Grote Kibbel

Peter is zes jaar en hij moet iedere avond nog even een plas.

Kan mij 't schelen?

Waar het om gaat is dat ik hem iedere avond, om een uur of elf, nog even kan en moet pakken. ,,Peter, kom op, we gaan een plas doen, Grote Kibbel!'' (Grote Kibbel is wat mijn vader altijd tegen me zei). En dan pak ik hem op. En dan droomt-ie nog een beetje.

Hij zegt dingen als: ,,ik was, nee, oké, maar..'' Niet echt dat je zegt `wauw', maar toch, ik vind het genoeg. Waarschijnlijk zei ik zelf vroeger ook niet veel meer.

Maar ik weet wel dat die dingen lekker waren. Dat je vader je pakte. Wel vervelend, met je blote poten op die kouwe tegels, maar wel lekker dat-ie dan de kraan openzette, en dat je dan zo lekker kon pissen. ,,Goed zo jongen'', zei mijn vader dan. ,,Tjonge, wat een reuzenplas.'' En dat soort onzin. Precies weet ik het niet meer.

Ik doe dat nu ook, zelfs als ik lam of enigszins aangeschoten 's avonds thuiskom, dan zeg ik dat. ,,Tjemig wat een goeie plas is dat! Geweldig kibbel!''

Tegenwoordig loopt-ie zelf naar zijn bed, en dan zegt-ie nog wat, ik weet niet wat, en dan gaat-ie lekker liggen. Meestal kijk ik nog even naar hem.