VVD schendt regel Kamer

Oud-ministers voeren in de Kamer niet het woord over hun oude vakterrein. De VVD wijkt voor Van Aartsen van deze regel af. Om het dualisme te dienen.

Het nieuwe Tweede-Kamerlid Van Aartsen (VVD), tot voor kort minister van Buitenlandse Zaken, schrijft geschiedenis. Na het zomerreces zal hij de degens kruisen met zijn opvolger op het ministerie, De Hoop Scheffer (CDA). Van Aartsen wordt voor de VVD woordvoerder Buitenlandse Zaken, terwijl een informele regel voorschrijft dat voormalige bewindslieden in de Kamer een ander vakterrein moeten kiezen.

De regel geldt omdat het in politiek Den Haag niet fair wordt geacht een Kamerlid dat net de scepter heeft gezwaaid op een departement, in debat te laten gaan met zijn veel minder ervaren opvolger. Ook tegenover collega-Kamerleden zou zo'n oud-minister een enorme voorsprong in kennis bezitten. Ook kan een oud-minister als woordvoerder zelf in verlegenheid worden gebracht.

De VVD breekt nu met deze ongeschreven regel. ,,We willen een frisse start maken met een veel dualistischer benadering'', zegt VVD-Kamerlid en fractiesecretaris Rijpstra. In dat streven past het om een Kamerlid met veel kennis van zaken te plaatsen tegenover een minister. ,,We willen een zo goed mogelijk profiel in de Kamer krijgen'', aldus Rijpstra.

De PvdA, de enige andere partij met oud-bewindslieden in de Kamer, heeft op een bijeenkomst in het Noord-Hollandse Bergen in juni afgesproken de hand te houden aan de oude, ongeschreven regel. ,,We vinden het niet gewenst van de regel af te wijken. Je moet daarvoor wel heel zwaarwegende redenen hebben'', zo laat PvdA-vice-fractievoorzitter Duivesteijn via een woordvoerster weten. De sociaal-democraten verdelen hun portefeuilles pas in september.

Een CDA-woordvoerder stelt dat ook zijn partij zich liever aan de traditie houdt. ,,Maar het is niet zo dat we hierover de wenkbrauwen hebben gefronst. Het staat de VVD vrij om te doen wat ze zelf wil.''

De VVD schendt de regel alleen in het geval van Van Aartsen en niet voor andere oud-bewindslieden. Oud-minister Jorritsma (Economische Zaken) gaat Sociale Zaken doen, Zalm (Financiën) is fractievoorzitter geworden, De Grave (Defensie) is nu vice-fractievoorzitter. Oud-staatssecretaris De Vries (Binnenlandse Zaken) doet Europa en Defensie, Van Hoof (Defensie) krijgt Economische Zaken en De Vries (Verkeer en Waterstaat) behandelt de portefeuille Onderwijs.

Het lijkt een rol te hebben gespeeld dat Van Aartsen zelf een sterke voorkeur had voor de portefeuille Buitenland. In besloten kring maakte hij er geen geheim van weinig te voelen voor iets anders. Ook een ministerschap op een ander departement dan Buitenlandse Zaken liet hij, naar verluidt, liever aan zich voorbijgaan.

De ongeschreven regel is overigens van betrekkelijke waarde. Het is geen geheim dat veel oud-bewindslieden in de fractie, ook al zijn ze formeel geen woordvoerder meer voor hun partij, toch hun partijgenoot voor debatten van alles influisteren om het de nieuwe bewindspersoon lastig te maken. ,,Dat is nou precies de beroemde achterkamertjespolitiek, waarvan we af wilden'', aldus Rijpstra. Hij erkent overigens dat er ook bepaalde risico's aan deze aanpak kleven. Zo is het in theorie mogelijk dat Van Aartsen in verlegenheid komt door kwesties die al tijdens zijn ministerschap speelden. Anderzijds kan hij zich als woordvoerder daar dan rechtstreeks tegen verweren.

De Hoop Scheffer kan Van Aartsen overigens weinig verwijten. Hij werkte tot hij in 1986 in de Kamer kwam als persoonlijk secretaris van de minister van Buitenlandse Zaken en wist zo bijna evenveel als de bewindsman zelf.