`Drie wethouders eisten smeergeld'

Drie wethouders uit Brunssum worden beschuldigd van corruptie. Zij zouden smeergeld hebben gevraagd in ruil voor het verlenen van een vergunning voor een coffeeshop. Het college van B en W ontkent de beschuldiging met klem en zal vrijdag met een verklaring komen.

De beschuldiging van omkoping komt van Olaf R., een inwoner van Landgraaf, die in Brunssum een coffeeshop wilde openen. De man deed zijn uitlatingen tegenover de politie. Zijn advocaat, de Maastrichtse strafpleiter T. Hiddema, heeft dit vandaag bevestigd. Hij wilde de namen van de beschuldigde wethouders niet noemen.

R. was een van de twee gegadigden voor een coffeeshopvergunning. Zijn concurrent zou zich wel hebben willen terugtrekken ten gunste van R., maar daarvoor een bepaalde prijs hebben bedongen. Daarnaast zou deze man financiële verplichtingen hebben gehad tegenover drie wethouders, die `afgekocht' moesten worden. R. zou ook deze wethouders moeten betalen, wilde hij de vergunning krijgen, zo heeft hij tegenover de politie verklaard.

Olaf R., die eerder deel uitmaakte van de bende van drugshandelaar Peter van D., wordt door de politie verdacht van de aanslag in Brunssum op 11 mei. Onder de auto van wethouder Steiner explodeerde toen een handgranaat. De aanslag werd in verband gebracht met het zogeheten `nul-coffeeshopbeleid' van de gemeente Brunssum.

Olaf R. had in oktober vorig jaar een geheim onderhoud met het college van B en W over de vergunning van een coffeeshop. Het college heeft dat bevestigd. Afgesproken werd dat het onderwerp over de gemeenteraadsverkiezingen zou worden `heengetild'.

In april stelde het college de raad voor één coffeeshop toe te staan. Volgens R. had hij van het college, dat welwillend stond tegenover zijn aanvraag, het advies gekregen `draagvlak' te creëren in de raad. Het voorstel maakte weinig kans in de raad en werd na de aanslag unaniem verworpen. R. stelt nu dat er ,,onterechte verwachtingen'' zijn gewekt.

De oppositie eist opheldering over zowel de geheime afspraak met R. als de beschuldiging van corruptie. De raadsleden Koppe (VVD) en Luit (PAK) beschouwen de afspraak met R. als `kiezersbedrog', omdat de coalitiepartijen voor de verkiezingen nooit hebben aangekondigd van het coffeeshopbeleid te willen afstappen.

,,Als de beschuldiging van corruptie waar blijkt te zijn, zal de oppositie een motie van wantrouwen indienen'', zegt Koppe. Hij wil deze motie ook indienen als blijkt dat B en W inderdaad een geheime afspraak hebben gemaakt over de vestiging van een coffeeshop. Hij verwacht dat de motie brede steun zal krijgen in de raad.