DE AARDE WORDT SINDS 1998 WEER PLATTER, DOOR MAGMA OF EL NIÑO

Amerikaanse onderzoekers hebben ontdekt dat de afplatting van de aarde sinds begin 1998 weer aan het toenemen is (Science, 2 aug). Zij hebben dat afgeleid uit een vrij plotselinge verandering in het gravitatieveld van de aarde, zoals dat wordt opgemeten met behulp van geodetische satellieten. De afplatting van de aarde is weliswaar gering, 0,3 procent, maar veroorzaakt een duidelijk effect in de nauwkeurig gemeten beweging van zulke satellieten. Een plotselinge verandering van de afplatting betekent dat zich in korte tijd aan of in de aarde een grote hoeveelheid massa moet hebben verplaatst.

De afplatting van de aarde is in eerste instantie een gevolg van zijn aswenteling. Bij de evenaar draait alles wat sneller rond en is de mantel wat uitgerekt. Sinds 1980 laten laser-afstandsmetingen naar geodetische satellieten zien dat die afplatting heel langzaam maar zeker kleiner wordt. Die afname, 3 x 10 procent per jaar, kan grotendeels worden toegeschreven aan het vertraagde terugveren van de aardmantel sinds het einde van de laatste ijstijd, ongeveer 10.000 jaar geleden. Dit proces is natuurlijk niet opeens in 1998 gestopt, dus moet er iets zijn gebeurd dat deze trend (tijdelijk) overschaduwt.

De afplatting van de aarde kan ook veranderen door het smelten van poolijs, de Zuidpoolkap en gletsjers, door grootschalige veranderingen in de atmosfeer en door de getijdenwerking van de maan. Christopher Cox en Benjamin Chao hebben echter berekend dat de effecten hiervan te gering zijn om de gemeten verandering te kunnen veroorzaken.

Een proces dat wel in aanmerking komt is een grootschalige herverdeling van massa in de oceanen. De ommekeer in de trend van de afplatting vond juist plaats ten tijde van een zeer sterke El Niño, waneer in de Stille Oceaan een grote hoeveelheid water niet alleen evenwijdig aan de evenaar beweegt maar ook loodrecht hierop.

Een andere optie is dat de herverdeling van massa niet op aarde plaatsvond maar er in. De onderzoekers wijzen in dit verband op de eveneens in 1998 ontdekte abrupte verandering in de seculaire variatie van het magnetische veld van de aarde. De snelheid van de magnetische noordpool over het aardoppervlak nam binnen 12 maanden toe van 18 tot 20 kilometer per jaar. Zulke abrupte veranderingen worden door sommigen in verband gebracht met versnellingen van de magmabewegingen in het grensgebied van de vloeibare buitenkern en de vastere binnenmantel. En theoretisch onderzoek heeft al aangetoond dat zo'n herverdeling van massa in de aarde inderdaad tot een meetbare verandering in de afplatting zou kunnen leiden.