Openlijk debat `schadelijk'

Het Nederlands Instituut voor Psychologen (NIP) vindt dat psychologen zich moeten onthouden van publieke uitlatingen over de zaak Rochelle Rikkers. Via de media hebben de psychologen W. Wolters en D. Kohnstamm geredetwist over de gemoedstoestand van en beste behandeling voor het zusje van Rowena, het vermoorde `meisje van Nulde'.

Rochelle wordt vandaag overgebracht van het huis van haar opa en oma naar een kinderpsychiatrisch ziekenhuis. Dat gebeurt op advies van medisch kinder- en jeugdpsycholoog Wolters. Die onderzocht Rochelle op last van de Kinderbescherming en concludeerde dat zij ,,affectief en pedagogisch fors is verwaarloosd'' en ,,voortdurend op een grove en sadistisch getinte wijze lichamelijk en geestelijk mishandeld is'' door haar stiefvader. De ontwikkelingspsychoog Kohnstamm onderzocht Rochelle op verzoek van haar vader en vond haar ,,druk en snel afgeleid'', maar verder opvallend ,,normaal'', een ,,leuk meisje'', zeker geen ,,zwaar geval''.

De beroepsvereniging voor psychologen vindt het ongepast dat beide psychologen – Kohnstamm uitgebreider dan Wolters – openlijk over een individueel geval discussiëren. Volgens NIP-directeur J. Baneke verdraagt zich dat niet met de beroepsethiek van psychologen. Bovendien vreest het NIP dat een openlijke discussie het kind ,,extra psychische schade'' kan berokkenen. Die kan zich openbaren in de puberteit, vreest NIP-bestuurslid en jeugdpsycholoog specialist M. Akkerman, als Rochelle van 13 de kranten van nu terugziet en denkt `mijn hele leven ligt op straat'.