Wielrennen

Rwanda is geen wielrenland. Rwandezen zijn, zoals de meeste Afrikanen, voetbalfanaten. Het wereldkampioenschap zorgde voor lege straten en grote opwinding, maar de Tour de France laat ze koud. Ze halen hun schouders op over een heldhaftige demarrage of een col van de buitencategorie.

Het is daarom des te opmerkelijker dat zondag het startschot wordt gegeven voor een heuse Tour de Rwanda. Equipes uit Ethiopië, Kenia, Burundi, Oeganda en Rwanda beginnen de eerste van tien etappes aan de grens met het in burgeroorlog verkerende Congo. De totale afstand is niet enorm, en het zijn dan ook niet de 1040 kilometers die de grootste uitdaging vormen. Maar: belabberde wegen, maniakale taxichauffeurs, loslopende geiten en het eeuwige gebrek aan reservemateriaal. Onder deze omstandigheden winnen ervaring en wijsheid het van atletisch vermogen. De nationale kampioenstitel wordt dan ook verdedigd door de vijftig jaar oude Bernard Nsengiyumva. Ook dit jaar is de veteraan favoriet voor de ruim duizend euro prijzengeld. Zijn belangrijkste rivaal reed vorige week een ravijn in.