Minnen en sterven in ranzige slaapkamers

Een diaprojector op een kruk, een fles Lipton Ice Tea, een witte papieren beker, brandende sigaret in asbak en nog een lege asbak. Een opeenhoping van allemaal ronde voorwerpen die het zicht benemen op datgene waar het over zou moeten gaan: een naakte vrouw die een man berijdt. We zien haar bovenlichaam van achteren, de punt van haar blote voet is een vreemde lichte vlek over de rand van het bed onder de kruk. Beiden kijken naar links, ze worden afgeleid door iets wat wij niet kunnen zien. De vrouw vaag geschilderd, out of focus. De bovenste helft van het doek, waar de man en vrouw zich bevinden, baadt in een licht dat van rechts valt door een onzichtbaar raam. In de donkere onderste helft staat een grote zwarte diacarrousel die het beeld domineert. Zijn boze oog is schuin naar ons gericht

De titel van dit raadselachtige schilderij van de Amerikaanse schilder Eric Fischl is The Bed, The Chair, Projection (2001, ca. 182 x 228 cm). De schilderkunst van Fischl is van een duizelingwekkende virtuositeit. Kijk hoe hij het witte laken en hoofdkussen heeft geschilderd van het beslapen bed in een andere slaapkamerscène, Slumber Party (1983). Allerlei witte lakens uit de schilderkunst komen in gedachten voorbij, van Zurbaran en Goya tot Cézanne. Maar het laken van Fischl refereert niet alleen aan de geschiedenis van de schilderkunst, het is ook nieuw en van hém, zoals het pseudo-slordig in transparante vegen op het doek is gezet.

Fischl is veel meer dan alleen virtuoos. Hij is de chroniqueur van het benauwende, ranzige leven van de middenklasse in de Amerikaanse suburbs. Fischl gluurt naar vrouwen en masturberende adolescenten, en maakt ons medeplichtig. Het is Projection in meer dan een betekenis van het woord. Hij kent deze wereld, want hij groeide er zelf in op, met een alcoholische moeder in een keurig protestants milieu: ,,Binnenhuis was alles beangstigend en gewelddadig en vuil en walgelijk. Maar buiten, dat was geschoren gazons, netjes gestreken kleren en op tijd naar school''. In Slumber Party wordt het naakte lichaam van een jongen beschenen door het koude licht van de televisie. Achter hem trekt een ongeveer dertienjarig meisje haar slipje weer aan. Het seksspel is voorbij, het is tijd voor de tv. Op het televisietoestel staat een beeldje met een januskop, het werpt levensgrote schaduwen op de schuine wand van de zolderkamer, en een zilverig maanlicht beroert de witte vitrages. Fischls schilderijen hebben vele betekenislagen, ze zijn tegelijkertijd weerzinwekkend en weergaloos goed.

Fischl is helaas zelden in Europa te zien. Drie doeken hangen nu in het Kunstmuseum in Luzern (Zwitserland), op de tentoonstelling Twaalf slaapkamerverhalen die een merkwaardig, onevenwichtig geheel is. Er is ondermeer een aantal theatrale kitsch-installaties van Louise Bourgeois te zien, een van de meest overschatte kunstenaars van onze tijd; de beroemde serie tekeningen en schilderijen die Ferdinand Hodler maakte van zijn stervende maîtresse Valentine Godé-Darel (1914/1915); de 70 minuten durende film Bed Peace die de bed-in van Yoko Ono en John Lennon in Montreal, 1969, documenteert. Ook is er een houten replica van een ijzeren ledikant van Robert Gober te zien, en een prachtige slaapkamerinstallatie van David Reed.

Met de Intra-Venus Series registreerde Hannah Wilke (New York, 1940-1993) haar eigen ziekte en sterfbed. In haar hele oeuvre, bestaande uit performances en fotowerken, is Wilke zelf de hoofdpersoon. Haar werk thematiseert het verschijnsel van de persoonlijkheidscultus en is een reflectie op de wijze waarop in onze cultuur de vrouw wordt afgebeeld.

In Luzern hangt een vroege foto waarop zij languit en wellustig in de tijgervel-slaapkamer van Claes Oldenburg op de grond ligt. ,,I think people would rather buy me than my art'', zei Wilke in een interview in 1978. Ze refereert in haar werk aan de kunstenaars Warhol en Beuys, die zij persoonlijk kende; de Beuys-hoed was een van haar attributen.

Een logische einde van haar kunstenaarsschap was dat zij ook haar eigen dood registreerde - ze stierf aan kanker - in samenwerking met haar partner, Donald Goddard. Ze bewerkstelligen het tegenovergestelde van de schilderijen van Fischl: hier wil je niet naar kijken, maar je moet. Wilke kijkt de beschouwer aan, maar ziet zichzelf. Ze observeert wat de ziekte met haar lichaam doet, en op de laatste foto's kijkt ze de dood recht in de ogen.

Tentoonstelling: Another World, twaalf slaapkamerverhalen. Kunstmuseum Luzern (Zwitserland). Met o.a. Robert Gober, Pippilotti Rist, Mona Hatoum en David Reed. Tot 29 september. Dizo 10-17 uur, wo/do tot 20 uur. Inl. www.kunstmuseumluzern.ch