Consultants trots op `hun' minister

Aart Jan de Geus, de nieuwe minister van Sociale Zaken, is niet de eerste consultant die op het hoogste politieke pluche belandt. Spint een advieskantoor garen bij een `geleverde minister' of juist niet?

Bij het Amstelveense adviesbureau Boer & Croon heerste vorige week een jubelstemming. Aart Jan de Geus, sinds 1998 partner bij het onderdeel corporate strategy, maakte toen intern bekend de landspolitiek te gaan dienen als minister van Sociale Zaken & Werkgelegenheid. ,,Daar zijn we heel verguld mee'', zegt Jos Staatsen, bestuursvoorzitter van Boer & Croon.

Het advieskantoor, waar 300 mensen werken, levert voor het eerst in zijn 29-jarig historie een minister. Maar van een primeur voor het land is geen sprake. Pieter Winsemius van McKinsey ging De Geus voor. Hij trad in 1982 aan in het kabinet Lubbers I als minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu. En ook Hans Wijers werd in 1994 als consultant van The Boston Consulting Group naar Den Haag geroepen om het departement Economisch Zaken te leiden.

Het `leveren' van een minister levert de adviesbureaus prestige en kortstondig enige free publicity op. Op feestjes koketteren de medewerkers graag met hun collega die op het hoogste politieke pluche is beland. En ook bij menig klant wordt het ministerschap van de partner graag geventileerd.

Maar levert het meer op dan erkenning en publiciteit? Zoals extra inkomsten bijvoorbeeld door opdrachten van de overheid? Jos Staatsen van Boer & Croon is nuchter. ,,Integendeel. Ik denk dat het vertrek van De Geus ons eerder inkomsten kost. Hij was een goede partner die waardevolle opdrachten binnenhaalden uit met name de overheidssector. Maar de banden met ons heeft hij nu moeten doorsnijden. Om alle schijn van belangenverstrengeling te voorkomen.''

Ook The Boston Consulting Group (BCG) is gematigd over het effect van Wijers die na zijn ministerperiode in 1998 weer terugkeerde naar de Baarnse consultant. ,,Wij werken voornamelijk voor multinationals en financiële instellingen. Overheidsopdrachten doen we niet tot nauwelijks. Dus Wijers bracht geen werk voor ons mee'', zegt marketingmanager Vie Blonk. Aan de andere kant, zegt Blonk, heeft Wijers voor ,,meer profiel van ons kantoor'' gezorgd.

Maar Wijers is ruim drie weken geleden vertrokken naar Akzo Nobel om daar warm te lopen voor het voorzitterschap van het verf- en farmabedrijf. En het is duidelijk dat binnen BCG er op dit moment niemand voor handen is van het kaliber Wijers. Hetzelfde euvel heeft McKinsey. Winsemius is in mei met pensioen gegaan. Wel heeft hij als oud-partner nog een kamer bij het adviesbureau.

Een fraai staaltje van politieke verwevenheid en advies laat Roland Berger zien. De naamgever en oprichter van dit Duitse advieskantoor – sinds een halfjaar ook in Nederland gevestigd – is de meest invloedrijke consultant van Duitsland. Berger adviseert niet alleen Edmund Stoiber, samen met Gerhard Schröder de kanselierskandidaat, maar ook deelstaten, steden en non-profitorganisaties. Maar ook de top van het Duitse bedrijfsleven zoals Lufthansa en DaimlerChrysler hangt aan zijn lippen.

Maar Peter Mensing, directeur van de Nederlandse vestiging van adviseur Booz Allen & Hamilton, heeft zijn bedenkingen over `politiek actieve adviseurs'. ,,Sommige bestuursvoorzitters van bedrijven vinden het niet prettig om aan tafel te zitten met een consultant die een uitgesproken politiek profiel heeft. Het kan dus ook nadelig werken.''

Een voorbeeld daarvan is Marnix van Rij, die vorig jaar een geruchtmakend conflict kreeg om het politieke leiderschap bij het CDA maar daarin het onderspit delfde. Van Rij werkt als partner bij de fiscale maatschap van accountants- en adviesconcern Ernst & Young Nederland. Maar de zakelijke dienstverlener wil niet spreken van ,,schade door het toedoen van Van Rij.'' ,,Althans, voor zover wij kunnen nagaan. We weten nooit wat klanten precies denken'', zegt een woordvoerder.

Booz Allen & Hamilton, na McKinsey en The Boston Consulting Group, in grootte de derde strategische adviseur van Nederland, mist een gezicht zoals Wijers of Winsemius hebben. Directeur Mensing van Booz vindt het te ver gaan dat het bureau zo iemand mist. ,,Maar het is natuurlijk duidelijk dat dit soort mensen na een ministerschap een enorm netwerk meeneemt.''

Het roept de vraag op of De Geus daarom straks kan terugkeren bij Boer & Croon, net zoals Wijers en Winsemius weer de nestwarmte van hun voormalige werkgevers opzochten. Maar Staatsen zegt dat een terugkeergarantie onmogelijk is. ,,Dat verhoudt zich niet tot de onafhankelijkheid van de minister. Het kan niet en het mag niet.''

    • Mark Houben