Irak: wapeninspectie toch bespreekbaar

Irak heeft de chef van het wapeninspectieteam van de Verenigde Naties, Hans Blix, uitgenodigd voor ,,technische gesprekken'' in Bagdad. De gesprekken moeten leiden tot mogelijke hervatting van de in 1998 afgebroken wapeninspecties.

De Amerikaanse regering, die nadenkt over een mogelijke aanval op Irak om het regime van president Saddam Hussein omver te werpen, heeft nog geen commentaar gegeven op het aanbod van Irak.

Bagdad eiste tot dusver dat de VN zich zouden buigen over herhaalde Amerikaanse aankondigingen het bewind van Saddam Hussein ten val te brengen. Verder zouden de in 1990 afgekondigde handelssancties moeten worden ingetrokken, in ruil voor de toelating van de wapeninspecteurs. De inspecteurs moeten toezien op de ontmanteling van Iraks massavernietigingswapens. Zij werden eind 1998 door de VN uit Irak teruggetrokken, vóór een vierdaags luchtoffensief door de VS en Groot-Brittannië. Irak, dat zegt geen massavernietigingswapens meer te hebben, zwoer toen de inspecteurs nooit meer toe te laten. In een brief aan VN-secretaris-generaal Kofi Annan schrijft de Iraakse minister van Buitenlandse Zaken, Naji Sabri, nu dat de wapeninspecteurs welkom zijn ,,op het snelst overeen te komen tijdstip''.

Waarnemers zeggen dat de Amerikaanse regering niet is af te brengen van het voornemen de Iraakse leider Saddam Hussein ten val te brengen. Met name minister van Defensie Donald Rumsfeld en zijn onderminister Paul Wolfowitz zijn fel gekant tegen de hervatting van wapeninspecties. Binnen de regering is verdeeldheid ontstaan over de manier waarop het Iraakse regime ten val moet worden gebracht.

Volgens The Washington Post zouden vooral vice-president Dick Cheney en minister Rumsfeld voor een agressieve aanpak zijn waarbij veel manschappen worden ingezet. Volgens hen vormt Saddam Hussein een serieuze dreiging en is haast geboden. Minister Powell van Buitenlandse Zaken en de directeur van de Amerikaanse inlichtingendienst, George Tenet, vragen zich af wat er in Irak moet gebeuren na de val van Hussein, aldus de krant. Ook hoge militairen zouden aarzelen een oorlog te beginnen.

Jordanië, buurland van Irak, probeerde gisteren de Amerikaanse regering ervan te overtuigen geen militaire campagne te ondernemen. Na een gesprek met president Bush noemde koning Abdullah een aanval op Irak ,,een enorme fout''. ,,In alle jaren in de internationale gemeenschap heb ik nog nooit zo'n slecht idee gezien'', zei Abdullah. In plaats van een oorlogsverklaring zou de internationale gemeenschap moeten zorgen dat Irak ook daadwerkelijk een VN-wapeninspectieteam toelaat, aldus de Jordaanse koning.

President Bush zei in een reactie dat hij zijn standpunt niet heeft veranderd. Volgens Bush is het Iraakse regime ,,verderfelijk''. ,,Het beleid van mijn regering is een verandering in het [Iraakse] regime.''