Dagboek van een schaap

Hoe laat je een professionele belegger blozen? Vraag eens wat de gemiddelde tijd is dat een aandeel in portefeuille wordt gehouden. Die is in veel gevallen korter dan zes maanden.

De portefeuille wordt niet zonder reden regelmatig omgeploegd. In de jaren negentig is de beleggingsindustrie geïnfecteerd door het `index-beleggen'. De markt wordt voor een groot deel gekopieerd in de beleggingsportefeuille om met de resultaten niet te veel uit de pas te lopen. Het schakelt een deel van de hersenfunctie uit bij beleggingsbeslissingen. De inzichten en expertise van de geldbeheerder worden doorgaans losgelaten op slechts een kwart of minder van het beheerd vermogen.

De gevolgen voor de beurzen zijn aanzienlijk. Het continue gesleutel aan beursgraadmeters vertaalt zich in kapitaalverhuizingen op de automatische piloot. Shell en Unilever weten sinds deze maand hoe ingrijpend het schaduwen van een index kan zijn. De ondernemingen werden onlangs uit de invloedrijke S&P; 500-index gegooid. Topman J. van der Veer van Shell noemde het gisteren een `mokerslag'.

De bestuurders hielden er rekening mee dat 10 procent van de aandeelhouders van Koninklijke Olie de Amerikaanse index volgt. In de veertien handelsdagen tussen aankondiging van het nieuws en verwijdering uit de index werd echter eenderde van het uitstaande kapitaal van Koninklijke Olie verhandeld, vijf keer zoveel als normaal. Kennelijk bestaan er ook nog stiekeme indexvolgers of maken beleggers er een hobby van om het gedrag van indexvolgers te volgen.

Shell constateert dat de schade beperkt is, kijkend naar de AEX-index. Maar de bestuurders hadden beter naar hun rivalen als Exxonmobil en BP kunnen kijken. Die deden het in de bewuste periode ten minste 10 procent beter dan Shell, een verschil dat niet verklaarbaar is door kleine schommelingen van het Britse pond of de dollar. Shell verloor in juli 27 procent, Exxonmobil 17 procent en BP 14 procent.

Het kostte het concern Shell meer dan 30 miljard euro. En de Shell-bestuurders voelen de pijn in de opties die zij krijgen. Zo'n 10 miljard euro waardevernietiging lijkt op het conto van de indexwijziging te komen, een wijziging die niets te maken heeft met de resultaten en vooruitzichten van de onderneming. Die zijn niet veranderd.

Alleen de particulier heeft de luxe zich te kunnen onttrekken aan de indexterreur en zijn beleggingsbeslissing louter te baseren op fundamenten. Het biedt weinig hoop voor slachtoffers van het kuddegedrag. Want juist de particulier, de gezonde tegenkracht van de indexbelegger, laat zich nauwelijks zien op de huidige beurs.