16 Horsepower

Op Folklore, de nieuwe plaat van 16 Horsepower, klinkt zanger David Eugene Edwards vaak als Nick Cave. Dat betekent dat zijn vroegere maniakale uithalen zijn vervangen door een gekwelde, introvertere toon. Alsof de menselijke zonden nu zo zwaar drukken dat ze hem letterlijk de adem benemen. Ook de begeleiding is bij deze ingetogen stijl aangepast. Edwards, Jean-Yves Tola en Pascal Humbert versieren het onderaards rommelende gestrijk over cello-snaren met een enkele eenzame pianonoot of een koor van brommende mannenstemmen. Slechts in enkele liedjes komen nog de akoestische gitaren voor die zo opgewekt tokkelen als galopperende paarden.

Folklore is een kort bezoek van 16 Horsepower aan de folk-tradities rond de wereld. Vroeger putten ze vooral uit de eigen Amerikaanse folk-traditie, zoals bergmuziek uit de Appelachen. In 37 minuten behandelen ze een Hongaars volksliedje, een nummer van The Carter Family en een van Hank Williams, een Tuva-traditional (Mongolië), een mazurka en nog wat eigen nummers. Maar uit welke windstreek hun liedjes ook stammen, altijd klinken ze eigen en stemmig.

Deze minimalistische aanpak past 16 Horsepower net zo goed als de woestere stijl van hun eerdere platen. Onheilspellend, gejaagd en demonisch klinkt 16 Horsepower nog altijd. Maar voor het eerst spreekt er ook iets anders uit de prachtige liedjes: berusting.

16 Horsepower. Folklore (GRCD 560)