Militairen Chili in cel wegens moord

Een rechtbank in de Chileense hoofdstad Santiago heeft gisteren twaalf hoge militairen veroordeeld tot langdurige celstraffen wegens de moord op vakbondsleider Tucapel Jiménez in 1982. Het is de eerste maal dat hoge militairen zijn veroordeeld wegens hun betrokkenheid bij misdaden die zijn begaan tijdens het regime van dictator Augusto Pinochet (1973-1990).

De rechtbank acht bewezen dat de twaalf betrokken waren bij de moord op Jiménez. De vakbondsleider werd ontvoerd en later met doorgesneden keel en kogelwonden dood aangetroffen in een taxi. Hij was een demonstratie tegen Pinochet aan het voorbereiden.

De zwaarste straf was voor de gepensioneerde majoor Carlos Herrera die tot levenslang werd veroordeeld. Herrera zou de vakbondsleider hebben vermoord. Voor de rechtbank gaf Herrera toe in opdracht van zijn superieuren Jiménez te hebben gedood omdat deze ,,een verrader van het vaderland'' was. Oud-generaal Ramsés Alvarez, die de opdracht tot de onvoering en moord zou hebben gegeven, kreeg tien jaar cel wegens zijn aandeel. De andere militairen kregen celstraffen variërend van achttien maanden tot drie jaar cel voor het verdoezelen van de moord. Drie van hen worden niet ingesloten, maar moeten zich wekelijks bij een politierechter melden.

De familie van Jiménez en mensenrechtenactivisten hebben aangekondigd in hoger beroep te zullen gaan. Zij vinden de straffen te kort, en menen dat ook ex-dictator Pinochet betrokken was bij de dood van de vakbondsleider. ,,De meerderheid van het volk, en mijn hele familie, denkt dat Augusto Pinochet opdracht tot de moord op mijn vader gaf'', zei zoon Tucapel Jiménez gisteren. De rechter zei gisteren geen bewijs te hebben dat de 86-jarige oud-president betrokken was bij de moord.