Een kerngeleerde ontdekt de wereld

Het is zomer 1949. Een Rus zit met vrouw en kind op zijn datsja, aan de Oktoberspoorlijn, ergens in de buurt van Moskou. Op het zandpad stopt een auto. Een keurige officier stapt uit en verzoekt hem mee te gaan naar een hoge ambtenaar in Moskou. Die geeft hem een briefje met een adres. Daar aangekomen ziet de Moskoviet een bord met `Groenten- en fruitdepot'. Binnen zit een bleke zenuwpees, die een pasje voor hem uitschrijft en hem een treinnummer opgeeft. De trein blijkt te beschikken over een privéwagon. Op een onbekend station stapt de Rus uit, er staat een auto klaar. Met gierende banden scheuren ze door duistere dorpen, waarbij een kip het leven laat. De auto stopt voor een groot hek met twee rijen prikkeldraad. Achter het prikkeldraad, naast een omvangrijk strafkamp, bevindt zich Het Object.

Is dit een scène uit de science fiction-film Stalker van Andrej Tarkovski?

Nee, dit is de aankomst van de 28-jarige atoomfysicus Andrej Sacharov in de geheime stad Arzamas-16 in de Oeral, waar hij achttien jaar werkte aan de Russische atoombom en aanverwante experimenten. Het is maar een van de vele bizarre gebeurtenissen in het leven van de kernfysicus. Van briljant maar obscuur geleerde, die in het diepste geheim werkt aan het militaire antwoord op de Amerikaanse atoombom, tot wereldberoemd lid van het eerste min of meer vrij gekozen Russische Volkscongres, dat langzaam maar zeker het communisme ten grave zou dragen.

Op 12 augustus 1953 – de machtsstrijd na de dood van Stalin was nog in volle gang – was Sacharov getuige van de eerste proef met de eerste Russische waterstofbom. Uit het testgebied in Kazachstan waren op het laatste nippertje nog snel ettelijke tienduizenden Kazachen gedeporteerd – men had even niet gedacht aan de risico's voor de plaatselijke bevolking. Sacharov werkte met overgave en vol patriottisme mee aan het Russische kernwapenprogramma en het duurde lang voor hij vraagtekens begon te plaatsen bij de gevaren en de enorme aantallen slachtoffers van een kernoorlog.

Het is het bekende verhaal van de wereldvreemde geleerde die zich te laat rekenschap geeft van de gevolgen van zijn ontdekkingen. Sacharov en zijn collega's leidden op Het Object dan ook een zeer afgezonderd leven. Niet alleen woonden ze pal naast een strafkamp – zijn eerste indrukken van Arzamas waren rijen gevangenen met bewakers met herdershonden die op Het Object dwangarbeid verrichtten –, ze zaten zelf eigenlijk ook achter slot en grendel. Ze mochten zelfs hun familie niet zomaar bellen. Er zat weinig anders op dan je op je werk storten. Tegelijkertijd waren ze, juist door hun isolement en hun enorme betekenis voor het landsbelang, geestelijk totaal vrij.

Heel geleidelijk aan begon Sacharov tekenen van afvalligheid te vertonen. Zijn kritische kanttekeningen werden weggewuifd, zijn bezwaren tegen nodeloze kernproeven gebagatelliseerd. Sacharov ging brieven schrijven ter verdediging van mensen die in conflict waren gekomen met het systeem. Men zag het – de destalinisatie van Nikita Chroesjtsjov was in volle gang – goedmoedig door de vingers. Maar zijn, tweede, huwelijk met Elena Bonner bracht hem voorgoed in het kamp van de oppositie. De rest is bekend: Sacharov bezocht processen tegen dissidenten, zocht steeds openlijker contact met westerse correspondenten, werd met Bonner verbannen naar de voor buitenlanders gesloten stad Gorki (tegenwoordig weer herdoopt tot Nizjny Novgorod), kreeg de Nobelprijs, werd belasterd in de sovjetpers, afgeluisterd, geïntimideerd en bedreigd.

Toen Gorbatsjov aan de macht kwam, keerde het tij. Sacharov mocht terug naar Moskou, waar hij zich, zoals zoveel intellectuelen tijdens de perestrojka, op de actieve politiek stortte. Hij stierf uiteindelijk in het harnas, op 14 december 1989, kort nadat hij op het Tweede Volkscongres een politieke nederlaag had geleden. De schok was groot: tienduizenden trokken langs zijn opgebaarde lichaam. Het geweten van de natie was dood.

Je kunt je een saaiere hoofdpersoon voor een biografie voorstellen. Toch stelt Richard Lourie's biografie teleur. Het boek is vlot geschreven, uitvoerig, en het biedt de lezer alle historische context die hij hebben wil, maar het leunt zwaar op de omvangrijke hoeveelheid toch al beschikbare bronnen. Vooral de memoires van Sacharov zelf – destijds ook door Lourie vertaald – en van Elena Bonner zijn goed benut. Lourie heeft veel gelezen; toch krijg je de indruk dat hij weinig eigen onderzoek heeft gedaan. Hij heeft niet of nauwelijks gesproken met de familie, met de vrienden en collega's van Sacharov, en citaten worden zelden verantwoord.

