mooi. Sindsdien reis ik alleen nog maar onder mijn indianennaam Zilveren Kruis. Het maakt de busreizen er niet comfortabeler op, maar wel een stuk spannender. Vol hoop wacht ik op de dag dat Arendsoog naast me komt zitten.