`Vakbonden nog onmisbaar'

Werkgeversvoorzitter Schraven wil niet meer met vakbonden onderhandelen over CAO's omdat ze te weinig leden hebben. Maar de alternatieven zijn onaantrekkelijk.

Veertig procent loonsverhoging, is dat wat VNO-NCW-voorzitter J. Schraven wil? Honderden technici bij luchtvaartmaatschappij KLM vinden dat de vakbonden veel te aardig zijn bij de CAO-onderhandelingen. Daarom richtten ze vorige maand een collectief op (NVLT) en organiseerden een wilde staking. Ze eisen 40 procent meer salaris.

Gisteren zei voorzitter Schraven van werkgeversvereniging VNO-NCW dat de vakbonden steeds minder goed werknemers vertegenwoordigen. Het percentage werknemers dat lid is daalt al jaren, van 37 procent in 1980 naar 27 procent in 2001, zodat de representativiteit op een minimum is beland. Schraven heeft een commissie benoemd die uitzoekt of werkgevers voor het afsluiten van CAO's voortaan beter kunnen praten per bedrijf, bijvoorbeeld via de ondernemingsraad (OR).

Ook in de ICT-sector, waar bonden een bescheiden rol spelen, liepen de loonkosten de afgelopen jaren uit de hand. Slechts 6 procent van de werknemers in de hightech- en telecombranche is vakbondslid. Naast gewone salarisverhogingen werden ICT-werkgevers in de tweede helft van de jaren negentig gedwongen tot kostbare extra uitgaven, zoals bonussen, vaak tientallen procenten van het salaris, aandelenopties en lease-auto's.

Toch steunt voorzitter J. Keukelaar van werkgeversvereniging ICT Nederland de opvatting van Schraven. Hij wijst erop dat werknemers in de ICT-sector loon moeten en willen inleveren. Iets dat met de bonden niet makkelijk te verwerkelijken zou zijn. ,,Daar ontbreekt een stukje realisme', meent Keukelaar: ,,Ze leven in een andere wereld. De weerzin tegen de vakbeweging groeit huizenhoog.''

Maar zonder bonden redt Keukelaar het niet. Het zal lang duren voordat er CAO-gesprekken plaatsvinden zonder FNV, CNV en Unie mhp. ICT Nederland kent een raam-CAO die met vakbondsvertegenwoordigers tot stand komt. Per bedrijf wordt die CAO op details ingevuld. Opvallend is dat de stijging van de lonen de afgelopen jaren in de pas liep met de landelijke trend, terwijl op bedrijfsniveau de loonkosten uit de pan rezen.

De metaal- en elektronische industrie, onder meer Corus en Philips, wijst de plannen van Schraven af. Vice-voorzitter P. Witte van brancheorganisatie FME-CWM zou de expertise van de bonden missen. De VNO-NCW-topman verliest volgens Witte uit het oog dat verreweg de meeste bedrijven in Nederland klein zijn en het personeel niet zelf wil of kan onderhandelen met zijn baas. In zijn sector heeft bijvoorbeeld 90 procent van de bedrijven minder dan honderd werknemers. ,,Zij hebben te weinig kennis om te praten over technische onderdelen van CAO's, zoals sociale wetgeving.'' Schraven noemt als alternatief de ondernemingsraad. Winkelketen Ikea, onderzoeksinstituut TNO en enkele andere bedrijven, vooral in de chemie en ICT, onderhandelen al over arbeidsvoorwaarden met de OR. [Vervolg VAKBONDEN: pagina 13]

VAKBONDEN

Steeds minder leden bond

[Vervolg van pagina 1] Probleem daarbij is dat bedrijven met minder dan vijftig werknemers niet verplicht zijn om een ondernemingsraad op te richten. Bovendien vertegenwoordigt een ondernemingsraad niet alleen werknemers. In de wet staat uitdrukkelijk dat ondernemingsraden altijd rekening dienen te houden met de belangen van het hele bedrijf. Daarnaast erkennen alle partijen dat ondernemingsraden onvoldoende kennis van arbeidszaken hebben. Vrijwel alle raden huren die deskundigheid bij gespecialiseerde commerciële bureaus. Of tegen betaling bij vakbonden, erkent Keukelaar van ICT-Nederland: ,,Op de achtergrond spelen ze vooral in de telecombranche bijna altijd een rol als adviseur.''

De discussie over de representativiteit komt op een moeilijk moment voor de vakbonden. Al jaren stokt de ledenaanwas terwijl de beroepsbevolking groeit. Daardoor is het percentage werknemers dat lid is van een vakbond gedaald naar een dieptepunt van 27 procent afgelopen jaar. Belangrijke oorzaken zijn dat Nederland relatief veel uitzendkrachten telt, de bonden doorgaans gematigde looneisen stellen en nauwelijks stakingen uitroepen, zodat er voor werkenden weinig actuele aanleidingen zijn om zich aan te melden als lid.

Daarbij komt dat de grootste bond in Nederland, FNV Bondgenoten, al jaren in een crisis verkeert. Het fusieproduct van de Industriebond, Voedingsbond, Vervoersbond en Dienstenbond met ongeveer een half miljoen leden heeft organisatorische en financiële problemen. ,,Dat leidt tot verlamming'', zegt algemeen directeur N. van Kesteren van VNO-NCW. Dat heeft ook invloed op de wervingskracht van een bond.

Een woordvoerder van FNV zegt dat er nu geen speciale acties lopen of gepland zijn om het lidmaatschap aantrekkelijker te maken voor werknemers. De kans is daarom groot dat de participatie verder afzakt naar zuid-Europees niveau. Nederland kent op Frankrijk na relatief het laagste aantal vakbondsleden van West-Europa. Zowel in Groot-Brittannië (32 procent) als België (52 procent) en de Scandinavische landen is de participatie veel groter. In Zweden is zelfs 88 procent van de werknemers lid van een vakbond: een percentage dat jaarlijks stijgt.

Hoofdartikel: pagina 7