Wat blijft verbazen is hoe lang het duurde voor Sacharov zich realiseerde dat zijn werk tienduizenden slachtoffers kon kosten. Hij stelt het op een gegeven moment wel vast, maar het is net of de betekenis van die constatering niet echt tot hem doordringt. Hoe dachten zijn collega's daarover? Hoe verklaren die achteraf zijn oorspronkelijke patriottisme? Ook de moeizame verhouding met zijn kinderen, die nogal eens te lijden hadden onder zijn botsingen met het regime, komt niet uit de verf. Uit niets wordt duidelijk dat Lourie heeft gesproken met de kinderen van Bonner, met wie Sacharov juist weer wél een goede band had.

Nieuw voor mij waren de citaten van KGB-chef Andropov, waaruit blijkt hoezeer de autoriteiten met Sacharov in hun maag zaten. Hij was te beroemd om hem naar een strafkamp te sturen. Omdat hij alle atoomgeheimen kende, durfden ze hem niet het land uit te gooien, zoals ze met Aleksandr Solzjenitsyn hadden gedaan. Het enige wat erop zat was hem pesten en isoleren in Gorki. Dit toont aan hoe zwak het regime toen al in zijn schoenen stond.

Over Sacharovs latere, omstreden politieke carrière kom je niet veel nieuws te weten. Hij was een rechtlijnige man en elke tactiek was hem vreemd. Compromissen sluiten in het politieke machtsspel met Gorbatsjov was hem niet gegeven en ook daarover had je zijn naaste collega's willen horen. Op de dag voor zijn dood, op 14 december 1989, pleitte hij tevergeefs voor afschaffing van het beruchte artikel 6 van de grondwet, dat de leidende rol van de communistische partij in de Sovjet-Unie vastlegde. Het werd een cruciaal debat dat ik gefascineerd en met zweet in de handen heb gevolgd. Sacharov werd weggehoond door zijn agressieve tegenstanders en Gorbatsjov was woedend dat hij de zaak zo nodeloos op de spits dreef.

Een paar maanden later zag Gorbatsjov kans het gewraakte artikel op tactisch briljante wijze te elimineren en kreeg Sacharov postuum zijn zin. Eigenlijk werkten Sacharov en Gorbatsjov aan hetzelfde doel: de afschaffing van het communisme, al was dat misschien nog niet helemaal tot de sovjetleider doorgedrongen. Na zijn aftreden heeft Gorbatsjov zich altijd met het grootste respect over Sacharov uitgelaten. Over de politieke en persoonlijke schermutselingen tussen die twee mastodonten wil je veel meer lezen.

Sacharovs levensloop toont maar weer eens aan dat de rol van het individu in de geschiedenis niet onderschat moet worden. Net als Gorbatsjov was hij `de juiste man op de juiste plaats'. En al was Sacharovs rol symbolischer dan die van Gorbatsjov, zijn moed en rechtlijnigheid waren een voorbeeld voor velen. Dat bleek tijdens zijn indrukwekkende begrafenis, die niets weghad van het gratuite volksverdriet dat tegenwoordig in Nederland mode is geworden.

Twee Russische dissidenten hebben een belangrijke rol gespeeld bij de ondermijning van het sovjet-systeem: Andrej Sacharov en Aleksandr Solzjenitsyn. Ze vertegenwoordigen de klassieke Russische tegenstelling tussen westerlingen en slavofielen. Beiden begonnen als patriot. Sacharov ontwikkelde zich tot de westers georiënteerde wetenschapper van het vooruitgangsdenken, de optimist die bleef geloven in de maakbaarheid van de samenleving en de toekomst van Rusland. De vroegere frontsoldaat Solzjenitsyn ontpopte zich als een conservatieve historicus, die er heilig van overtuigd was dat alle slechtheid, alle normloosheid en bandeloosheid nu juist uit het buitenland in Rusland was geïmporteerd. Sacharov kroop uit de beslotenheid van het wetenschappelijke establishment naar buiten en ontdekte de wereld, Solzjenitsyn trok zich met het klimmen der jaren steeds verder terug in zijn zelfgekozen isolement. Sacharov stierf in het harnas, temidden van de politieke turbulentie van de ontwaakte natie, Solzjenitsyn heeft zich na zijn terugkeer uit zijn ballingschap in Amerika opnieuw teruggetrokken in zijn ivoren toren, en werkt gestaag door aan zijn onleesbare slavofiele visie op de Russische geschiedenis.

Het is raar om te moeten constateren dat met het aantreden van Vladimir Poetin, die als ex-KGB-functionaris door Sacharov nooit zou zijn vertrouwd, de westerlingen in Rusland het pleit weer even lijken te hebben gewonnen.

Richard Lourie: Sakharov. A Biography. Brandeis University Press, 465 blz. €41,50